Deontologie-advies Advies 750
Het vermijden van belangenconflicten is één van de essentiële kernwaarden die de advocaat moet naleven bij zijn behoorlijke beroepsuitoefening. Het feit dat een advocaat geen dossier heeft aangemaakt of geen ereloon heeft aangerekend voor een telefoongesprek, belet niet dat zij kennis heeft gekregen van gevoelige en strikt vertrouwelijke informatie die de dame haar in volle vertrouwen heeft toevertrouwd en welke informatie evident valt onder het beroepsgeheim van de advocaat. Eveneens dient vastgesteld te worden dat de geheimhouding van de vertrouwelijke informatie die een advocaat heeft ontvangen, dreigt te worden aangetast bij de behoorlijke behartiging van de belangen van de tegenpartij in (de uitloper van) dezelfde betwisting.
Auteur
Merve Köse
Auteur
Dominique Dombret
Vraag
In een familierechtelijke betwisting treedt advocaat A op voor een man, daar waar zij voordien ook telefonisch contact heeft gehad met diens vrouw die een tweede opinie wenste te kennen in het strafrechtelijk luik van dit dossier.
Teneinde een tweede opinie te kunnen bekomen, heeft mevrouw na doorverwijzing door een kennis, op 19 augustus 2022 telefonisch contact gehad met advocaat A, tijdens welk telefoongesprek het dossier zou zijn besproken, waarbij derhalve ook de feiten van intrafamiliaal geweld evenals de impact van dit alles op het burgerlijk luik van het dossier.
Advocaat A liet eerst weten zich het bewuste telefoongesprek niet meer te kunnen herinneren, terwijl zij anderzijds ook schrijft dat zij verneemt dat het om een eenmalig telefonisch contact zou zijn gegaan en waarbij zij louter eenvoudige en algemene procedurele inlichtingen heeft gegeven.
Stafhouder X vestigt er de aandacht op dat niet wordt betwist dat er een telefoongesprek is geweest, dat wel reeds dateert van 19 augustus 2022. Zij laat ook weten dat advocaat A zich uiteindelijk het telefoongesprek kon herinneren, met het detail dat dit gesprek plaatsvond tijdens haar verlof in het buitenland.
Stafhouder X merkt daarbij op dat advocaat A nooit een dossier heeft aangemaakt voor de bewuste cliënte en al evenmin voor haar in een procedure is tussengekomen.
Stafhouder X volgt advocaat A waar deze voorhoudt dat in dit telefoongesprek geen concreet inhoudelijk advies werd gegeven, doch dat het gesprek zich beperkte tot een eenmalige eenvoudige procedurele inlichting en dat advocaat A niet over bepaalde vertrouwelijke informatie beschikt die zij momenteel tegen de dame zou kunnen aanwenden.
Stafhouder X is verder ook van oordeel dat de procedure waarin advocaat A momenteel optreedt voor de man los staat van de informatie die door mevrouw tijdens het telefonisch onderhoud werd gegeven, nu dit telefoongesprek kaderde in het vragen van een tweede opinie in het strafrechtelijk dossier naar aanleiding van intra familiaal geweld. De thans nog lopende procedure betreft revendicaties van goederen en de terugbetaling van een persoonlijke lening.
Ten slotte wordt door stafhouder X nog meegedeeld dat de man in de procedure voor de rechtbank van eerste aanleg werd bijgestaan door een andere raadsman, die ook nog het verzoek tot hoger beroep heeft neergelegd. Slechts naar aanleiding van het pensioen van de voorgaande raadsman werd advocaat A begin 2024 geraadpleegd.
Uit dit alles besluit stafhouder X dat er onvoldoende elementen aanwezig zijn om te stellen dat er een schijn van belangenconflict zou spelen bij advocaat A, zodat er geen deontologisch bezwaar is tegen haar verder optreden.
Stafhouder Y haalt daarentegen aan dat advocaat A informatie beschikt die zij in de hangende procedure zou kunnen aanwenden tegen de dame. Stafhouder Y verwijst naar art. 7 Codex Deontologie voor Advocaten op basis waarvan een advocaat geen zaak mag aannemen van een nieuwe cliënt, indien de geheimhouding van de vertrouwelijke informatie die hij heeft ontvangen van een andere cliënt, hierdoor dreigt te worden aangetast.
Er moet vastgesteld worden dat tijdens het telefonisch onderhoud minstens over de zaak werd gesproken in de vertrouwelijkheid van de relatie tussen mevrouw en advocaat A, welke situatie voormeld artikel uit de Codex wil vermijden.
Stafhouder Y citeert daarbij ook naar het handboek van stafhouder STEVENS (nr. 576).
Zij benadrukt dat de dame vreest dat eerder gedeelde vertrouwelijke informatie mogelijk nog tegen haar kan worden gebruikt.
Bovendien heeft de dame toegelicht dat tijdens het telefoongesprek met advocaat A op 19 augustus 2022 niet alleen de feiten werden toegelicht, doch ook info over de dag waarop zij haar goederen is gaan ophalen bij meneer, wat een rol kan spelen in de burgerlijke procedure van revendicatie van goederen.
Ik verleen u volgend advies.
Advies
Ik wil verwijzen naar deontologisch advies 708 van 7 december 2021. Ook in die betwisting betrof het een inlichting die een partij had ingewonnen bij een advocaat, die vervolgens in een later stadium tegen dezelfde partij optrad.
De betrokken advocaat liet evenwel gelden dat hij destijds gecontacteerd werd in een andere hoedanigheid (als auteur of professor) en dat hij daarvoor geen dossier zou hebben aangemaakt.
De strekking van dit advies dient ook hier te worden hernomen.
Het vermijden van belangenconflicten is één van de essentiële kernwaarden die de advocaat moet naleven bij zijn behoorlijke beroepsuitoefening.
Advocaat A ontkent niet dat er een telefonisch onderhoud heeft plaatsgevonden aangaande het intra familiaal geweld. De dame heeft advocaat gecontacteerd op advies van een vriend, die hierover advocaat A voorafgaand heeft gecontacteerd. Advocaat A heeft zelf een bericht gestuurd naar de dame, waarna deze advocaat A tijdens haar verlofperiode telefonisch gecontacteerd heeft.
De dame houdt voor dat niet enkel de feiten van intra familiaal geweld werden besproken, doch ook de tegenwerking van de politie en de impact van dit alles op het burgerlijk luik van de betwisting.
Finaal heeft de dame evenwel besloten geen verder mandaat te verlenen aan advocaat A, die vervolgens later in graad van beroep door de man werd geraadpleegd.
De dame heeft advocaat A verder ook gecontacteerd omdat zij in het verleden ook het echtscheidingsdossier van haar moeder heeft behartigd, inclusief de verblijfsregeling voor de dame op het ogenblik dat zij nog minderjarig was.
Bij de beoordeling van een belangenconflict moet niet alleen het oogpunt van de advocaat worden bewaakt, doch ook dat van de cliënten (de rechtszoekenden). De perceptie of de mogelijkheid strijdige belangen te dienen, dient uitgesloten te worden. Het vertrouwen in een advocatuur die strikt het beroepsgeheim bewaakt, mag niet worden geschonden.
Het feit dat advocaat A geen dossier heeft aangemaakt of geen ereloon heeft aangerekend, belet niet dat zij kennis heeft gekregen van gevoelige en strikt vertrouwelijke informatie die de dame haar in volle vertrouwen heeft toevertrouwd en welke informatie evident valt onder het beroepsgeheim van de advocaat.
Minstens uit hoofde van de perceptie van de rechtszoekende kan niet worden aanvaard dat deze advocaat in de verdere familierechtelijke betwisting, ook al betreft dit het aspect van de revendicatie van goederen, zou optreden tegen een partij die voordien door haar in vertrouwen werd genomen en van wie zij strikt vertrouwelijke informatie heeft ontvangen.
Er is in deze derhalve sprake van een belangenconflict, minstens van een wezenlijk dreiging daartoe (art. 5 Codex Deontologie voor Advocaten), terwijl eveneens dient vastgesteld te worden dat de geheimhouding van de vertrouwelijke informatie die advocaat A van de dame heeft ontvangen, dreigt te worden aangetast bij de behoorlijke behartiging van de belangen van de tegenpartij in (de uitloper van) dezelfde betwisting (art. 7 Codex Deontologie voor Advocaten).
Advocaat A kan in deze derhalve niet verder optreden.
Jan Meerts
Bestuurder deontologie, tucht en regulering