Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 398

Doordat de geadresseerde cliënt een vertrouwelijk voorstel kenbaar maakte in een rechtstreekse brief aan de tegenpartij wordt de vertrouwelijkheid geschonden. Het zou in de praktijk dan ook geen nut meer hebben dat advocaten confidentiële voorstellen formuleren indien de geadresseerde cliënt –na kennis te hebben genomen van het voorstel –de vertrouwelijkheid gewoon zou kunnen negeren, door het voorstel te veruitwendigen in een rechtstreekse brief aan zijn tegenpartij.

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Deel dit artikel

Vraag

In deze zaak werd een mondeling confidentieel voorstel overgemaakt door A (voorgangster van het kantoor B) aan het kantoor C. Het voorstel was vertrouwelijk zoals blijkt uit de voorgelegde briefwisseling (enerzijds de brief van B d.d. 11 mei 2011 en anderzijds de brief van C d.d. 6 mei 2011 aan stafhouder X). In de brief van 30 april 2011 van de heer D wordt niet expliciet gerefereerd aan het vertrouwelijk karakter van het voorstel, wel wordt op diverse plaatsen verwezen naar: “het minnelijk voorstel van 430.000,00 EUR namens uw raadsman laten overmaken” en “u heeft ons in het kader van onze claim reeds een minnelijk voorstel overgemaakt tot betaling van de som van 430.000,00 EUR aan de vennootschap M en N. Waarbij u m.a.w. schuld erkende en trachtte met deze afkoopsom ons te overtuigen om de volledige claim niet in de rechtsprocedure op te eisen.”

Het kantoor C bespreekt de zaak met haar cliënten en laat hierbij weten dat de inhoud van het voorstel geformuleerd door A vertrouwelijk is. In het kader van het geschil hebben cliënten van A en B een rechtstreekse brief gericht aan de cliënten van C. In antwoord hierop reageerden de cliënten van C rechtstreeks en maakten zij hierbij gewag van het vertrouwelijk voorstel overgemaakt door A. In de brief van de cliënten van C van 30 april 2011 wordt uitdrukkelijk gerefereerd aan het voorstel als volgt:

“Maar aan de andere kant ons toch een (toch niet kleine maar overigens wat laag) minnelijk voorstel van 430.000,00 EUR namens uw raadsman laten aanmelden” en “u heeft ons in het kader van onze claim reeds een minnelijk voorstel overgemaakt tot betaling van de som van 430.000,00 EUR aan de vennootschappen M en N. Waarbij u m.a.w. schuld erkende en trachtte met deze afkoopsom ons te overtuigen om de volledige claim niet in de rechtsprocedure op te eisen.”

De raadslieden van B menen dat de confidentialiteit van de gesprekken tussen advocaten met zich meebrengt dat de inhoud ervan niet kan geofficialiseerd worden en niet in rechte kan worden gebruikt.

In het voor mij liggend dossier vind ik geen spoor van het standpunt van A. Ik neem echter aan dat dit standpunt wordt weergegeven door B.

De stafhouder meent dat noch het beroepsgeheim noch de principiële vertrouwelijkheid van briefwisseling tussen advocaten wordt geschonden wanneer de geadresseerde van het voorstel in een

brief aan haar tegenpartij schriftelijk naar dit voorstel verwijst. Tevens refereert de stafhouder aan de loyauteitsplicht en aan het feit dat er niet kan betwist worden dat een bedrag van 430.000,00 EUR minnelijk werd aangeboden.

Advies

Besprekingen tussen advocaten van partijen zijn confidentieel tenzij hieraan uitdrukkelijk wordt verzaakt.-(Rb. Luik, 30 november 1971, Jur. Liège, 1971-72, 284; J. Stevens, Regels en gebruik van de advocatuur te Antwerpen, 2de ed.Kluwer, Antwerpen, pag. 656)

De Nederlandse Orde van Advocaten te Brussel heeft in artikel 148 van haar CODEX uitdrukkelijk voorzien in de vertrouwelijkheid van de inhoud van besprekingen tussen advocaten (Artikel 148 luidt als volgt:

“Onverminderd de toepassingen van de artikelen in verband met de briefwisseling tussen advocaten is de inhoud van besprekingen tussen advocaten vertrouwelijk. Omwille van de loyauteit mag hun bestaan bekend gemaakt worden wanneer het voor de oplossing van een geschil voor een rechtsmacht dienend is. Wenst men het bestaan zelf van die bespreking absoluut vertrouwelijk te houden zullen de advocaten dit van bij het begin uitdrukkelijk melden. Ingeval van twijfel of onenigheid wordt het geschil aan de stafhouder voorgelegd.”

Een gelijkaardige formele regel bestaat niet aan balie ..., maar de uitdrukkelijke melding van het vertrouwelijk karakter van de onderhandelingen is niet vereist. De aard van de onderhandelingen of

de omstandigheden waarin zij gevoerd zijn, zijn kenmerkend om voldoende aanwijzing te zijn. –(J. STEVENS, o.c., pag. 657). In voorliggend dossier kan niet getwijfeld worden aan de vertrouwelijke aard van het voorstel. Het confidentieel karakter blijkt voldoende uit de voorgelegde briefwisseling.

Nu alle partijen het erover eens zijn dat het voorstel confidentieel was dient dit vertrouwelijk karakter gerespecteerd te worden. De aard van de onderhandelingen en de omstandigheden waarin het voorstel is gemaakt, zijn een voldoende aanwijzing dat het voorstel vertrouwelijk geschiedde. Het voorstel werd gedaan door advocaten die het voorstel koppelden aan vertrouwelijkheid. Doordat de geadresseerde cliënt het voorstel kenbaar maakte in een rechtstreekse brief aan de tegenpartij wordt de vertrouwelijkheid geschonden. Het zou in de praktijk dan ook geen nut meer hebben dat advocaten confidentiële voorstellen formuleren indien de geadresseerde cliënt –na kennis te hebben genomen van het voorstel –de vertrouwelijkheid gewoon zou kunnen negeren, door het voorstel te veruitwendigen in een rechtstreekse brief aan zijn tegenpartij. Aldus zou de confidentialiteit geen zin hebben. Dit houdt in dat de brief van 30 april 2011 in rechte niet kan worden aangewend. De toetsing van de loyauteit is marginaal. Zij heeft alleen gekwalificeerd misbruik op het oog. (J. STEVENS, o.c. pag. 656). Er zal niet kunnen worden ontkend dat er geen onderhandelingen hebben plaatsgevonden.

De verwijzing naar het confidentieel voorstel in de brief van de heer D van 30 april 2011 is niet aanvaardbaar en de kwestieuze brief in welke gewag wordt gemaakt van het vertrouwelijk voorstel kan niet in rechte aangewend worden.

Edward Janssens
Verkozen bestuurder departement deontologie

Ook interessant

Advies 775

Meer lezen

Advies 769

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen