- Ereloon
- Verwaarlozing belangen cliënt
- Schorsing met uitstel
De advocaat wordt vervolgd wegens niet diligent handelen met verwaarlozing van de belangen van de cliënt en het niet duidelijk meedelen van de ereloonafspraken.
De advocaat werpt in zijn conclusies op dat hij niet meer kan vervolgd of veroordeeld worden voor de hem thans ten laste gelegde feiten, waarbij hij specifiek verwijst naar een eerder behandeld dossier, waarvoor de advocaat reeds tuchtrechtelijk vervolgd én veroordeeld werd, zowel in eerste aanleg als in graad van beroep. De tuchtraad is van mening dat er geen sprake is van een schending van het rechtsbeginsel ‘non bis in idem’ omdat het verschillende klagers en feiten betreft. De tuchtraad besluit dat over dit dossier ten gronde kan geoordeeld worden.
Deze tuchtinbreuk volgt in zeer korte tijdspanne op een eerdere tuchtinbreuk, waarvoor de betrokken advocaat zowel in eerste aanleg als in beroep veroordeeld werd, waarbij hem de gunst van de opschorting werd verleend.
De tuchtraad veroordeelt de advocaat tot een schorsing van 8 dagen met uitstel.
Tegen deze beslissing werd hoger beroep aangetekend:
TB-0338-2025: Beslissing van 14 januari 2026
Ereloon
Verwaarlozing belangen cliënt
Opschorting