- Belangenconflict
- Ereloon
- Derdengelden/derdenrekening
- Schorsing
De advocaat wordt vervolgd wegens het optreden voor een naast familielid, derdengelden te hebben ontvangen en deze niet zo spoedig mogelijk aan hun bestemmeling te hebben bezorgd, een factuur te hebben aangewend die onmogelijk betrekking kan hebben op die procedure, met name omdat die gegevens bevat die niet op die procedure betrekking kan hebben, een kennelijk onredelijk ereloon aangerekend en het niet overleggen van wettelijk verplicht op te stellen stukken aan zijn tuchtoverheid.
De tuchtraad is dan ook van oordeel dat aan de advocaat ten laste gelegde feiten bewezen zijn.
Bij de bestraffing houdt de tuchtraad rekening met de objectieve zwaarwichtigheid van de feiten, vnl. wat betreft de aanwending van een ogenschijnlijk zelf gefabriceerd vals bewijsstuk.
Een bestraffing van zes maanden schorsing is dan ook passend.
Tegen deze beslissing werd verzet aangetekend:
TAG-828-829-830-831: beslissing 18 juni 2025
Beroepsgeheim
Kantoor(des)organisatie
Schorsing