Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 369

Een advocaat die niet de advocaat is van een van de partijen in een geding voor een buitenlandse rechtbank kan getuigen over het Belgisch huwelijksvermogensrecht - een advocaat kan echter niet getuigen in een zaak waarin hij ook optreedt als advocaat.

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Vraag

Wat het feitenrelaas betreft, veroorloof ik mij te verwijzen naar de correcte samenvatting in de brief van 28 december 2009 van stafhouder ...

Mr. X van de balie van A vraagt dat mr. Y van de balie van B zich uit het dossier zou terugtrekken. Daarvoor worden opeenvolgend twee argumenten aangehaald: er zou een belangenconflict zijn en mr. Y zou in zijn eigen dossier getuige zijn.

Advies

Na lezing van de uitvoerige briefwisseling heb ik nog geen belangenconflict gevonden in hoofde van mr. Y.

Mr. Y heeft nooit een ander belang verdedigd dan dat van zijn cliënten. Hij is nooit opgetreden als raadsman van notaris DB, die thans de tegenpartij van zijn cliënten is. Er wordt niet aangetoond dat mr. Y een belang behartigt of behartigd heeft dat in conflict staat of zou kunnen staan met de belangen die hij nu in deze zaak verdedigt.

Misschien zie ik iets over het hoofd, maar een belangenconflict kan ik in dit dossier niet terugvinden.


Het tweede argument (mr. Y is getuige in zijn eigen dossier), dat later in de discussie wordt aangehaald, vergt wel een grondigere analyse.

De kwestie draait rond het feit of notaris DB van de cliënten van mr. Y al dan niet opdracht kreeg om 59 handelshuurovereenkomsten op te stellen. Notaris DB meent van wel en hij argumenteert in dat verband dat een en ander werd besproken op een vergadering op zijn kantoor in aanwezigheid van alle partijen (verkopers en kopers, respectievelijk huurders en verhuurders) en dat allen de notaris verzochten de contracten op te stellen en alle nodige voorbereidingen te treffen voor de ondertekening op een datum die ook werd afgesproken. Mr. Y was aanwezig op deze vergadering.

De cliënten van mr. Y betwisten dat zij (mede) opdracht zouden gegeven hebben aan de notaris om de contracten op te stellen.

Het wordt niet betwist dat mr. Y aanwezig was op de kwestieuze vergadering en aldus getuige was van wat zich daar heeft afgespeeld.

Een advocaat mag niet getuigen in een dossier dat hij als advocaat behandelt.

Deze regel betekent evenwel niet dat een advocaat zich zou moeten terugtrekken uit elk dossier waarin hij vooraf aanwezig was bij feiten die een rol kunnen spelen bij de behandeling van de zaak. Dit zou immers betekenen dat elke advocaat, die als advocaat optreedt in onderhandelingen voorafgaand aan een geschil, later niet meer de raadsman zou kunnen zijn van zijn cliënt in een procedure.

De regel dat de advocaat geen getuige kan zijn in een eigen dossier, betekent dat mr. Y zichzelf niet als getuige kan opvoeren in het dossier. Hij mag geen argument maken van het feit dat hij op de bewuste vergadering aanwezig was, laat staan dat hij hierover in rechte zou kunnen getuigen.

In de uitvoerige briefwisseling heb ik evenwel nergens gelezen dat dit het geval zou zijn.

In sommige gevallen kan het natuurlijk zijn dat een advocaat zozeer betrokken partij was dat het niet wenselijk is dat hij nog optreedt als raadsman. Daarom heeft stafhouder ... terecht meer precies de vraag gesteld aan notaris DB of de kwestieuze opdracht afkomstig was van de cliënten van mr. Y of van mr. Y zelf. In de veronderstelling immers dat notaris DB zou argumenteren dat het mr. Y zelf was die uitdrukkelijk de opdracht gaf en die uitdrukkelijk ook verklaarde dat zijn cliënten de kosten daarvan zouden dragen, terwijl mr. Y dit zou betwisten, dan zou de persoonlijke betrokkenheid van mr. Y zijn onafhankelijke tussenkomst als advocaat wellicht niet meer mogelijk maken.

Het antwoord van 22 oktober 2009 van notaris DB aan zijn raadsman, mr. X, vermeldt evenwel nergens deze persoonlijke betrokkenheid van mr. Y.

Veeleer wijst notaris DB erop dat ‘iedereen’ op de vergadering het eens was dat notaris DB de contracten moest opstellen en al het nodige moest doen, zonder tussenkomst van een andere notaris. Gezien mr. Y aanwezig was, hoorde mr. Y daar ook bij, maar nergens is er sprake van een specifieke persoonlijke tussenkomst van mr. Y.

Zonder te willen ingaan op de grond van de zaak, die mij bij gebrek aan stukken onvoldoende bekend is, lijkt het mij dat hier voornamelijk een interpretatieprobleem aan de orde is. Notaris DB was blijkbaar aangesteld door de kopers, respectievelijk verhuurders, en wanneer ook de verkopers, respectievelijk huurders, dan akkoord gaan dat notaris DB de handelshuurovereenkomsten opstelt, dan blijft nog de vraag wie de kosten daarvan moet dragen.

De loutere aanwezigheid van mr. Y op kwestieuze vergadering, waarvan beide partijen een andere lezing hebben, volstaat mijns inziens niet om mr. Y te verplichten zich uit het dossier terug te trekken. Wel kan mr. Y van zijn kant geen argument maken van zijn eigen aanwezigheid en van het feit dat hij van een en ander getuige was.

In een van de brieven lees ik dat het bedenkelijk zou zijn dat mr. Y in deze zaak zou optreden tegen notaris DB en zou betwisten dat zijn cliënten opdracht gaven aan de notaris, terwijl hijzelf aanwezig was op de vergadering waar de opdracht werd gegeven. Dit is juist, op voorwaarde dat ook de premisse (notaris DB ontving een opdracht van de cliënten van mr. Y in diens aanwezigheid) juist is. Deze premisse is evenwel precies de inzet van het geschil en de stafhouder kan niet vooruitlopen op de beslissing van de rechter. Terecht wijst mr. Y erop dat een beslissing van de stafhouder om mr. Y van de zaak te halen door de rechtbank zou kunnen worden uitgelegd als een bevestiging dat mr. Y kennis had van het feit dat zijn cliënten opdracht gaven aan notaris DB. Mr. Y heeft t.a.v. zijn stafhouder immers een waarheidsplicht.

Vermits mr. Y formeel betwist dat zijn cliënten in zijn aanwezigheid opdracht gaven aan notaris DB, kan de stafhouder m.i. mr. Y niet verplichten zich uit de zaak terug te trekken, zonder meteen te prejugeren over de grond van de zaak.

Philippe De Jaegere

Bestuurder departement deontologie

Ook interessant

Advies 706

Meer lezen

Advies 692

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen