Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 82

Samenwerkingsverbanden - vrije keuze van benaming ? Eenvormige bedrijfsnaam ? Fantasiebenaming ?

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Deel dit artikel

Ik verwijs naar uw e-mail van 12 mei waar U de vraag stelt of de advocaten thans vrij zijn de benaming van hun kantoor naar keuze te bepalen en deze benaming uiteraard ook naar de buitenwereld kenbaar te maken. Idem naar de mogelijkheid van een eenvormige bedrijfsnaam of fantasiebenaming.

Deze vraag werd behandeld op de Commissie Deontologie van de Vereniging in haar vergadering van 28 juni 2000, waar het volgende standpunt werd ingenomen :

Vanzelfsprekend kunnen advocaten, die gegroepeerd zijn, de naam van één van hen als hun eenvormige bedrijfsnaam gebruiken als naam van het kantoor.

Het lijkt echter nog niet mogelijk een fantasiebenaming voor het kantoor te gebruiken.

U blijkt uit te gaan van het nieuwe reglement op de publiciteit om daaruit te kunnen afleiden dat de naam thans vrij is.

Er is door leden door leden van de Commissie opgemerkt dat in bepaalde landen, zoals in Frankrijk, een fantasiebenaming mogelijk is (“Bureau Racine”). Hetzelfde gebeurt in Italië.

Er wordt waarschijnlijk gedacht aan de mogelijkheid van “franchising” waardoor bv. de naam Euro Juris de naam van advocatenkantoren kan worden i.p.v. de naam te zijn van het verband waaronder zij organieke correspondentie bedrijven.

Het gebruik van dergelijke fantasiebenaming zou voordelen kunnen hebben voor de perenniteit van de naam ondanks wisselende fysieke personen die deel uitmaken van het samenwerkingsverband.

Uit het nieuwe reglement op de publiciteit kan niet afgeleid worden dat de naam op zichzelf thans vrij is.

De naam wordt immers gereglementeerd op dit moment door het Nationaal Reglement op de samenwerkingsverbanden (uitoefening in samenwerking van het beroep van advocaat, 8 maart 1990) waaraan nog geen wijzigingen zijn aangebracht.

Artikel 4 van het Reglement stelt dat advocaten die een burgerlijke vennootschap oprichten kan worden toegelaten een maatschappelijke benaming aan te nemen die evenwel uitsluitend de naam mag bevatten van één of meer vennoten over overleden vennoten.

Dezelfde regel wordt door artikel 5, dat betrekking heeft op de burgerlijke vennootschappen onder de vorm van vennootschap onder firma, coöperatieve vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid toegepast vermits dit artikel 5 zelf naar artikel 4 verwijst.

Daaruit moet besloten worden dat op dit moment een fantasiebenaming niet mogelijk is voor de beroepsuitoefening in samenwerkingsverband onder een burgerlijke vennootschap of onder een burgerlijke vennootschap met handelsvorm.

Stafhouder Jo Stevens

Bestuurder departement deontologie

Ook interessant

Advies 756

Meer lezen

Advies 751

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen
Advocaten-stagiairs
Deontologie Beroepsopleiding

Beroepsopleiding advocaten-stagiairs herzien

Sinds 2 oktober 2025 gelden er belangrijke veranderingen in de beroepsopleiding van advocaten-stagiairs. Onze algemene vergadering keurde op 24 september een nieuw reglement goed dat verschillende artikelen van de Codex Deontologie voor Advocaten wijzigt. De aanpassingen betreffen de stage en de beroepsopleiding en zijn gericht op een werkbaardere en duidelijkere invulling van het traject voor stagiairs.

Meer lezen