Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 519

1. De datum van opname op het tableau wordt door de Codex niet geregeld. Wanneer men (na een eerdere weglating) geen verzoek heeft gedaan tot inschrijving op de vroegere plaats, is het wellicht de datum van de nieuwe inschrijving, met name vanaf de eerstvolgende raad.

2. De (volledige) naam waaronder de advocaat is ingeschreven in het bevolkingsregister, de naam waaronder ze haar diploma heeft behaald, de naam waaronder ze ingeschreven is in het KBO en de persoon aan wie akte werd verleend van de eed van advocaat, moet hetzelfde zijn. Onder deze identiteit moet het beroep uitgeoefend worden. Een andere naam kan niet gebruikt worden.

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Deel dit artikel

Vraag

Mevrouw X is in 2003 haar stage begonnen aan balie A. In 2007 is ze overgestapt naar balie B, waar ze na 3 maanden werd opgenomen op het tableau. Op 2 maart 2009 werd ze weggelaten. Daarenboven werd zij 3 maanden geschorst. Deze tuchtsanctie ging in kracht van gewijsde op 2 januari 2009.

Mevrouw X heeft op 10 juni 2014 haar opname op het tableau van de Orde van Advocaten te A gevraagd. De raad van de Orde heeft op 18 november 2014 dit verzoek verworpen. Tegen deze beslissing heeft mevrouw X beroep aangetekend bij de tuchtraad van beroep. Deze heeft op 10 maart 2015 het beroep gegrond verklaard, zodat de beslissing van de raad van de Orde van de balie van A werd vernietigd.

Volgende vragen rijzen:

1. Vanaf welk ogenblik moet mevrouw X opgenomen worden op het tableau?;

2. Met welke rang moet zij opgenomen worden (is dit de eerste datum van opname op het tableau of de datum van het huidig verzoek?)?;

3. Wat met de schorsing? Er zou reeds 2 maanden van de schorsing volbracht zijn, zodat nog 1 maand schorsing loopt. Vanaf wanneer gaat deze in?;

4. Mevrouw X vraagt om opgenomen te worden onder de naam van haar echtgenoot, die hiermee akkoord gaat. Onder welke naam moet mevrouw X opgenomen worden op het tableau?


Advies

1.

De eerste vraag werd deels beantwoord door het Hof van Cassatie in het arrest van 25 maart 2011. Ik laat u dit arrest als bijlage.

Voormeld arrest stelt dat de retroactieve inschrijving niet kan. Hoewel het een ander beroep betreft, komt het mij voor dat in deze dezelfde beginselen gelden.

Wat het concrete geval betreft rijst de vraag of u ter zake schriftelijke conclusies heeft genomen en of u overweegt cassatieberoep aan te tekenen. Daarnaast rijst ook de vraag of de Procureur-generaal schriftelijk of mondeling (zoals gebruikelijk) geadviseerd heeft.

Indien er geen geschreven argumenten zijn, noch van uw kant, noch van de kant van de Procureur-generaal dan is mijns inziens de sententie in cassatie niet aanvechtbaar. Er lijkt mij immers geen enkele rechtsregel geschonden te zijn, noch verkeerd geïnterpreteerd.

In deze veronderstelling is de onmiddellijke inschrijving het gevolg van de sententie. De datum van opname wordt door de Codex niet geregeld. Wanneer men geen verzoek heeft gedaan tot inschrijving op de vroegere plaats komt het mij voor dat het de datum is van de inschrijving in uitvoering van de sententie, met name uw eerstvolgende raad.

2.

De vraag van de schorsing stelt zich niet, tenzij er cassatiegronden zijn (zie hoger). In voormeld geval zou ik u dank weten mij uw conclusie c.q. nota te willen overmaken die u ter zitting van de Raad van Beroep zou hebben neergelegd.

Indien er geen conclusie c.q. nota is, stelt de Raad van Beroep vast onder nr. 3 blz. 3: “X heeft de sanctie, haar opgelegd bij beslissing d.d. 11.12.2008, nl. een schorsing gedurende een periode van 3 maanden, ondergaan.”

De door u geschetste hypothese van een beperkte uitvoering van 2 maanden is door een authentieke akte tegengesproken.

3.

Wat uw vraag betreft aangaande het gebruik van de naam van de echtgenoot van mevrouw X, hangt het antwoord af van de bijkomende onderzoeksdaden waarvan ik u uitnodig deze te stellen:

1. Aan wie werd het diploma in de rechten afgeleverd?

2. Onder welke naam is mevrouw X ingeschreven in het KBO?

3. Onder welke naam is zij ingeschreven op de burgerlijke stand?

4. Aan wie (opgave van naam in het proces-verbaal van het hof van beroep) is er akte verleend van de eed van advocaat?

In de APR-uitgave “Naam” staat onder nr. 27: 

“de familienaam is het deel van de naam waardoor familieleden zich onderscheiden van andere families. De familienaam wordt dan het juridisch en sociaal-psychologisch onderscheidenheidsteken van diegenen die het recht hebben deze familienaam te dragen. Aldus bepaalt hij mede de staat van de persoon. Hij raakt de openbare orde en is daarom onverjaarbaar en onbeschikbaar. Hij is tevens verplicht, onveranderlijk en ondeelbaar”

In beginsel moeten die identiteiten dezelfde zijn en moet onder deze identiteit het beroep worden uitgeoefend. Een andere naam kan niet gebruikt worden.


Jacques Van Malleghem

Bestuurder departement deontologie

Ook interessant

Advies 768

Meer lezen

Advies 701

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen
Advocaten-stagiairs
Deontologie Beroepsopleiding

Beroepsopleiding advocaten-stagiairs herzien

Sinds 2 oktober 2025 gelden er belangrijke veranderingen in de beroepsopleiding van advocaten-stagiairs. Onze algemene vergadering keurde op 24 september een nieuw reglement goed dat verschillende artikelen van de Codex Deontologie voor Advocaten wijzigt. De aanpassingen betreffen de stage en de beroepsopleiding en zijn gericht op een werkbaardere en duidelijkere invulling van het traject voor stagiairs.

Meer lezen