Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 216

Erelonen - taak van de Orde door de wet bepaald (artikel 459 Ger.W.) geen afwijking ingevolge gebruiken van de balie mogelijk

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Deel dit artikel

Vraag

Stafhouder X duidt aan dat er in zijn balie gebruiken en gewoonten zijn die niet voorzien in een specifieke vorm van taxatie door de Orde of de taxatiecommissie van de Orde, welke laatste commissie volgens de tradities slechts op twee manieren wordt gevat :

  • ofwel mits ondertekening door partijen van een scheidsrechtelijke overeenkomst,
  • ofwel krachtens een vonnis van de rechtbank waarbij de raad van de Orde een advies over de ereloonbetwisting wordt gevraagd.

De cliënten in kwestie hebben wel een scheidsrechtelijke overeenkomst ondertekend maar de betrokken advocaat wenst dat niet te doen.

De advocaat heeft een eerste deel van het ereloon afgehouden van bedragen die hij heeft ontvangen en het tweede deel in de staat van kosten en erelonen opgenomen, die de cliënten weigeren te betalen.

Stafhouder X wijst er op dat in sommige balies ingevolge de reglementaire beschikkingen de stafhouder een verslaggever kan aanstellen die eventueel als taxateur kan optreden, en in geval van detaxatie door de Orde heeft de advocaat in kwestie nog altijd de mogelijkheid zich tot de rechtbank te wenden omdat het dan niet om een scheidsrechtelijke sententie gaat maar slechts een advies.

De Orde kan ook disciplinaire maatregelen op vordering van de stafhouder nemen tegen advocaten die een overdreven ereloon in rekening brengen.

Advies

Het is duidelijk dat stafhouder X de betrokken advocaat niet kan verplichten een overeenkomst van arbitrage, waarbij dan de Orde of de taxatiecommissie als arbiter zou optreden, te ondertekenen.

Een dergelijke arbitrageprocedure kan door de Raad niet worden opgelegd, ook niet aan de betrokken advocaat (Gent, 22 maart 1988, R.W., 1989-90, 151 ; Brussel, 4 oktober 1993, J.L.M.B., 1993, 1268).

De idee om de toelating tot dagvaarding te weigeren aan de betrokken advocaat lijkt mij ook geen goede : uiteindelijk kan de stafhouder niet beschikken over een recht tot adiëring van de bevoegde rechtbank door de betrokken advocaat, ook al zou hij de mening toegedaan zijn dat de advocaat een overdreven ereloon eist en dat het openbaar debat voor de rechtbank de reputatie van de balie als geheel in opspraak kan brengen.

M.i. is het duidelijk dat de stafhouder niet de bevoegdheid heeft om de toegang tot de rechter betreffende een burgerlijk recht te ontzeggen aan één van de leden van zijn balie.

Anderzijds kan ik niet akkoord gaan met de overweging dat een openbaar debat voor de rechtbank schadelijk zou zijn voor de reputatie van de balie als dusdanig.

Indien de balie haar verantwoordelijkheden terzake neemt, hoeft dat helemaal niet zo te zijn. Daarover spreek ik dadelijk.

Bovendien wanneer de houding van een advocaat niet door de beugel kan, moet het niet aan de Orde staan, zelfs om redenen van reputatie van de balie als geheel, om het toezicht van de rechtbanken te verijdelen of te pogen dit uit te schakelen.

Advocaten zijn gewone burgers met rechten en verplichtingen zoals gewone burgers. Indien zij in het kader van hun contractuele rechten onbehoorlijk optreden zie ik er geen enkel bezwaar tegen dat de rechtbank dat in een bepaald geval ook zal vaststellen.

Ik meen tenslotte dat wat betreft de gebruiken en gewoonten van uw balie, dit een onjuiste opvatting is.

De gebruiken en gewoonten van de balie, zelfs al zijn die in een bepaalde richting gedurende lange tijd gevestigd, kunnen bezwaarlijk afbreuk doen aan de wet en de rechten en de plichten van de advocaten en van hun balie in de wet ingeschreven.

De wijze van werken i.v.m. erelonen wordt uitdrukkelijk vastgelegd in artikel 459 Ger.W.

Daar wordt bepaald dat in geval de begroting niet met een billijke gematigdheid is vastgesteld, ze door de raad van de Orde wordt verminderd met in achtneming o.m. van de belangrijkheid van de zaak en de aard van het werk onder voorbehoud van de teruggave die hij beveelt en van de tuchtstraffen die hij oplegt, indien daartoe grond bestaat, dit alles onverminderd het recht van de partij om zich tot het gerecht te wenden indien de zaak niet aan het scheidsgerecht is onderworpen.

Dat is de wet en een gebruik of een gewoonte van de balie kan de prerogatieven die de Orde in dit artikel vindt niet ontnemen aan de Orde. De Orde is immers een instelling van publiek recht ; ze kan niet door gebruik of gewoonte aan haar wettelijke taak of prerogatieven verzaken.

Het is dus perfect mogelijk dat de raad van de Orde het ereloon van de betrokken advocaat kan verminderen. Ten dien einde kan de raad van de Orde een verslaggever aanstellen om de zaak te onderzoeken en verslag te geven over het al dan niet onbehoorlijke karakter van het ereloon.

Het is niet de taxatiecommissie maar de raad van de Orde die terzake beslist en die teruggave kan bevelen van wat teveel zou zijn ontvangen.

Bovendien kan de raad van de Orde een tuchtstraf opleggen ingevolge haar bevoegdheden die uit dit artikel blijken. De raad van de Orde kan gewoon een taxatiebeslissing nemen ongeacht of er een scheidsrechtelijke overeenkomst werd ondertekend en of het gaat om een advies aan de rechtbank.

Daarnaast kan de raad van de Orde een tuchtstraf opleggen. Er zijn dus twee mogelijkheden : een administratief geding voor de raad van de Orde met het oog op een taxatie door deze raad van de Orde en een tuchtrechtelijk geding op initiatief van de stafhouder, waarbij de betrokken advocaat wordt opgeroepen voor de Orde om reden dat hij een onbehoorlijk ereloon aangerekend heeft aan zijn cliënt. Vermits het in dat laatste geval om een tuchtzaak gaat, zal het hoofdens artikel 457 Ger.W. door toedoen van de stafhouder zijn dat de raad van de Orde kennis neemt van deze tuchtzaak.

De vrijheid van de advocaat zelf zijn ereloon te bepalen wordt dus a posteriori begrensd door de opdracht van artikel 459, al. 2 Ger.W., aan de raad van de Orde gegeven, de staat, indien deze niet met billijke gematigdheid werd vastgesteld, te verminderen enerzijds, en anderzijds door de mogelijkheid van gerechtelijke controle van de ereloonstaat.

Bovendien kan de raad van de Orde, wanneer de stafhouder van de zaak een tuchtgeding heeft gemaakt, nog een tuchtstraf opleggen ook.

Wanneer het gaat om een eenvoudige taxatie (administratiefrechtelijke bevoegdheden) blijkt uit het arrest Paklons van 9 oktober 1992 (Cass., 9 oktober 1992, Arr. Cass., 1991- 92, 1188, Pas., 1992, I, 1144, R.W., 1992-93, 753) dat de betrokken advocaat ook na detaxatie door zijn raad van de Orde nog de rechtbank kan adiëren om over zijn burgerlijk recht terzake uitspraak te laten doen. Hij is dus niet gebonden door deze beslissing van de raad van de Orde, die als een advies zal gelden.

Het gaat in dat geval niet om een beslissing in tuchtzaken, zodat de advocaat geen beroep kan instellen tegen de beslissing van zijn raad van de Orde. Dat kan hij vanzelfsprekend wel indien de zaak niet als een taxatie van zijn raad van de Orde maar als een tuchtzaak wordt behandeld, nl. door saisine van de raad van de Orde door de stafhouder (STEVENS, J., Regels en gebruiken van de advocatuur te Antwerpen, 2de ed., nr 723, pag. 529).

Tenslotte kan de raad van de Orde ook verzocht worden door een rechtbank, bij betwisting van een staat in rechte, daarover een raadgevend advies te geven als expert ; dan treedt de raad van de Orde niet op als een rechtsmacht en de proceduregaranties zoals artikel 6, § 1 E.V.R.M. (evenmin als artikel 459, lid 2 Ger.W.) zijn dan niet van toepassing op de raad (Cass., 12 maart 1992, Pas., 1992, I, 624 ; R.W., 1992-93, 224, J.T., 1992, 776, noot Lambert, P., L'avis du conseil de l'ordre sur une contestation d'honoraires).

Stafhouder Jo Stevens

Bestuurder departement deontologie

Ook interessant

Advies 702

Meer lezen

Advies 693

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen