- Weglating van het tableau van stagiairs
- Ongegrond beroep
De advocaat tekent beroep aan tegen de beslissing waarbij zij overeenkomstig art. VII.1.1.§2 CODEX wordt weggelaten van de lijst van de stagiairs.
De tuchtraad van beroep verklaart het hoger beroep ongegrond.
De Raad van de Orde heeft de advocaat terecht weggelaten van de lijst van de stagiairs.
De tuchtraad van beroep verwijst hiertoe naar de gedetailleerde motivering die de Raad van de Orde in zijn beslissing heeft gegeven. De tuchtraad van beroep maakt de overwegingen die in de beslissing werden gegeven tot de zijne.
Louter volledigheidshalve voegt de tuchtraad van beroep hieraan het volgende toe.
Aldus moet worden vastgesteld dat de advocaat met een stagemeester door een stageovereenkomst was verbonden
- van 29.02.2012 tot 23.07.2013 (of tot 24.09.2013),
- van 4.02.2014 tot 23.02.2015.
In de andere periode, d.w.z. na 24.07.2013 (of 25.09.2013) tot 3.02.2015 en na 24.02.2015 was haar toestand niet geregeld. Dit betekent dat zij gedurende verscheidene maanden (thans meer dan een jaar) geen stagemeester heeft.
De advocaat heeft dus gehandeld en handelt in strijd met de plicht van de stagiair om een stagemeester te hebben en een kantoor in de omschrijving van zijn balie. Het betreft de essentie van de stage en de stageverplichtingen. In deze zin werd reeds eerder door deze tuchtraad van beroep geoordeeld (op 11 juni 2013, TB-0074-2013). Het cassatieberoep tegen deze beslissing werd verworpen bij arrest van het Hof van Cassatie d.d. 24 oktober 2014. D.13.0024.N.
Uit het voorgelegde dossier blijkt dat de advocaat aan deze plicht tekort is gekomen, en dit ondanks de herhaalde pogingen die de diverse instanties van de orde hebben ondernomen om hieraan te verhelpen.
De Raad van de Orde heeft dan ook terecht beslist om haar van de lijst van de stagiairs weg te laten.
Lees ook deze beslissing