Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 150

Voorrang onder advocaten - plaatsvervangende raadsheer voor het Hof - geen voorrang

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Blijkbaar heeft een confrater voorrang ingeroepen voor de behandeling van zijn zaak voor het Hof van Beroep gezien hij plaatsvervangend raadsheer is.

De eerste voorzitter bij het Hof van Beroep te Antwerpen is van mening dat er geen voorrang mag ingeroepen worden op grond van de titel van plaatsvervangend raadsheer in het Hof behoudens dan in geval deze raadsheer geroepen is om dezelfde dag zijn ambt te vervullen.

Het is zo dat de voorrang die soms verleend wordt (in de Vredegerechten is het gebruik vaststaande gezien de persoonlijke band van de Vrederechter met de meeste van zijn plaatsvervangende rechters) geen kwestie is van wet of reglement maar een kwestie van hoffelijkheid van de zetelende (vrede-)rechter tegenover één van zijn plaatsvervangers die voor hem komt pleiten.

Gezien het ontbreken van de gezegde persoonlijke band van de plaatsvervanger met de voorzitter van de kamer waar hij voor pleit, bestaat het gebruik blijkbaar niet in de rechtbanken van eerste aanleg of in de handelsrechtbanken.

Ik heb in ieder geval nooit een advocaat weten een beroep doen op deze beweerde voorrang in deze rechtsmachten en evenmin de voorzitter in de bedoelde kamers om deze reden een voorrang horen geven aan een plaatsvervangend rechter - advocaat.

Waar het om een eenvoudige regel van courtoisie gaat, bestaat er dan ook m.i. geen enkel recht voor een plaatsvervangend rechter om zich op dergelijke regel te beroepen wanneer hij daar niet wordt toe uitgenodigd door de rechtsmacht.

Het is inderdaad degene die de rechtsmacht voorzit die de politie ter zitting heeft, de rol regelt en de gang van zaken in zijn kamer bepaalt, en wanneer hij meent bepaalde courtoisie te moeten uiten tegenover een plaatsvervanger, zal daar wel niet veel bezwaar tegen bestaan.

Ik meen dat in gelijke omstandigheden geen bijzonder voorrang moet worden gegeven aan advocaten - plaatsvervangende raadsheren voor het Hof van Beroep behoudens wanneer daarvoor een bijzondere reden zou gelden.

Dergelijke redenen worden over het algemeen ook in aanmerking genomen door de voorzitters van de kamers of de vrederechters wanneer een advocaat een bijzondere reden van dringendheid of tijdsgebruik uiteenzet, bv. omdat hij nog op een andere eventueel hogere rechtsmacht moet aanwezig zijn of ergens als plaatsvervanger moet zetelen.

In de huidige omstandigheden denk ik dat er geen uitzondering moet worden gemaakt en dat de regel door de eerste voorzitter voorgesteld een wijze regel is, met name dat voorrang kan gegeven worden aan advocaten - plaatsvervangende raadsheren in geval dat zij geroepen zijn om dezelfde dag (voormiddag of namiddag) hun ambt te vervullen.

Stafhouder Jo Stevens
Bestuurder departement deontologie


Ook interessant

Advies 769

Meer lezen

Advies 570

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen