Ga verder naar de inhoud

TB-0174-2017: Beslissing 13 juni 2017

Deel dit artikel

  • Permanente vorming
  • Onpartijdigheid
  • Niet strijdig met W.E.R. 
  • Waarschuwing

De advocaat werd vervolgd omdat hij voor het gerechtelijk jaar 2014-2015 slechts 3 punten had behaald voor de permanente vorming (thans art. 52,53 en 57 van de codex deontologie voor advocaten).

Aan de advocaat werd de tuchtstraf van de waarschuwing opgelegd.

Wanneer de rechter als regelgever betrokken was bij de totstandkoming van de betrokken norm, dit geen reden tot wraking is (Arbitragehof, 10 mei 1994, nr. 35/94, R.W., 1994-95, 23, met noot, waarbij verwezen wordt naar Arbitragehof, 29 januari 1987, R.W., 1986-87, 2433 met noot L. Vermeire en EHRM, 23 juni 1993, R.W., 1993-94, 848, met noot M. Wouters). Het feit dat iemand betrokken is bij het wetgevend proces volstaat op zich niet om diens objectieve onpartijdigheid als rechter in het gedrang te brengen.

De advocaat voert aan dat de bepalingen van art. 52,53 en 57 van de codex deontologie voor advocaten strijdig zijn met art. III.13 § 1 W.E.R.

De tuchtraad van beroep verwijst naar de twee arresten die gewezen werden door het Hof van Cassatie op 22 december 2005 inzake de permanente vorming (Cass. 22 december 2005, T.B.B.R., 2008, 122, Cass. 22 december 2005, RABG, 2006, 319 met noot B. Maes).

Uit deze arresten blijkt dus dat de Ordes een zekere mate van vrijheid hebben bij de beoordeling van wat nuttig en passend is voor het te bereiken wettelijke doel, met de kennelijke evenredigheid en kennelijke redelijkheid als criteria. (J. Stevens, Advocatuur. Regels & Deontologie, Mechelen, Wolters Kluwer, 2005, p. 201, nr. 238. 4 e.v.).

De OVB heeft dus niet enkel de bevoegdheid om de permanente vorming te organiseren, maar kan ook de criteria bepalen waaraan de activiteiten moeten voldoen om als permanente vorming erkend te worden.

De OVB heeft een erkenningscommissie opgericht. Deze commissie oordeelt over de vraag of een bepaalde activiteit al dan niet in aanmerking komt om erkend te worden in het kader van de permanente vorming, en, zo dit het geval is, hoeveel punten hieraan worden toegekend (art. 55-56 codex deontologie voor advocaten).

Indien de erkenningscommissie een aanvraag tot erkenning afwijst kan de aanvrager hiertegen bezwaar aantekenen. Het dossier wordt dan opnieuw onderzocht (art. 56 codex deontologie voor advocaten).

De advocaat verliest klaarblijkelijk uit het oog dat niet enkel de organisator van een permanente vormingsactiviteit maar ook een individuele advocaat een aanvraag tot erkenning kan indienen.

Uit niets blijkt dat de advocaat dit ooit heeft gedaan.

Art. 52 van de codex deontologie voor advocaten bepaalt dat de permanente vorming een deontologische plicht is voor elke advocaat. Deze verplichting is opgenomen in de definitie van beoefenaar van een vrij beroep, zoals opgenomen in het W.E.R. Deze permanente vorming houdt in “zich op regelmatige wijze bekwamen en bijscholen in juridische of beroepsondersteunende materies, door erkende cursussen te volgen en / of te doceren, lezingen in juridische materies te houden, of te publiceren in de zin van dit hoofdstuk”.

Art. 57 Codex deontologie voor advocaten bepaalt dat de advocaat uiterlijk op 30 september verslag moet uitbrengen over het door hem gevolgde programma van permanente vorming.

De tuchtraad van beroep bevestigt de waarschuwing als sanctie.

Lees ook deze beslissing

Rechter
Tuchtdatabank

TAA/SA/0266/2016: Beslissing 20 december 2016

Permanente vorming
Waarschuwing

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen