Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 12

Maatschappelijke benaming van burgerlijke advocatenvennootschap



Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Deel dit artikel

Ik verwijs naar uw brief van 27 november ll. betreffende de groeperings-overeenkomsten, en met name het gebruik van een “maatschappelijke benaming”.

Het is inderdaad zo dat in artikel 4 van het Nationaal Reglement van 8 maart 1990 (uitoefening in samenwerking van het beroep van advocaat) bepaald is dat advocaten die een burgerlijke vennootschap oprichten, kunnen worden toegelaten een maatschappelijke benaming aan te nemen die evenwel uitsluitend de naam mag bevatten van één of meer vennoten of overleden vennoten.

Het gaat over een algemeen artikel over de burgerlijke vennootschappen, dat verder gespecificeerd wordt in artikel 5 wat betreft de burgerlijke vennootschappen onder de vorm van een vennootschap onder firma, een coöperatieve vennootschap of een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid.

Een groepering, associatie of maatschap is een burgerlijke vennootschap doch zonder handelsvorm.

Op dergelijke groepering is artikel 5 niet toepasselijk, maar wel artikel 6 van het Reglement dat stelt dat advocaten, stagiairs en advocatenvennootschappen die een groeperingsovereenkomst sluiten, aan de Raden van de Orde of de Stafhouders hun ontwerp van overeenkomst van statuten ter goedkeuring moeten voorleggen, met inachtneming van de bepalingen van artikelen 4 en 5 van het Reglement.

Dus wordt in artikel 6, wat betreft de zuiver burgerlijke vennootschappen, uitdrukkelijk verwezen naar artikel 4 dat reeds sprak over de burgerlijke vennootschappen.

Derhalve is het duidelijk dat de advocaten die een zuiver burgerlijke vennootschap oprichten rechtstreeks ressorteren onder artikel 4, terwijl deze die een burgerlijke vennootschap met handelsvorm willen oprichten door de verwijzing in artikel 5 naar de bepalingen van artikel 4 van dezelfde mogelijkheden genieten en dezelfde verplichtingen hebben.

Derhalve kan een gemeenschappelijke benaming ook voor een groepering van advocaten toegepast worden en moet artikel 4 geenszins a contrario geïnterpreteerd worden in die zin dat de gemeenschappelijke benaming slechts wordt toegestaan aan hen die een “handels- “vennootschap oprichten.

Eén en ander komt overeen met de historische evolutie omdat er reeds burgerlijke vennootschappen tout court bestonden vooraleer er burgerlijke vennootschappen met handelsvorm werden toegelaten in de diverse reglementen van de balies, die later zijn geünificeerd door het Nationaal Reglement.

Ik hoop U met dit advies van dienst te zijn geweest en verzoek U overeenkomstig wat bepaald werd in de vergadering van de Raad van Afgevaardigden van 2 november ll. te laten weten of dit advies ook mag verspreid worden naar de overige Stafhouders en balies van het Vlaamse land.

Stafhouder Jo Stevens
Bestuurder departement deontologie


Ook interessant

Advies 756

Meer lezen

Advies 751

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen
Advocaten-stagiairs
Deontologie Beroepsopleiding

Beroepsopleiding advocaten-stagiairs herzien

Sinds 2 oktober 2025 gelden er belangrijke veranderingen in de beroepsopleiding van advocaten-stagiairs. Onze algemene vergadering keurde op 24 september een nieuw reglement goed dat verschillende artikelen van de Codex Deontologie voor Advocaten wijzigt. De aanpassingen betreffen de stage en de beroepsopleiding en zijn gericht op een werkbaardere en duidelijkere invulling van het traject voor stagiairs.

Meer lezen