Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 431

Een advocaat onthoudt zichzelf ervan zijn persoonlijke, directe of indirecte belangen in burgerlijke, disciplinaire en strafzaken te verdedigen. Deze regel druist in tegen artikel 6.3 EVRM, doch ook met de bepaling van artikel 440 Ger. W. De onafhankelijkheid van de advocatuur tegenover de belangen die hem zijn toevertrouwd vormen één van de grondslagen van de plichtenleer van de balie en van het aanzien dat de balie geniet. Zowel door reglementen van plichtenleer als wegens eerbiediging van vastgelegde gebruiken mogen de gezagsorganen aan de advocaten, zelfs buiten de uitoefening van hun beroep, bijzondere plichten opleggen die niet aan de gewone burger als zodanig ten laste vallen – de stafhouder kan aan een advocaat de verplichting opleggen zijn belangen te laten behartigen door een ander advocaat.



Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Vraag

Een confrater heeft een geschil met zijn gewezen kantoorgenote met wie hij een samenwerkingsverband had. De confrater verdedigt zichzelf en weigert een eigen raadsman aan te stellen om zijn belangen te behartigen.

De gewezen kantoorgenote wordt verdedigd door twee confraters.

De confrater beklaagt er zich over dat de raadslieden van zijn gewezen kantoorgenote hem brieven stuurden ‘met gevoelige elementen en welke dan onderschept worden door hetzij zijn echtgenote, hetzij ander personeel’. De confrater weigert nog steeds na uw aandringen een raadsman aan te stellen. U stelt de vraag hoe de confrater kan gedwongen worden een eigen raadsman te gelasten zowel in de dossiers aangaande de contractuele aangelegenheid als wat betreft de mogelijke deontologische problemen die zich zouden aandienen.


Advies

Ik zal u niet verhelen dat de confrater die weigert zich te laten bijstaan door een raadsman bijzonder slecht geplaatst is om zich te beklagen over het feit dat hij rechtstreeks wordt aangeschreven door de raadslieden van zijn gewezen kantoorgenote.

Terecht stelt u dat het aangewezen zou zijn dat de confrater in kwestie een advocaat aanstelt.

Artikel 6.3 (c) van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens garandeert de beklaagde in beginsel het recht om zichzelf te verdedigen. Het recht van de beklaagde om zichzelf te verdedigen is echter geen absoluut recht en kan worden beperkt omwille van een relevante en voldoende reden in het belang van de goede rechtsbedeling. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens stelt zich bovendien, wat betreft de beperkingen van het recht om zichzelf te verdedigen, terughoudend op en laat de lidstaten een nationaal beoordelingsvermogen1. De beklaagde is zelf verantwoordelijk voor fouten in de procedure die het gevolg zijn van het feit dat hij zichzelf wenste te verdedigen, rekening houdend met zijn capaciteiten en kennis.2 Uiteraard is in deze zaak niemand beklaagd (hoewel u wel verwijst naar ‘mogelijke deontologische problemen’).

Algemeen wordt in België aangenomen dat de advocaat zichzelf ervan zal onthouden zijn persoonlijke, directe of indirecte belangen in burgerlijke, disciplinaire en strafzaken te verdedigen. Deze regel druist in tegen artikel 6.3 EVRM vermeld, doch ook met de bepaling van artikel 440 Ger. W. De onafhankelijkheid van de advocatuur tegenover de belangen die hem zijn toevertrouwd vormen één van de grondslagen van de plichtenleer van de balie en van het aanzien dat de balie geniet. Zowel door reglementen van plichtenleer als wegens eerbiediging van vastgelegde gebruiken mogen de gezagsorganen aan de advocaten, zelfs buiten de uitoefening van hun beroep, bijzondere plichten opleggen die niet aan de gewone burger als zodanig ten laste vallen. De auteurs geven op een algemene wijze de aanbeveling aan de advocaat om zich te onthouden van te pleiten in zijn zaak.3

In het licht van bovenstaande komt het mij dan ook voor dat u als stafhouder aan de confrater de verplichting kunt opleggen zijn belangen te laten behartigen door een ander advocaat.

Edward Janssens
Bestuurder departement deontologie

1 EHRM 15 november 2001, Correira D. Matos/tegen Portugal
2 EHRM, 22 juni 1993, Melin/Frankrijk
3 E. BOYDENS, “De onafhankelijkheid van de advocaat” in Handboek van de advocaat-stagiair – deontologie – communicatie, burgerlijk procesrecht, strafprocesrecht, Mechelen, Kluwer, 2011, 52.

Ook interessant

Advies 778

Meer lezen

Advies 777

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen