Deontologie-advies Advies 751
Hoewel Advies 91 volgens het dan heersende recht toeliet dat een advocaat - voorlopig bewindvoerder een legaat kon aanvaarden, verbiedt artikel 4.141 van het (nieuw) Burgerlijk Wetboek dit uitdrukkelijk. Voor advocaten blijft daarentegen artikel 1 van de Codex Deontologie voor Advocaten gelden. Een advocaat mag aldus testamentair begunstigde zijn. Hij moet daarbij toezien op zijn onafhankelijkheid. Uiteraard mag hij de cliënte niet hebben bijgestaan bij de redactie van het testament (zie ook Advies 453).
Auteur
Merve Köse
Auteur
Dominique Dombret
Vraag
U vraagt of het deontologisch toegelaten is dat een gewezen raadsman die als legataris is opgenomen in het testament van zijn (voormalige) cliënte, dit zou mogen aanvaarden. De advocaten die optreden voor de dochter van de erflater, menen dat er ernstige deontologische bezwaren bestaan in hoofde van de raadsman om de nalatenschap van een voormalige cliënte met betwistbare handelingsbekwaamheid te aanvaarden.
De raadsman zelf daarentegen meent niet op de hoogte geweest te zijn van de opmaak van het testament, laat staan dat hij betrokken zou zijn geweest bij de redactie ervan. Verder meent hij dat er geen bewijs van handelingsonbekwaamheid van zijn voormalige cliënte voorhanden voorligt.
Ik verleen u volgend advies.
Advies
Hoewel advies 91 volgens het dan heersende recht toeliet dat een advocaat voorlopig bewindvoerder een legaat kon aanvaarden, verbiedt het nieuwe artikel 4.141 van het (nieuw) Burgerlijk Wetboek dit uitdrukkelijk:
De in boek 1, titel XI, hoofdstuk II/1, van het oud Burgerlijk Wetboek bedoelde bewindvoerder en eenieder die een gerechtelijk mandaat uitoefent, kunnen geen voordeel genieten van giften die de beschermde persoon of de persoon ten aanzien van wie dit mandaat wordt uitgeoefend tijdens de rechterlijke bescherming of dit mandaat in hun voordeel mocht hebben gedaan.Deze bepaling is niet van toepassing op de personen bedoeld in artikel 496, eerste lid, van het oud Burgerlijk Wetboek en in artikel 4.142, derde lid, 2° en 3°.
Voor advocaten bestaat er vooralnog geen wettelijk verbod. Voor hen blijft artikel 1 van de Codex Deontologie voor Advocaten gelden, dat luidt als volgt:
De advocaat oefent zijn beroep op deskundige wijze uit met eerbiediging van het beroepsgeheim, van de essentiële plichten van onafhankelijkheid en partijdigheid, en met het vermijden van belangenconflicten. Hij eerbiedigt de beginselen van waardigheid, rechtschapenheid en kiesheid, die aan het beroep ten grondslag liggen.
Een advocaat mag aldus testamentair begunstigde zijn. Hij moet daarbij toezien op zijn onafhankelijkheid. Uiteraard mag hij de cliënte niet hebben bijgestaan bij de redactie van het testament (zie ook Advies 453).
Wat de handelingsbekwaamheid van de voormalige cliënt en de rechtsgeldigheid van het testament betreft, is dit geen deontologische kwestie. Enige betwisting daaromtrent moet via de geëigende weg betwist worden. Het komt gebeurlijk de rechtbank toe te oordelen of de erflater op het ogenblik van haar uiterste wilsbeschikking, nog voldoende gezond van geest was.
Het feit dat de raadsman haar heeft bijgestaan in betwistingen omtrent de installatie (of niet) van een bewind, sluit hem niet uit van een later legaat.
Jan Meerts
Bestuurder deontologie, tucht en regulering
Download
Lees ook deze adviezen:
Advies 91
Testamentair legaat ten voordele van advocaat voorlopig bewindvoerder - deze kan dit legaat aanvaarden.
Advies 453
Er bestaat geen wettelijk verbod op schenkingen aan kinderen van advocaten - de advocaat moet vrij van alle druk, onder andere van zijn eigen belangen, optreden. Een advocaat die zijn cliënt aanzet tot bevoordeling van zijn kinderen handelt als het ware met tegenstrijdige belangen en beschikt niet meer over de nodige onafhankelijkheid - indien een testator een testament heeft opgesteld zonder hierbij de advocaat te raadplegen, kan de advocaat wellicht niets verweten worden. Geen belangenvermenging – een voorlopig bewindvoerder / gerechtelijke mandataris in het algemeen kan geen legaat of schenking ontvangen van zijn pupil. Een legaat of schenking door een cliënt aan een advocaat die geen voorlopig bewindvoerder / gerechtelijk mandataris is, kan niet verboden worden omdat het niet wettelijk is geregeld. De advocaat die advies geeft moet zich evenwel onthouden indien zijn onafhankelijkheid in het gedrang kan komen (o.a. door eigen belangen of tegenstrijdige belangen).