- Niet beantwoorden briefwisseling FOD Justitie en BJB
- Niet diligent handelen t.a.v. cliënt
- Blanco tuchtverleden
- Opschorting uitspraak 1 jaar
- Eventueel hoger beroep schorsend
De advocaat werd aangesteld in twee exequatur dossiers van Poolse vonnissen doch naar aanleiding van een klacht van de FOD Justitie aan het BJB wegens het niet beantwoorden van brieven werd de tuchtvervolging opgestart. Ook een aantal brieven van het BJB hierover bleven onbeantwoord.
De advocaat werd gehoord over de feiten waarvoor een tuchtonderzoek werd geopend en de tuchtvervolging werd ingesteld, m.n. het onbeantwoord laten van de brieven van de FOD Justitie en van het Bureau voor Juridische bijstand en het nalaten de belangen van de cliënt op een diligente wijze te behandelen. Het feit an sich dat de problematiek van de opvolging mogelijk aanleiding zou hebben gegeven tot de doorverwijzing staat de toelaatbaarheid van een tuchtvervolging voor de voormelde feiten niet in de weg. De vordering is ontvankelijk.
De materialiteit van de feiten wordt niet betwist, wel gekaderd. De advocaat merkt op dat de rappelbrieven van de FOD Justitie standaardbrieven zijn en zij andere contacten met haar onderhield. Bovendien stelt zij dat ook de FOD Justitie talmde in haar communicatie en de zaken geen urgent karakter hadden en zij wel degelijk prestaties leverde in deze twee complexe dossiers. Uit de voorgelegde stukken en het onderzoek van de zaak blijkt evenwel dat de ten laste gelegde feiten ten aanzien van de advocaat bewezen zijn.
Rekening houdende met het blanco tuchtverleden en gelet op de specifieke omstandigheden in dit dossier, kan de gunst van de opschorting van de uitspraak voor een termijn van één jaar worden verleend. Een eventueel tijdig hoger beroep tegen deze beslissing zal de tenuitvoerlegging ervan schorsen.