Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies

781 aantal items zijn gevonden. U vindt hier 781 items op pagina 14 van de 66.
vrijdag 08 maart 2019

Advies 633

Sedert de opheffing van het reglement van de Nationale Orde wordt de aansprakelijkheid van de advocaat voor de staten van de gerechtsdeurwaarder gestoeld op aquiliaanse grondslag, met name het scheppen van een valse schijn van kredietwaardigheid. Het gaat dus mogelijk om een inbreuk op de algemene zorgvuldigheidsplicht: door de gerechtsdeurwaarder niet te verwittigen laat de advocaat hem in de waan dat hijzelf maatregelen genomen heeft om via een provisie de betaling van de staten te verzekeren, zodat de gerechtsdeurwaarder op dit punt niets moet ondernemen en de betaling van zijn kosten via de advocaat kan afwachten

Meer lezen
dinsdag 05 maart 2019

Advies 632

Hoewel de overeenkomst tussen een advocaat en een cliënt intuiti personae is, kan de dominus litis in het belang van zijn cliënt beroep doen op confraters, om praktische redenen, omwille van hun expertise, ... De ‘loco advocaten’ zijn niet gehouden tot transparantie over de (financiële) voorwaarden van hun onderaanneming ten aanzien van de cliënt van de dominus litis. Het is enkel de dominus litis die rekenschap moet geven.


Meer lezen
vrijdag 01 maart 2019

Advies 631

Het is de advocaat fysieke persoon die de prestaties kan uitvoeren en hiervoor moet ingeschreven zijn bij de Orde, maar dat neemt niet weg dat diezelfde advocaat kan beslissen dat hij deze activiteit uitoefent via een vennootschap die wordt ingeschreven in de KBO.


Meer lezen
donderdag 28 februari 2019

Advies 627

Alleen de rechter is in het kader van een geding bevoegd zich uit te spreken over de geldigheid en toepasbaarheid van het niet-concurrentiebeding en de verhouding ervan met het principe van vrije keuze van advocaat, dat van openbare orde is.
De keuzevrijheid is geen beletsel voor een advocaat om een zaak te weigeren, waarbij deze weigering gegrond is op een contractuele verplichting. Deze laatste visie kan des te meer worden verdedigd in gevallen waar de advocaat zijn cliënteel heeft overgedragen tegen vergoeding, mits zich te onderwerpen aan een concurrentiebeding.

Meer lezen
donderdag 28 februari 2019

Advies 630

Artikel 106, derde lid van de Codex heeft alleen betrekking op de betekening en niet op de tenuitvoerlegging. De verwittiging bij de betekening heeft nut omdat het de beroepstermijn doet lopen. Dit geldt niet voor de tenuitvoerlegging. Integendeel, het kan in het nadeel zijn van de cliënt wanneer de tegenpartij zijn goederen laat verdwijnen. Omwille van het verrassingseffect dient er aldus niet verwittigd te worden wanneer men overgaat tot tenuitvoerlegging.


Meer lezen
maandag 11 februari 2019

Advies 629

De Codex bevat geen enkele deontologische bepaling over de financiële gehoudenheid van de advocaat tegenover de gerechtsdeurwaarder die hij een opdracht gegeven heeft namens zijn cliënt. Het betreft een civielrechtelijke kwestie waarvoor enkel de rechter bevoegd is.


Meer lezen
maandag 04 februari 2019

Advies 628

Er dient transparantie te zijn over het feit dat een advocaat de stille vennoot is in een advocatenvennootschap ten aanzien van de advocaten die samenwerken met de advocaat van de vennootschap. Betrokken advocaten mogen niet tegen elkaar optreden volgens artikel 9,§2 van de Codex.


Meer lezen
vrijdag 01 februari 2019

Advies 626

Het gebruik van de term “specialisten cassatie” door een advocaat die geen cassatieadvocaat is, is strijdig met het Wetboek van Economisch Recht, aangezien de onvolledige informatie een cliënt op een dwaalspoor kan brengen met betrekking tot de kwaliteiten van de advocaat.
Een advocaat mag geen misleidende publiciteit mag voeren (artikel 83 van de Codex) - artikel 85 van de Codex verbiedt de advocaat via publiciteit bekend te maken dat hij over een bijzondere deskundigheid beschikt in één of meerdere rechtsmateries, tenzij die deskundigheid op grond van de door hem verworven kennis en/of ervaring aannemelijk kan worden gemaakt.

Meer lezen
vrijdag 04 januari 2019

Advies 625

Artikel 160ter, tweede lid van de Codex - bij gebrek aan gerechtelijke of arbitrale uitspraak over de uittreding, respectievelijk uitsluiting als aandeelhouder van de BVBA, blijft men nog steeds vennoot. Bovendien werkt een gerechtelijke of arbitrale beslissing ex nunc en kan een uitspraak over de uittreding / uitsluiting dus nooit retroactief werken. Het Gerechtelijk Wetboek, noch het lokaal verkiezingsreglement bepalen dat een gewezen raadslid zijn mandaat lopende het gerechtelijk jaar terug kan opnemen. Zo de advocaat terug lid wenst te worden van de raad, moet hij opnieuw worden verkozen.


Meer lezen
woensdag 26 december 2018

Advies 624

Het faillissementsvonnis heeft uitwerking van de dag van het vonnis. Dat strookt met artikel 160ter van de Codex, volgens hetwelk de advocaat die failliet is verklaard ambtshalve wordt weggelaten van het tableau of de lijst van stagiairs of de lijst bedoeld in artikel 58 van de Codex.
De intrekking van het faillissement werkt slechts voor de toekomst en wist niet noodzakelijk alle gevolgen van het faillissementsvonnis uit. Bijgevolg lijkt artikel 160quinquies van de Codex onverkort van toepassing. De betrokken advocaat dient aan de raad van de Orde de inschrijving op het tableau of de lijst van stagiairs of de lijst bedoeld in artikel 58 te vragen. In voorliggend geval komt het niet onbillijk over als de raad van de Orde zou overwegen om de betrokken advocaat de rang van zijn eerste inschrijving te laten hernemen, in afwijking op de tweede zin van artikel 160quinquies van de Codex.

Meer lezen
dinsdag 18 december 2018

Advies 623

Artikel 162 van de Codex bepaalt dat de advocaat belast met een gerechtelijk mandaat onderworpen blijft aan de deontologie van de advocaat, tenzij de deontologische regel onverenigbaar is met dat mandaat. Hoewel de advocaat door de rechtbank aangesteld wordt en zijn opdracht uitvoert onder controle van die rechtbank, blijft hij onderworpen aan het tuchtgezag van zijn Orde. Deontologische fouten in de uitoefening van het gerechtelijk mandaat (in casu de schuldbemiddeling) kunnen dus tuchtrechtelijk bestraft worden.


Meer lezen
maandag 17 december 2018

Advies 619

Een advocate mag een hoofddoek dragen tijdens de uitoefening van haar ambtsverrichtingen. Als ze voor de rechtbank pleit, is de rechtbank terzake bevoegd


Meer lezen