- Misbruik BJB-systeem
- Onwaardig gedrag
- Ereloon
- Nalatigheid bij behandeling dossier/verwaarlozing belangen cliënt
- Gedeeltelijke vrijspraak
- Schorsing deels met uitstel
De advocaat wordt vervolgd omdat dat zij van een cliënt waarvoor zij een BJB-aanstelling had, een bijkomende cashbetaling zou hebben gevraagd of ontvangen. Tevens wordt de advocaat verweten dat zij ten onrechte prestaties aanrekende die betrekking hadden op een pro-deo dossier in een dossier van een andere, betalende cliënt en in gebreke bleef een correcte eindafrekening te bezorgen. Ook wordt de advocaat verweten op onwaardige wijze per e-mail met de cliënt te hebben gecommuniceerd en haar pro-deo dossiers minder goed op te volgen dan de dossiers van betalende cliënten.
De tuchtraad is van oordeel dat de feiten van de bijkomende cashbetaling naast de pro-deo aanstelling niet bewezen zijn en spreekt de advocaat hiervoor vrij.
Wat de overige tenlasteleggingen betreft, acht de tuchtraad de feiten bewezen.
De tuchtraad houdt rekening met het blanco tuchtrechtelijk verleden en de regularisatie en legt aan de advocaat een schorsing van veertien dagen op, volledig met uitstel gedurende een periode van drie jaar.