- Derdengelden / derdenrekening
- Nalatigheid als gerechtelijk mandataris
- Schorsing
De advocaat wordt vervolgd wegens het (tijdelijk) aanwenden van gelden van de personen over wie hij schuldbemiddelaar was voor persoonlijke doeleinden.
Het beheer van gelden binnen het kader van de uitoefening van een gerechtelijk mandaat door een advocaat dient minutieus te worden uitgevoerd, dit als zekerheid voor de rechtsonderhorige/cliënt die moet kunnen vertrouwen op het onberispelijk handelen van zijn raadsman/gerechtelijke mandataris en bij uitbreiding op dit van de advocatuur.
De tuchtraad legt een schorsing op van vier maanden waarvan 2 maanden met uitstel voor een periode van 3 jaar met als voorwaarde dat tijdens deze periode geen nieuwe tuchtsanctie zou worden opgelopen.
Tegen deze beslissing werd hoger beroep aangetekend:
TB-0317-2024: beslissing 5 december 2024
Derdengelden/derdenrekening
Nalatigheid als gerechtelijk mandataris
Schorsing met uitstel