Deontologie-advies Advies 316
Een advocaat mag gelet op zijn beroepsgeheim de informatie die hij heeft bekomen in de uitoefening van zijn beroepsactiviteiten niet aanwenden in een ander dossier – beroepsgeheim is van openbare orde – de toestemming van de procureur-generaal om een strafdossier aan te wenden als stuk in een andere procedure ontslaat de advocaat niet van zijn beroepsgeheim.
Auteur
Dominique Dombret
Vraag
De probleemstelling is de volgende. Mr. X treedt op in een politiezaak voor een burgerlijke partij lastens de heer VC. In die procedure wordt de heer VC o.a. vervolgd voor vluchtmisdrijf en smaad. Daarnaast treedt mr. X op voor mr. Y in een procedure tot inning van de erelonen van deze laatste, tegen diezelfde heer VC. In die procedure, die op dit ogenblik hangende is voor het hof van beroep te Antwerpen, brengt mr. X, na daartoe toestemming te hebben bekomen van de procureur-generaal, kopie bij van het strafdossier in de vermelde politiezaak. De raadsman van de heer VC in de procedure voor het hof, verzet zich hiertegen en wenst de wering van die stukken uit de debatten, evenals de verwijzing ernaar in de beroepsbesluiten. Hij meent dat mr. X zijn beroepsgeheim heeft geschonden.
De principiële vraag is of een advocaat gegevens van een bepaalde zaak mag aanwenden in een ander dossier.
Advies
De commissie deontologie meent dat wanneer een advocaat informatie heeft bekomen in de uitoefening van zijn beroepsactiviteiten, zoals in casu het feit zelf dat VC eerder was vervolgd voor de politierechtbank en het feit dat in het strafdossier gegevens stonden die konden worden aangewend in een andere procedure, hij die, gelet op zijn beroepsgeheim, niet mag aanwenden in een ander dossier.
Het feit dat de procureur-generaal toestemming geeft om een strafdossier aan te wenden als stuk in een andere procedure, betekent niet dat de advocaat zijn beroepsgeheim niet langer schendt wanneer hij dit strafdossier aanwendt. Het beroepsgeheim is van openbare orde, zodat de advocaat daarvan in beginsel niet kan ontslagen worden. De toestemming van de procureur-generaal heeft daarenboven geen betrekking op de vraag of de advocaat zijn kennis, bekomen
onder de bescherming van het beroepsgeheim, mag prijsgeven in een andere procedure. De procureur-generaal heeft dienaangaande geen enkele bevoegdheid.
Philippe De Jaegere
Bestuurder departement deontologie