Ga verder naar de inhoud

TB-0221-2019: Beslissing 10 december 2019

Deel dit artikel

  • Rapportering derdengelden
  • Niet voorleggen van bankuittreksels
  • Derdengelden afwenden
  • Opschorting van drie jaar onder voorwaarden

Aan de advocaat worden volgende inbreuken ten laste gelegd:

  1. Het niet uitvoeren van de jaarlijkse rapportering op 31 december (art. 136 Codex Deontologie);
  2. Het niet voorleggen van de bankuittreksels zoals gevraagd door de stafhouder
  3. Het afwenden van derdengelden (art. 131, art. 133 en art. 134 Codex Deontologie).

In eerste aanleg werd aan de advocaat als tuchtsanctie een schorsing op van 14 dagen opgelegd. 

Wat de opgeworpen verjaring betreft

Aangezien de stafhouder reeds meer dan 12 maanden op de hoogte was van het feit dat de derdenrekening van de advocaat niet conform was met de regelgeving (nl. zeker reeds op 17.11.2015), zou een tuchtvervolging m.b.t. dit feit verjaard zijn, maar de Tuchtraad van beroep stelt vast dat m.b.t. dit feit geen tuchtvordering gesteld wordt door de stafhouder, zodat de vraag naar de verjaring niet relevant is.

Wat de jaarlijkse rapportering betreft weze opgemerkt dat de tuchtvordering m.b.t. “tenlastelegging 1” verjaard is voor zover de rapportering op ten laatste 31.12.2015 diende te gebeuren, aangezien het tuchtonderzoek terzake niet binnen de 12 maanden na de kennisname door de stafhouder gestart is.

Voor wat betreft de rapporteringen per 31.12.2016 en 31.12.2017 is de tuchtvordering niet verjaard.

Ook voor wat betreft de “tenlastelegging 2” (niet voorleggen van de rekeninguittreksels van het jaar voorafgaand aan de vraag van 17.02.2017) is de tuchtvordering niet verjaard.

De tuchtvordering betreffende de “tenlasteleggingen 3” tenslotte is evenmin verjaard omdat deze feiten pas gekend werden na inzage van de rekeninguittreksels die pas op 15.02.2018 werden overhandigd.

Wat de grond van de tuchtvordering betreft

De tuchtraad heeft terecht geoordeeld dat de tuchtvordering ontvankelijk en gegrond was (voor zover niet verjaard, zie hoger), op grond van een oordeelkundige motivering, die door de tuchtraad van beroep wordt bijgetreden en overgenomen.

Wat de sanctie betreft

Niettegenstaande de ernst van de feiten, houdt de Tuchtraad van beroep rekening met het feit dat de advocaat reeds geruime tijd aan de balie is en, behoudens de feiten van de tenlastelegging, een vlekkeloos balieverleden heeft. Tevens houdt de Tuchtraad van beroep rekening met het feit dat de voormelde feiten zeer zeker het signaal zijn dat individuele cliënten ooit nadeel zouden kunnen ondervinden van de uiterst slordige boekhouding van de advocaat, maar dat in dit tuchtdossier tot op heden geen sprake is van benadeling van cliënten.

De Tuchtraad van beroep oordeelt dan ook dat er in casu kan worden volstaan met een opschorting van de uitspraak, gekoppeld aan de onder vermelde voorwaarden, die tot gevolg zouden moeten hebben dat de advocaat voortaan het beroep van advocaat op een correcte wijze zal uitoefenen, overeenkomstig de geldende reglementering.

De Tuchtraad van beroep gelast voor de bewezen verklaarde feiten het voordeel van de opschorting van de uitspraak ten opzichte van de advocaat gedurende een termijn van drie jaar vanaf heden, mits naleving van volgende voorwaarden:

  • Zich stipt houden aan de jaarlijkse rapportering betreffende de derdenrekening per 31 december van elk jaar;
  • Geen nieuwe tuchtrechtelijke inbreuken begaan.

Lees ook deze beslissing

Rechter
Tuchtdatabank

TAG-489: Beslissing 10 april 2019

Derdengelden / derdenrekening
Medewerking stafhouder / balie
Schorsing

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen