Ga verder naar de inhoud

TB-0246-2020: Beslissing 16 maart 2021

Deel dit artikel

  • Tuchtvordering en strafvordering staan los van elkaar
  • Strafvordering schorst geen tuchtvordering
  • Witwasmisdrijven
  • Schrapping van het tableau

De advocaat werd door de tuchtraad van Brussel geschrapt van het tableau van de Nederlandse orde van advocaten van de balie te Brussel voor volgende feiten en tenlasteleggingen:

  • Inbreuken op de deontologische regelen van kiesheid, waardigheid en rechtschapenheid (artikel 455 Ger. W. en artikel 1 Codex Deontologie voor Advocaten):
  • Inbreuken op de regels inzake het gebruik van de derdenrekening (art. 130 en 134, eerste lid Codex Deontologie);
  • Inbreuken op het reglement inzake de witwaspreventie (art. 68 Codex Deontologie en art. 11, 14 tot 17, 19, 21 tot 23,25 en 34 van Bijlage 1 bij het reglement witwaspreventie);
  • Inbreuken op art. 66 van de Codex Deontologie (mandaat niet rechtstreeks ontvangen van de cliënt).

De advocaat ging in beroep tegen deze beslissing. Hij betwist de tenlasteleggingen niet. Zijn hoger beroep strekt er louter toe de zaak uit te stellen tot de behandeling van de strafzaak lastens zijn persoon is afgerond. Hij vreest het stigma van de sanctie van de schrapping en, meer bepaald, dat het zijn verdediging op strafrechtelijk vlak zal benadelen.

De tuchtraad van beroep verklaart dat de strafvordering los staat van de tuchtvordering en de strafvordering de tuchtvordering niet schorst. Als er sprake is van samenloop van tuchtvordering en strafvordering, kan de tuchtoverheid, naar gelang van de bijzonderheden van elk geval, beslissen dat het voorzichtig zou zijn het resultaat van de strafvordering af te wachten, maar deze voorzichtigheid mag de tuchtoverheid er niet van ontslaan een uitspraak over de zaak te doen binnen een redelijke termijn wanneer het tuchtdossier op zichzelf toelaat tot een uitspraak te komen.

In casu is het dossier voldoende gestoffeerd, en is het niet noodzakelijk voor de waarheidsvinding om op de strafrechter te wachten.

Het algemeen rechtsbeginsel “non bis in idem” staat er niet aan in de weg dat een persoon voor eenzelfde feit strafrechtelijk wordt vervolgd of veroordeeld en tevens het voorwerp uitmaakt van een tuchtprocedure, wanneer die tuchtprocedure niet de kenmerken vertoont van een "strafrechtelijke procedure" in de zin van dat art. 4, eerste lid.

Artikel 477 Ger.W. bepaalt dat in een strafrechtelijke procedure geen melding mag worden gemaakt van een tuchtprocedure, noch van elementen daarvan. Gezien de eigen aard van het tuchtrecht valt er ook niet te vrezen dat de huidige tuchtprocedure op enigerlei wijze invloed zal hebben op de beslissing van de strafrechter. Het recht op een eerlijk proces zal door de strafrechter bewaakt worden, onafhankelijk van huidige tuchtprocedure.

De tuchtraad van beroep is van oordeel dat in casu de zwaarste tuchtsanctie, namelijk de schrapping, moet worden uitgesproken. Het blanco tuchtrechtelijk verleden is in casu geen reden om een lichtere tuchtsanctie dan de schrapping uit te spreken: het herhaald karakter van de feiten (4 dossiers) en de omvang van de transacties maken het volstrekt ongeloofwaardig dat er in casu sprake zou geweest zijn van een eenmalige uitschuiver. Een dergelijke volgehouden medewerking door een advocaat aan witwasmisdrijven moet gesanctioneerd worden met de schrapping.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen