Hoofdstuk 1 - De stage*
Dit hoofdstuk werd gewijzigd door de algemene vergadering van 24 juni 2026, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 8 juli 2026 en treedt in werking op 1 september 2026.
Afdeling 1 - Algemene organisatie van de stage
Onderafdeling II.1.1.1. De stage
Art. 25
De stage is de opleiding die de advocaat doorloopt vóór de opname op het tableau en die tot doel heeft de advocaat te vormen tot een deskundig en onafhankelijk advocaat, die de deontologie kent, het beroepsgeheim en de essentiële plichten van onafhankelijkheid en partijdigheid eerbiedigt, belangenconflicten vermijdt en zich de beginselen van waardigheid, rechtschapenheid en kiesheid die de grondslag zijn van het beroep van advocaat, eigen heeft gemaakt.
Die opleiding omvat diverse delen, zoals de opleiding door een stagemeester op kantoor, het behalen van een getuigschrift beroepsbekwaamheid en het vervullen van verplichtingen, opgelegd door de Orde van Vlaamse Balies of door de Orde van advocaten waartoe de advocaat-stagiair behoort.
Onderafdeling II.1.1.2. Verzoek tot inschrijving, aanvang en einde van de stage
Art. 26
De kandidaat-stagiair richt het verzoek tot inschrijving op de lijst van advocaten-stagiairs aan de stafhouder. Daarbij worden volgende documenten gevoegd:
a) het diploma met vermelding van de datum van eedaflegging overeenkomstig artikel 429 Ger.W.;
b) een origineel exemplaar van de stage-overeenkomst, samen met alle bijlagen of documenten die deze overeenkomst verduidelijken, aanvullen of wijzigen.
c) een ondertekende verklaring met vermelding van de verzoeken tot inschrijving die vroeger werden gericht aan een andere binnenlandse of buitenlandse balie en het gevolg dat daaraan werd gegeven;
d) een ondertekende verklaring met vermelding van de professionele en relevante andere activiteiten die op dat ogenblik worden uitgeoefend en voordien werden uitgeoefend.
De kandidaat stagiair bevestigt bovendien schriftelijk aan de stafhouder dat er nooit een gerechtelijke of strafrechtelijke veroordeling (inclusief beslissingen die het voordeel van opschorting verlenen en schikkingen met het parket), een administratieve sanctie of een tuchtmaatregel werd genomen, noch dat er, voor zover bekend, op dat ogenblik enig strafrechtelijk, administratief of tuchtrechtelijk onderzoek loopt of een insolventiemaatregel wordt gevorderd. Indien er wel dergelijke veroordelingen, sancties of maatregelen genomen zijn, dan wel dergelijke onderzoeken lopen of maatregelen gevorderd worden, dan meldt de kandidaat advocaat-stagiair die spontaan en omstandig aan de stafhouder. De kandidaat stagiair informeert de stafhouder in voorkomend geval of hij in het verleden failliet werd verklaard, mandataris is geweest van een failliete onderneming of het voordeel heeft genoten van een collectieve schuldenregeling. In afwijking op het bovenstaande moeten minnelijke schikkingen inzake verkeersovertredingen en GAS-boetes niet gemeld worden.
De raad van de Orde beoordeelt de aanvraag en bepaalt de datum van de inschrijving op de lijst van de advocaten-stagiairs. De stage neemt aanvang op datum van inschrijving op de lijst en duurt 3 jaar, onder voorbehoud van wat is bepaald in artikel 435 Ger.W. en in artikel 29 van de Codex Deontologie. De advocaat-stagiair zorgt ervoor gedurende de hele duur van de stage een stagemeester te hebben.
De stage neemt een einde op de dag van de inschrijving op het tableau, bij weglating of bij schrapping van de lijst van advocaten-stagiairs.
Onderafdeling II.1.1.3. Schorsing en onderbreking
Art. 27
§1. Op initiatief van de advocaat-stagiair kan de stage worden geschorst of onderbroken.
De advocaat-stagiair brengt het voornemen om de stage te schorsen of te onderbreken, of om de schorsing of onderbreking te verlengen, of de schorsing of onderbreking voortijdig stop te zetten of de stage na onderbreking te hervatten, voorafgaand en schriftelijk ter kennis van de stafhouder, met kopie aan de stagemeester. De raad van de Orde oordeelt over dit verzoek, na advies van de stagecommissie overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
De schorsing of onderbreking kan worden toegestaan voor een periode van maximum 1 jaar en kan slechts worden verlengd om gegronde redenen.
De schorsing of de onderbreking gaat in op de datum die door de raad van de Orde wordt bepaald. Deze datum kan niet vroeger vallen dan de datum van het verzoek.
§2. De schorsing van de stage is de tijdelijke ontheffing van de wederzijdse verplichtingen van de stage.
De gevolgen van de schorsing van de stage zijn:
- gedurende de schorsing van de stage blijft de advocaat-stagiair de hoedanigheid van advocaat behouden;
- de advocaat-stagiair blijft onderworpen aan de deontologische verplichtingen die op advocaten rusten, waaronder ook de financiële verplichtingen tegenover de Orde;
- de raad van de Orde kan geheel of gedeeltelijk vrijstelling van de baliebijdrage verlenen;
- de schorsing maakt geen einde aan de stageovereenkomst.
§3. De onderbreking van de stage is de tijdelijke weglating van de advocaat-stagiair van de lijst van advocaten-stagiairs.
De gevolgen van de onderbreking van de stage zijn:
- gedurende de onderbreking van de stage verliest de advocaat-stagiair de hoedanigheid van advocaat;
- de onderbreking beëindigt de stageovereenkomst.
De advocaat-stagiair die de stage wil hervatten na een onderbreking richt uiterlijk één maand voor het einde van de onderbreking het verzoek daartoe aan de stafhouder, samen met een nieuwe stageovereenkomst. De raad van de Orde oordeelt over dit verzoek na advies van de stagecommissie overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
§4. Wanneer de advocaat-stagiair de schorsing of onderbreking wenst te verlengen, brengt de advocaat-stagiair dat voorafgaand schriftelijk ter kennis van de stafhouder.
Bij gebreke aan een tijdig overgemaakt verzoek tot verlenging van de schorsing of onderbreking oordeelt de raad van de Orde na advies van de stagecommissie overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis:
- over het al dan niet verder behouden blijven op de lijst van advocaten-stagiairs, bij gebreke van een tijdig verzoek tot verlenging van de schorsing;
- over het al dan niet definitief weglaten van de lijst van advocaten-stagiairs, bij gebreke van een tijdig verzoek tot verlenging van de onderbreking.
De weglating van de lijst houdt verval van alle verworvenheden van de stage in, behoudens indien de raad van de Orde uitzonderlijke omstandigheden vaststelt.
§5. Na geldig bevonden hervatting van de stage, na schorsing of onderbreking, wordt die voortgezet:
- met behoud van de verworvenheden van de voordien verrichte stage;
- met behoud van de rang van inschrijving op de lijst van de advocaten-stagiairs;
- zonder dat de periode van schorsing of onderbreking van de stage als stage telt (behalve bij gelijkgestelde stage).
Onderafdeling II.1.1.4. Gelijkgestelde stage
Art. 28
28.1
Na het behalen van het bekwaamheidsattest voor de beroepsopleiding, zoals bepaald in hoofdstuk II.2., afdeling II.2.4., kan de advocaat-stagiair aan de stafhouder het verzoek richten tijdelijk een gelijkgestelde stage te volbrengen.
Een gelijkgestelde stage kan volbracht worden bij een andere binnenlandse of buitenlandse balie dan die waar de advocaat-stagiair op de lijst is ingeschreven, of bij een ander juridisch beroep waarmee de Orde van Vlaamse Balies een akkoord in dat verband heeft afgesloten.
De gelijkgestelde stage kan maximum één jaar duren.
28.2
Indien de gelijkgestelde stage wordt volbracht aan een andere balie, lid van de Orde van Vlaamse Balies of van de Ordre des barreaux francophones et germanophone of van de CCBE, en niet langer duurt dan drie maanden, is geen voorafgaande toestemming vereist, en volstaat het dat de advocaat-stagiair vooraf de stafhouder schriftelijk volgende inlichtingen en documenten overmaakt: het akkoord van de stagemeester, een document waaruit blijkt dat de balie waar de gelijkgestelde stage zal volbracht worden in kennis werd gesteld van de gelijkgestelde stage en ermee akkoord gaat en een afschrift van de overeenkomst met de stagemeester waar de stage zal volbracht worden. In dat geval is de stage niet geschorst, noch onderbroken.
28.3
In alle andere gevallen neemt de gelijkgestelde stage de vorm aan van een onderbreking.
De advocaat-stagiair richt een gemotiveerd verzoek aan de stafhouder, met kopie aan de stagemeester, om de gelijkgestelde stage aan te vatten. De raad van de Orde oordeelt over dit verzoek, na advies van de stagecommissie overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis, en houdt daarbij waar nodig rekening met de door de Orde van Vlaamse Balies afgesloten akkoorden.
Op het einde van die gelijkgestelde stage gaat de stagecommissie op basis van het verslag over die stage van de advocaat-stagiair en van de stagemeester die de gelijkgestelde stage heeft begeleid, na of de doelstellingen voor de gelijkgestelde stage zoals vooropgesteld in het akkoord gesloten met de beroepsorganisatie van het ander juridisch beroep zijn behaald. De procedure tot effectieve gelijkstelling verloopt overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
Als de gelijkstelling door de raad van de Orde niet wordt aanvaard, verlengt de raad van de Orde de stage met de duur van de gelijkgestelde stage.
Onderafdeling II.1.1.5. Opname op het tableau
Art. 29
Bij het einde van de stage vraagt de advocaat-stagiair aan de stafhouder schriftelijk de opname op het tableau. De raad van de Orde oordeelt over dit verzoek, na advies van de stagecommissie overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
Bij de aanvraag voegt de advocaat-stagiair een dossier, bestaande uit:
- de verslagen van de stagemeesters;
- desgevallend: het verslag over de gelijkgestelde stage.
Als de advocaat-stagiair nalaat de opname op het tableau te vragen, kan de advocaat-stagiair daarover gehoord worden door de stagecommissie.
Wanneer de raad van de Orde het verloop en het resultaat van de stage positief beoordeelt, gaat hij over tot het beëindigen van de stage door opname op het tableau.
Wanneer de raad van de Orde het verloop en het resultaat van de stage negatief beoordeelt, kan hij de stage verlengen overeenkomstig artikel 435 Ger. W., of de opname op het tableau weigeren en de advocaat-stagiair weglaten van de lijst van advocaten-stagiairs.
Wanneer de raad van de Orde de stage verlengt, doet hij dat voor de termijn die hij gepast acht. De raad van de Orde kan daarbij voorwaarden opleggen waaraan moet worden voldaan, al dan niet binnen een bepaalde periode.
Naar aanleiding van het einde van de verlengde stage herneemt de stagiair zijn aanvraag, die wordt behandeld, overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
Afdeling 2 - Voorwaarden voor het stagemeesterschap
Art. 30
Elke advocaat die ten minste gedurende zeven jaar is ingeschreven op het tableau van de Orde, de EU-lijst of het tableau van de advocaten bij het Hof van Cassatie, kan stagemeester worden.
De raad van de Orde kan een advocaat die minder dan zeven jaar is ingeschreven op het tableau van de Orde, bij gemotiveerde beslissing toelaten om stagemeester te worden en dat onder de door de raad van de Orde bepaalde voorwaarden.
Art. 30bis
Het verzoek tot opname op de lijst van stagemeesters wordt gericht aan de stafhouder. De raad van de Orde oordeelt over dit verzoek na advies van de stagecommissie, overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis. Hij gaat na of minstens aan volgende vereisten is voldaan:
- voldoende beschikbaarheid voor en begeleiding van de advocaat-stagiair;
- op adequate wijze invulling geven aan de verplichtingen als stagemeester (o.a. inzake kantoorinfrastructuur, enz.);
- afwezigheid van tuchtinbreuken of van bewarende maatregelen genomen door de stafhouder of de raad van de Orde;
- het betalen van de baliebijdrage;
- het voldoen aan de verplichting tot permanente vorming;
- het voldoen aan het reglement betreffende de derdengelden;
- de afwezigheid van aan de stagemeester verwijtbare incidenten met een advocaat-stagiair;
- alle overige verplichtingen die voortvloeien uit afdeling II.
Art. 30ter
De raad van de Orde houdt een lijst van stagemeesters bij.
Als de stagemeester die geen stagiairs heeft, wenst weggelaten te worden van de lijst van stagemeesters kan dit te allen tijde op eenvoudig schriftelijk verzoek gericht aan de stafhouder.
De beslissing wordt ter kennis gebracht van de stagemeester en diens advocaat-stagiair(s).
Art. 30quater
Opgeheven
Art. 30quinquies
De stagemeester voldoet op elk ogenblik aan alle vereisten die aan het stagemeesterschap worden gesteld. Wanneer de raad van de Orde vaststelt dat de stagemeester niet meer aan de gestelde vereisten voldoet, kan hij de stagemeester van die lijst weglaten, na het inwinnen van het advies van de stagecommissie, overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
De raad van de Orde kan het verder opgenomen blijven op de lijst afhankelijk maken van voorwaarden. Wanneer niet aan die voorwaarden wordt voldaan, oordeelt de raad van de Orde over de weglating van de lijst van stagemeesters, na advies van de stagecommissie, overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
Art. 30sexies
Een stagemeester heeft op geen enkel ogenblik meer dan drie advocaten-stagiairs. De raad van de Orde kan, op advies van de stagecommissie, in individuele gevallen van die beperking afwijken als de stagemeester op grond van objectieve en verifieerbare elementen aantoont dat een kwaliteitsvolle opleiding van elke advocaat-stagiair wordt gewaarborgd.
Afdeling 3 - De stageovereenkomst
Art. 31
De stagemeester en de kandidaat advocaat-stagiair sluiten een overeenkomst af waarin de wederzijdse rechten en plichten over de stage worden opgenomen. In voorkomend geval zal het samenwerkingsverband waarvan de stagemeester deel uitmaakt, in de overeenkomst tussenkomen.
Die overeenkomst, evenals de wijzigingen of aanvullingen, wordt overgemaakt aan de stafhouder zoals bepaald in artikel 26.
Art. 31bis
In de stageovereenkomst worden alleszins de volgende afspraken opgenomen:
- het bedrag van de stagevergoeding;
- het bedrag van de kilometervergoeding voor professionele verplaatsingen in opdracht van de stagemeester of het kantoor, waarvan het minimumbedrag door de raad van de Orde kan worden vastgesteld;
- de al of niet terugbetaling van de baliebijdrage en kosten permanente vorming;
- de toepasselijke opzeggingstermijn;
- de beperking van de beroepsaansprakelijkheid van de advocaat-stagiair volgend uit de behandeling van zaken voor de stagemeester of het kantoor en dit, voor zover wettelijk toegelaten, tot het bedrag van de basisdekking van de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van de advocaat-stagiair;
- de verplichting van de stagemeester om, buiten de gevallen van opzet of van een anderszins onverzekerde fout van de advocaat-stagiair, de advocaat-stagiair te vrijwaren tegen aanspraken van de cliënten van de stagemeester of van het kantoor die de dekking van de aansprakelijkheidsverzekering van de advocaat-stagiair overschrijden;
- het recht op afwezigheid met behoud van vergoeding, waarbij de advocaat-stagiair per gerechtelijk jaar recht heeft op minimaal vier weken betaalde afwezigheid, waarvan twee weken opeenvolgend als de advocaat-stagiair daarom verzoekt
- het recht op afwezigheid, met behoud van vergoeding, voor de voorbereiding van de eerste-zittijd-examens tot het behalen van het bekwaamheidsattest zoals bedoeld in artikel 40, waarbij de advocaat-stagiair minstens de vijf werkdagen voorafgaand aan het eerste examen en de volledige daaropvolgende examenperiode tot en met de dag van het laatste examen afwezig mag blijven;
- in voorkomend geval: de afspraken over de deelname van de advocaat-stagiair aan de Salduzpermanentie, waarbij de vergoeding voor die prestaties uitsluitend toekomt aan de advocaat-stagiair. Van dat principe kan enkel worden afgeweken voor deelname aan de permanentiedienst op werkdagen tussen 07.00u ’s ochtends en 19.00u ’s avonds en voor zover partijen dit voorafgaand schriftelijk zijn overeengekomen in een door de stagecommissie goedgekeurde overeenkomst;
- in voorkomend geval: de afspraken over de deelname van de advocaat-stagiair aan de wachtdiensten die het BJB organiseert, waarbij de vergoeding voor die prestaties uitsluitend toekomt aan de advocaat-stagiair. Van dat principe kan enkel worden afgeweken voor prestaties op werkdagen tussen 07.00 uur en 19.00 uur en voor zover partijen dit voorafgaand schriftelijk zijn overeengekomen in een door de stagecommissie goedgekeurde overeenkomst.
In regel is de stageovereenkomst een duurzame verbintenis tussen stagemeester en advocaat-stagiair die geldt voor de volle periode van drie jaar. Niettemin moet de stageovereenkomst voorzien dat elke partij deze voor het einde van de stage eenzijdig kan opzeggen met inachtneming van een opzeggingstermijn. De opzeggingstermijn die de stagemeester in acht moet nemen, mag niet korter zijn dan drie maanden en de opzeggingstermijn die de advocaat-stagiair in acht moet nemen niet langer dan drie maanden.
Wanneer partijen voorzien in een ‘tegenopzegging’ voor de stagemeester dan moeten ze dat ook voorzien voor de advocaat-stagiair. In dat geval is de tegenopzeggingstermijn van de stagemeester niet korter dan één maand en die van de advocaat-stagiair niet langer dan één maand.
De partij die een stagovereenkomst opzegt, meldt dit onverwijld aan de stagecommissie.
De advocaat-stagiair staat ervoor in dat hij onmiddellijk een nieuwe stagemeester heeft te hebben op het ogenblik waarop de beëindiging ingaat. Wanneer partijen voorzien dat de stagemeester tijdens de opzeggingstermijn de advocaat-stagiair kan vrijstellen van prestaties, dan kan dit enkel onder voorwaarde van doorbetaling van de vergoeding van de advocaat-stagiair. De stagemeester blijft er ook in een periode van vrijstelling van prestaties op toezien dat de advocaat-stagiair aan al zijn stageverplichtingen kan voldoen. De overige gemeenrechtelijke wijzen van beëindiging van de stageovereenkomst blijven door dit artikel onverlet.
Afdeling 4 - Plichten van de stagemeester
Art. 32
De stagemeester ziet erop toe dat de advocaat-stagiair de beroepsactiviteiten deskundig en met naleving van de deontologische regels uitoefent. De stagemeester waakt erover dat aan de advocaat-stagiair kennis en praktische vaardigheden worden bijgebracht.
De stagemeester zal, wanneer noodzakelijk, ter beschikking zijn van de advocaat-stagiair voor bijstand en richtlijnen.
De stage wordt in principe vervuld vanuit het kantoor van de stagemeester, die daartoe de nodige middelen en ruimte ter beschikking stelt, zonder daarvoor een vergoeding aan te rekenen. Afwijkingen kunnen enkel worden toegestaan na voorafgaand schriftelijk akkoord van de raad van de Orde.
Elke stagemeester legt bij het einde van de stage die bij de stagemeester werd doorlopen een verslag over die stage neer bij de stagecommissie.
Art. 33
De stagemeester verleent aan de advocaat-stagiair de nodige tijd om de stageverplichtingen te vervullen.
Afdeling 5 - Stagevergoeding
Art. 34
De stagemeester en de advocaat-stagiair bepalen in onderling overleg de jaarlijkse vergoeding van de advocaat-stagiair. Die is maandelijks vooruitbetaalbaar en bedraagt, bij voltijdse inzet, ten minste [€ 27.960,00] voor het eerste stagejaar en ten minste [€ 34.800,00] vanaf het tweede stagejaar.
Die minimumvergoedingen kunnen jaarlijks in december worden aangepast door de algemene vergadering van de Orde van Vlaamse Balies, met uitwerking vanaf het daaropvolgende gerechtelijk jaar, behoudens andersluidende beslissing van de algemene vergadering.
De raad van de Orde oordeelt over het toestaan van een verminderde beschikbaarheid van de advocaat-stagiair, na advies van de stagecommissie overeenkomstig de bepalingen van art. 39bis.
In voorkomend geval staat de vergoeding in verhouding tot de verminderde beschikbaarheid.
De afspraken over de verminderde beschikbaarheid worden uitdrukkelijk opgenomen in de stageovereenkomst of in latere wijzigingen of aanvullingen, samen met de reden van de verminderde beschikbaarheid en de datum van goedkeuring door de raad van de Orde.
Bij het beoordelen van de verminderde beschikbaarheid wordt geen rekening gehouden met prestaties die door de stafhouder of in het kader van juridische bijstand worden opgelegd, noch met andere bijkomende verplichtingen die door de raad van de Orde worden opgelegd.
De vergoeding is, buiten de vooraf goedgekeurde verminderde beschikbaarheid, onder geen beding lager dan de vastgestelde minima, ook niet in onderling akkoord tussen de stagemeester en de advocaat-stagiair.
Afdeling 6 - Plichten van de stagiair
Art. 35
De advocaat-stagiair respecteert steeds alle verplichtingen vervat in deze afdeling en behartigt de zaken die de stagemeester aan de advocaat-stagiair toevertrouwt met de nodige ijver en zorg. De advocaat-stagiair heeft de plicht een zaak te weigeren waarvan de advocaat-stagiair naar eer en geweten gelooft dat ze niet rechtvaardig is.
De advocaat-stagiair schrijft zich na de opname op de lijst van stagiairs onverwijld in en volgt de beroepsopleiding voor advocaten-stagiairs georganiseerd door de Orde van Vlaamse Balies.
De advocaat-stagiair voert de taken uit die door de stafhouder of in het kader van de juridische bijstand worden opgelegd, onverminderd bijkomende verplichtingen opgelegd door de overheid van de Orde.
Art. 36
De advocaat-stagiair en de stagemeester verbinden zich ertoe tijdens de stageperiode op regelmatige tijdstippen een evaluatie te maken van het stageverloop. Op het einde van de stage stellen de advocaat-stagiair en de stagemeester een eindverslag op over de wijze waarop de stage is vervuld en maken dat onverwijld over aan de stagecommissie.
De stagecommissie gaat na of er periodieke evaluaties werden gehouden tussen advocaat-stagiair en stagemeester.
Art .37
Opgeheven
Afdeling 7 - De stagecommissie
Art. 38
Bij elke Orde van Advocaten wordt het toezicht op de stage toevertrouwd aan een stagecommissie die ten minste is samengesteld uit:
- een voorzitter aangewezen door de stafhouder;
- een lid aangewezen door het bureau voor juridische bijstand;
- een lid aangewezen door de advocaten-stagiairs en die zelf een advocaat-stagiair is;
- een stagemeester aangewezen door de stafhouder.
Art. 39
De stagecommissie geniet volheid van bevoegdheid om adviezen te verlenen over de stage, inzonderheid maar niet uitsluitend:
- verleent advies aan de raad van de Orde over de opname van een kandidaat-stagemeester op de lijst van de stagemeesters;
- verleent advies aan de raad van de Orde over de stageovereenkomst die werd afgesloten tussen stagemeester en advocaat-stagiair;
- ziet toe op de naleving van de verplichtingen van stagemeester en advocaat-stagiair;
- neemt kennis van de voortijdige beëindiging van de stageovereenkomst;
- volgt in het geval van die voortijdige beëindiging de overgang naar een nieuwe stagemeester op;
- verleent advies aan de raad van de Orde over het verzoek van de advocaat-stagiair tot schorsing of onderbreking van de stage of de verlenging daarvan;
- verleent advies aan de raad van de Orde over de nieuwe stageovereenkomst die wordt afgesloten na de onderbreking van de stage;
- verleent aan de raad van de Orde advies over het verrichten van een gelijkgestelde stage;
- neemt kennis van de verslaggeving (conform artikel 36) opgesteld door stagemeester en advocaat-stagiair en ziet die na;
- verleent advies aan de raad van de Orde over de opname van de advocaat-stagiair op het tableau van de Orde;
- bemiddelt in geschillen tussen stagemeester en advocaat-stagiair;
- verleent advies aan de stafhouder en de raad van de Orde in verband met elk probleem over de stage.
Art. 39bis
Telkens wanneer een advies van de stagecommissie nodig is voor een beslissing van de stafhouder of de raad van de Orde, verloopt de procedure als volgt.
Een positief advies van de stagecommissie wordt voor verder gevolg overgemaakt aan de stafhouder.
Als de stagecommissie een negatief advies overweegt, nodigt zij de advocaat-stagiair en/of de stagemeester uit om te worden gehoord. De stagecommissie deelt mee waar en wanneer het dossier vooraf kan worden ingezien.
Een negatief advies wordt door de stagecommissie ter kennis gebracht van de advocaat-stagiair en/of de stagemeester en voor verder gevolg overgemaakt aan de stafhouder.
De procedure verloopt verder zoals in tucht.
De beslissing van de raad van de Orde wordt ter kennis gebracht van de advocaat-stagiair en de stagemeester.