Deontologie-advies Advies 646
Het behoort tot de contractuele vrijheid om te bepalen of een stagiair tijdens zijn vakantie (niet) wordt vergoed en hoeveel.
Auteur
Dominique Dombret
Auteur
Merve Köse
Vraag
U vraagt enige verduidelijking betreffende de interpretatie van het OVB-model van stageovereenkomst in relatie met Hoofdstuk II.1 De Stage van de Codex Deontologie voor Advocaten.
De Codex bevat geen bepalingen betreffende de betaling van het ereloonforfait tijdens de vakantie van de stagiair.
Volgens artikel 8 van het model van stageovereenkomst wordt tijdens de vakantie van de stagiair het
ereloonforfait:
“O vergoed overeenkomstig artikel 6 van huidige overeenkomst
O niet vergoed
O vergoed op de volgende wijze, exclusief BTW
O …..
Bovenstaande kan in geen geval afbreuk doen aan de minimumvergoeding zoals opgenomen in
artikel 6 van huidige overeenkomst.”
Advies
Vooreerst merk ik op dat de commissie beroepsopleiding en voorzitters stagecommissies op 19 februari 2019 deze problematiek heeft besproken. De meerderheid leek van oordeel te zijn dat dit behoort tot de contractuele vrijheid.
Ik kan deze zienswijze zeker volgen bij gebreke aan reglementaire bepaling, hoewel ik persoonlijk eerder geneigd ben om ook tijdens de vakantie van de stagiair het ereloonforfait te betalen, behoudens in geval van uitzonderlijke onbeschikbaarheid.
Wat de laatste alinea van artikel 8 betreft, vraagt u of het niet strijdig is met het bovenstaande. Het
komt mij voor dat dit inderdaad tegenstrijdig is.
Alex Tallon
Bestuurder deontologie