- Niet (tijdig) overmaken derdengelden aan cliënt
- Aanwenden derdengelden als ereloon zonder akkoord
- Blanco tuchtverleden
- Verstek
- Schorsing 8 dagen
De advocaat betwist de klacht en stelt dat zijn vroegere vennoot steeds de briefwisseling voerde en dat deze blijkbaar niet altijd heeft gereageerd op de e-mails aan hem gericht. Hij stelt derhalve weinig te kunnen verweten worden aangezien niet hij maar die vennoot onvoldoende zou gereageerd hebben op de e-mails van de zaakvoerder van de cliënt-CVBA. Hij zelf zou onmiddellijk gereageerd hebben na een telefonisch onderhoud met de zaakvoerder van de cliënt-CVBA en zou het saldo van de derdenrekening hebben overgemaakt.
Na verrekening met openstaande ereloonstaten uit het dossier blijkt dat de derdengelden werden overgeschreven van de derdenrekening voor advocaten naar de werkingsrekening van het kantoor. De zaakvoerder van de CVBA blijft vragen achter een prestatieoverzicht van de gerecupereerde ereloonstaten en blijft stellen dat alle door hem niet-betwiste ereloonstaten correct werden betaald. Dit is niet gebeurd, zelfs niet na neerleging van de klacht.
Rekening houdend met de concrete omstandigheden in dit dossier en het blanco tuchtverleden, is de tuchtraad van oordeel dat een schorsing van acht dagen een passende bestraffing uitmaakt. Een tijdig verzet of hoger beroep tegen deze beslissing zal in voorkomend geval de tenuitvoerlegging ervan schorsen.
Lees ook deze beslissing