Ga verder naar de inhoud

TB-0147-2015: Beslissing 15 maart 2016

Deel dit artikel

  • Art. 508/8 Ger. W.
  • Art. 458, §1 Ger. W.
  • Gegrond beroep

Het (kwaliteits)toezicht van de raad van de Orde

Artikel 508/8 Ger. W. bepaalt dat de Orde van Advocaten toeziet op ‘de kwaliteit van de prestaties die door de advocaten worden verstrekt in het kader van de juridische tweedelijnsbijstand’. Gezien de wetsgeschiedenis en de wetscontext van het artikel, en het (financieel) verregaande ingrijpende karakter van de voorziene sanctie, moet aangenomen worden dat het niet louter betrekking heeft op de dienstverlening van de advocaat aan zijn cliënt, maar ook op de organisatie en de werking van het BJB en op de relatie en de communicatie van de advocaat met dat BJB, dat als de eerste controleur van de behoorlijke en correcte werking van het in 1998 ingevoerde systeem moet worden aanzien.

Aldus beschouwd, beschikt de Orde van Advocaten zonder twijfel over de nodige macht om toezicht uit te oefenen op de wijze waarop de advocaten, die prestaties verrichten ‘in het kader van de juridische tweedelijnsbijstand’, gebruik maken van het (vergoedings-)systeem (cf. J. Stevens, “Advocatuur, Regels & Deontologie”, Mechelen, Wolters Kluwer, 2015, p. 1126, nr. 1394, voetnoot 5380: Cass. 2 april 2012, D.11.0015.N: “Bij het toezicht op de kwaliteit en de eventuele tekortkomingen kan rekening worden gehouden met zowel de dienstverlening van de betrokken advocaat aan de cliënt, als met het nut of nodeloos karakter van deze dienstverlening in het kader van het juridisch bijstandssysteem”).

De vaststelling dat feiten die kunnen leiden tot een beslissing overeenkomstig artikel 508/8 Ger. W., ook de aanleiding kunnen vormen voor een tuchtonderzoek en voor een tuchtvervolging, doet geen afbreuk aan de toezichtstaak van de Orde van Advocaten en de rechtsmacht die zij, in dit kader, toebedeeld kreeg. Een eventuele schrapping van de BJB-lijst is, stricto sensu, geen tuchtsanctie.

De wijze van uitoefening van het toezicht

Het toezicht waarvan sprake is in artikel 508/8 Ger. W. moet behoorlijk worden uitgeoefend en een eventuele beslissing tot het schrappen van de BJB-lijst moet op een eerlijke wijze tot stand komen, dit wil zeggen met naleving van de algemene beginselen van behoorlijke rechtsbedeling, waaronder de onpartijdigheid van het beslissingsorgaan, de eerlijke behandeling van de zaak en het recht van verdediging (cf. art. 6 EVRM; Cass. 13 september 1999, RW 2000-2001, 263). Artikel 508/8, tweede lid Ger. W. bepaalt dat de beslissing tot schrapping van de BJB-lijst tot stand moet komen volgens de bij de artikelen 458 tot 463 bepaalde procedure of “zoals in tucht”.

De advocaat voert een reeks elementen aan om in concreto aan te tonen dat de procedure niet gevoerd werd zoals in tucht en de bestreden beslissing niet eerlijk tot stand kwam, waaronder:

  • Hij werd er niet van in kennis gesteld dat er een onderzoek tegen hem liep. Hij werd voorafgaand aan de zitting niet ondervraagd over de feitelijke elementen die nadien werden aangewend bij het nemen van de betwiste beslissing (schending van art. 458, §1 Ger.W.).
  • Er was geen geïnventariseerd onderzoeksdossier, waarvan hij voorafgaand aan de zitting kon kennisnemen;.
  • Er was geen voorafgaande mededeling van de (precieze) feiten die hem ten laste werden gelegd. De redenen die aanleiding gaven tot het instellen van de procedure werden niet afdoende vermeld in de oproepingsbrief (schending van art. VII.1.2 CDA).
  • Hij die het onderzoek gevoerd heeft, en die ook heeft deelgenomen aan de zitting, in casu de voorzitter van het BJB, heeft deelgenomen aan het beraad (schending van art. 828, 1° Ger.W.).

De tuchtraad van beroep stelt vast dat art. 458, §1 Ger. W. kennelijk niet werd nageleefd, wat op zich een voldoende grond voor de vernietiging van de bestreden beslissing wegens schending van een regel van rechterlijke organisatie en het recht van verdediging.

De tuchtraad van beroep verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gegrond.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen