Deontologie-advies Advies 729
Krachtens artikel 17bis van de Codex maken de onafhankelijkheidsvereiste en het verbod om tegenstrijdige belangen te behartigen dat advocaten die in een groepering of associatie met een advocaat-bewindvoerder werken, evenals de medewerkers en stagiairs van diens kantoor, slechts in uitzonderlijke omstandigheden voor diens pupil als advocaat zullen kunnen optreden.
Het is niet aangewezen dat de kantoorgenoot én echtgenoot van de advocaat-bewindvoerder de belangen van diens pupil behartigt in een procedure voor de familierechtbank. In dit geval bestaat er immers zowel een (mogelijk) professioneel als een (mogelijk) relationeel belangenconflict in hoofde van de kantoorgenoot én echtgenoot van de advocaat-bewindvoerder.
Auteur
Merve Köse
Auteur
Dominique Dombret
Vraag
U vraagt zich af of de bijstand van de pupil in een procedure voor de familierechtbank ter vaststelling en begroting van de onderhoudsbijdrage voor de kinderen, kan worden waargenomen door een kantoorgenoot én echtgenoot van de aangestelde advocaat-bewindvoerder.
Ik verleen u volgend advies.
Advies
De onafhankelijkheidsvereiste (artikel 2 CDA) en het verbod om tegenstrijdige belangen te behartigen (artikel 5 CDA) maken dat een advocaat enkel in uitzonderlijke omstandigheden voor zijn pupil, voor wie hij als bewindvoerder is aangesteld, zal kunnen optreden. Dat blijkt reeds uit advies 501, zoals bevestigd door advies 615:
“Of de bewindvoerder kan optreden in een procedure voor zijn pupil in de hoedanigheid van advocaat, is afhankelijk van de concrete situatie en van de procedure in kwestie.
In de eerste plaats moet worden gekeken of er tegenstrijdige belangen zijn of kunnen zijn. Zo is het uit den boze om een procedure te voeren waarin de beoordeling van een beslissing van de bewindvoerder zelf aan de orde is.
Andere procedures, waarbij zich geen tegenstrijdige belangen manifesteren, maar die dermate ingrijpend kunnen zijn voor de pupil, lijken ook uitgesloten. Zo is het niet wenselijk om een zware correctionele zaak te pleiten voor een cliënt waarvoor de advocaat bewindvoerder is. Het resultaat van zulke procedure kan immers nefaste gevolgen hebben voor de verhouding tussen de bewindvoerder en de pupil.
Anderzijds zal een kleinere zaak, bijvoorbeeld over een lichte verkeersovertreding, weinig problemen kunnen opleveren zodat er hiertegen in principe geen bezwaar kan worden geuit dat de advocaat optreedt voor de pupil.
De advocaat van de pupil zal ten allen tijde onafhankelijk zijn en in zijn verdediging van de pupil niet gehinderd worden door zijn gerechtelijk mandaat.”
Advies 615 heeft dat nadien bevestigd:
“In principe is het deontologisch niet toelaatbaar om als persoonlijke raadsman en als bewindvoerder op te treden voor dezelfde persoon. Een uitzondering zou desgevallend mogelijk kunnen zijn voor kleinere zaken (zoals een kleine verkeersovertreding) waarin geen belangenconflict speelt.”
Krachtens artikel 17bis van de Codex zijn die principes eveneens van toepassing op de advocaten die in een groepering of associatie met de advocaat-bewindvoerder werken, evenals op de medewerkers en de stagiairs van het kantoor.
Bijgevolg kunnen ook kantoorgenoten (en a fortiori echtgenoten) van de advocaat-bewindvoerder enkel in uitzonderlijke omstandigheden voor diens pupil als advocaat optreden.
Bovendien lijkt het niet aangewezen dat de kantoorgenoot én echtgenoot van de advocaat-bewindvoerder de belangen van diens pupil behartigt in een procedure voor de familierechtbank. In dit geval bestaat er immers zowel een (mogelijk) professioneel als een (mogelijk) relationeel belangenconflict in hoofde van de kantoorgenoot én echtgenoot van de advocaat-bewindvoerder.
Jan Meerts
Bestuurder deontologie, tucht en regulering
Download
Lees ook deze adviezen:
Advies 615
Een advocaat mag voor dezelfde persoon niet optreden als persoonlijke raadsman en als bewindvoerder
Advies 501
Of de bewindvoerder kan optreden in een procedure voor zijn pupil in de hoedanigheid van advocaat, is afhankelijk van de concrete situatie en van de procedure in kwestie. Het is uit den boze om een procedure te voeren waarin de beoordeling van een beslissing van de bewindvoerder zelf aan de orde is. Andere procedures waarbij zich geen tegenstrijdige belangen manifesteren, maar die dermate ingrijpend kunnen zijn voor de pupil, lijken ook uitgesloten. Er bestaat in principe geen bezwaar tegen dat een advocaat optreedt voor de pupil in een kleinere zaak - de advocaat van de pupil zal ten allen tijde onafhankelijk zijn en in zijn verdediging van de pupil niet gehinderd worden door zijn gerechtelijk mandaat.