Advies 521
Het lijkt weinig confraterneel om van elke confrater die men per e-mail aanschrijft een ontvangstmelding te vragen. Voorts is het een weinig efficiënte manier van werken. Het kan weliswaar in bepaalde gevallen wel nuttig zijn om een ontvangstbevestiging te vragen teneinde zeker te zijn dat de tegenstrever de inhoud van de brief daadwerkelijk heeft gelezen.
Advies 523
Artikel I.2.5.3 van de Codex Deontologie voor Advocaten - een advocaat mag zich niet zelf als leidinggevende van de uitvoerende- of wetgevende macht, noch zijn kantoor, aanwijzen om als advocaat op te treden voor deze uitvoerende- dan wel wetgevende macht, meer specifiek voor het departement waarvan de betrokken advocaat de leiding heeft of wanneer hij medewerker is van de leidinggevende persoon.
Advies 524
Er zijn geen deontologische bezwaren tegen het aanwenden van nieuwe technologieën zoals ‘WeTransfer’; wel moeten misbruiken worden tegengegaan.
Advies 520
Artikel III.5.3.1. van de Codex Deontologie voor Advocaten bepaalt dat geluidsregistratie noch beeldregistratie kunnen zonder de voorafgaande verwittiging van de betrokken personen. De ratio legis van deze tekst is de “fair trial”: een advocaat verrast geen anderen, noch confraters, noch partijen noch derden. Het verbod is ook gegrond op de plicht tot kiesheid - de vraag naar het gebruik van geluidsopnames en/of beeldmateriaal met voorafgaandelijke kennisgeving behoort tot het bewijsrecht.
Advies 519
1. De datum van opname op het tableau wordt door de Codex niet geregeld. Wanneer men (na een eerdere weglating) geen verzoek heeft gedaan tot inschrijving op de vroegere plaats, is het wellicht de datum van de nieuwe inschrijving, met name vanaf de eerstvolgende raad.
2. De (volledige) naam waaronder de advocaat is ingeschreven in het bevolkingsregister, de naam waaronder ze haar diploma heeft behaald, de naam waaronder ze ingeschreven is in het KBO en de persoon aan wie akte werd verleend van de eed van advocaat, moet hetzelfde zijn. Onder deze identiteit moet het beroep uitgeoefend worden. Een andere naam kan niet gebruikt worden.
Advies 517
Deontologisch kan een advocaat zich niet laten bijstaan door een kantoorgenoot in een private aangelegenheid - artikel I.2.4.1 van de Codex Deontologie voor Advocaten; ratio legis: advocaat beschermen tegen de mogelijks negatieve houding van kantoorgenoten bij de behandeling van een zaak die niet loopt zoals deze laatstgenoemde personen, die zijn cliënten zijn, het wensen c.q. hadden verhoopt
Advies 518
Deontologisch kan een advocaat niet voor zijn broer optreden als advocaat - artikel I.2.1.2 van de Codex Deontologie voor Advocaten; ratio legis: advocaat beschermen tegen de mogelijks negatieve houding van naaste familieleden of samenwonende partners bij de behandeling van een zaak die niet loopt zoals deze personen, die zijn cliënten zijn, het wensen c.q. hadden verhoopt - geen onderscheid tussen ‘gevoelige zaken’ en ‘neutrale zaken’. Elke zaak kan in zich de kiem dragen van een gevoelige zaak, zonder dat men dit noodzakelijk vooraf goed kan inschatten - gelet op de familiale band kan niet uitgesloten worden dat een advocaat met een bepaalde (voor zijn familie) gunstige vooringenomenheid de zaak onderzoekt en aldus misschien negatieve aspecten van de zaak onvoldoende kenbaar maakt aan de familie-cliënt.
Advies 516
Een stagemeester wijzigt zijn hoofdkantoor in een bijkantoor - artikel V.3.1.1, alinea 2 van de Codex Deontologie voor Advocaten is niet van toepassing, wel afdeling II.1.2 en II.1.4. - er is geen bepaling die voorschrijft dat de stagemeester enkel een stagiair kan aannemen op zijn hoofdkantoor - indien de stagemeester effectief nooit meer aanwezig is in zijn bijkantoor en derhalve niet beschikbaar is voor zijn stagiair, kan dit een reden zijn om tussen te komen. De tussenkomst behoort dan zowel naar de stagiair toe te zijn door hem te wijzen dat hij een effectieve stagemeester moet hebben en t.a.v. de stagemeester dat hij bij gebreke aan het vervullen van zijn taken als stagemeester niet langer op de lijst van de stagemeesters zal kunnen blijven vermeld staan.
Advies 514
De Codex Deontologie voor Advocaten kent geen deontologisch verbod m.b.t. het optreden voor een onderneming waarvan een naast familielid of een persoon waarmee de advocaat samenwoont, zaakvoerder is. Er moet ook rekening gehouden worden met de onafhankelijkheid.
Advies 515
De OVB heeft geen specifieke richtlijnen m.b.t. het al dan niet volledig opnemen van de achternaam op het briefpapier omdat de familienaam wettelijk geregeld is - de (volledige) naam waaronder de advocaat is ingeschreven in het bevolkingsregister, de naam waaronder ze haar diploma heeft behaald en de naam waaronder ze ingeschreven is op de lijst van stagiairs van de Orde van Advocaten, is de naam die ook op het briefpapier moet worden vermeld.
Advies 513
Optreden voor meerdere personen – aan de voorwaarden van artikel I.2.3.1. van de Codex Deontologie voor Advocaten is in casu niet voldaan: advocaat kan niet verder optreden.
Advies 508
De activiteiten van een vastgoedmakelaar zijn volgens het economisch recht daden van koophandel en dus onverenigbaar met het beroep van advocaat – geen reglementair kader betreffende de activiteit advocaat-vastgoedmakelaar.