- Hoger beroep tegen beslissing raad van de Orde
- Verlenging verbod zich te laten aanstellen in juridische tweedelijnsbijstand
- Afstand van hoger beroep niet ondertekend
- Verstek
- Hoger beroep ongegrond
De advocaat stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de raad van de Orde tot verlenging met 1 jaar van de voorlopige maatregel zich te moeten onthouden om zich te laten aanstellen in juridische tweedelijnsbijstand.
Na instelling van het beroep en na een uitstel van de zaak op verzoek van de advocaat, deelde de raadsman van de advocaat vervolgens schriftelijk mee aan het secretariaat van de tuchtraad van beroep dat de advocaat afstand deed van het door hem ingestelde hoger beroep. Het document, dat was meegedeeld, was niet ondertekend.
De advocaat, noch zijn raadsman waren aanwezig op de zitting. Evenmin was een ondertekend document neergelegd waarin de afstand van hoger beroep werd bevestigd.
De tuchtraad van beroep behandelde de zaak bij verstek, verklaart het beroep ongegrond en verwijst naar de overwegingen die de raad van de orde maakte en maakt deze overwegingen tot de zijne.