- Punten permanente vorming
- Geen verslag permanente vorming
- Tuchtrechtelijk verleden
- Misleidend optreden stafhouder
- Vrijspraak
De advocaat behaalde voor het gerechtelijk jaar 2014-2015 onvoldoende punten permanente vorming, minstens liet hij na hiervan verslag uit te brengen aan de stafhouder.
Op 18 augustus 2015 opende de toenmalige stafhouder een tuchtonderzoek wegens het niet-behalen van voldoende punten in 2013 – 2014. Bij beslissing van 26 januari 2016 werd hem hiervoor de sanctie van waarschuwing opgelegd.
Het openen van het tuchtdossier op 14 december 2015 voor de nu voorliggende feiten situeert zich tussen de oproeping van 30 november 2015 voor het niet-behalen van voldoende vormingspunten voor het jaar 2013- 2014 en de zitting op 22 december 2015.
Op het ogenblik dat het niet-behalen van voldoende vormingspunten voor het jaar 2013-2014 aanhangig gemaakt werd, minstens wanneer dit behandeld werd, had de stafhouder kennis van de behaalde punten voor het afgesloten jaar 2014-2015. Door voor de onvoldoende vormingspunten voor dat jaar alsdan niet te vervolgen heeft de stafhouder bij de advocaat minstens de indruk gewekt daarvoor later niet verder te zullen vervolgen.
Hetzelfde kan overigens gezegd worden van de houding van stafhouder Q die zelf niet vervolgde en daardoor minstens de indruk wekte de uitleg te aanvaarden en de facto een vrijstelling te verlenen, stukken die overigens niet bijgebracht zijn bij de behandeling van de beslissing van 26 januari 2016.
De advocaat mocht er dan ook redelijkerwijze van uitgaan dat er geen vervolging meer zou volgen voor het onvoldoende halen van vormingspunten voor de periode 2014 – 2015.
De tuchtraad spreekt de advocaat vrij.
Lees ook deze beslissing