Ga verder naar de inhoud

TB-0115-2014: Beslissing 9 december 2014

Deel dit artikel

  • Schorsing 15 dagen met uitstel gedurende termijn van 3 jaar
  • Niet beantwoorden brieven voorzitter BJB en stafhouder
  • Geen eerlijkheid t.o.v. gerechtsdeurwaarder en cliënt
  • Door onjuiste informatie uitvoerend beslag trachten te verhinderen
  • Laten verstrijken van verjaringstermijn
  • Cliënt in ongewisse laten
  • Gebrek aan respect t.a.v. stafhouder
  • Beroep ongegrond
  • Uitgestelde schorsing koppelen aan termijn

De advocaat heeft met volle kennis van zaken onjuiste informatie verstrekt aan de gerechtsdeurwaarder – niet alleen mondeling maar ook in de verzetsakte – om deze laatste op een dwaalspoor te zetten en finaal de oplading van goederen op te schorten. Er is geen redelijke twijfel over het feit dat de gerechtsdeurwaarder de oplading enkel heeft geschorst na mededeling van de advocaat dat zijn term “neerlegt” in zijn verzetsakte moest worden begrepen als “vandaag nog neer te leggen”. Als hij zou hebben meegedeeld dat het verzoekschrift “later” zou worden neergelegd, zoals hij thans stelt de bedoeling te zijn geweest, had hij dit vooreerst ook zo in zijn verzetsakte moeten schrijven en in dezelfde hypothese zou de gerechtsdeurwaarder de uitvoering niet geschorst hebben en zelfs niet hebben mogen schorsen gelet op de concrete instructies van zijn opdrachtgever. Het is overduidelijk dat het voor hem absoluut onmogelijk was om zijn verzoekschrift ex. artikel 17 §2 WCO klaar te krijgen en neer te leggen ter griffie vóór de oplading van de goederen (d.w.z. de navolgende uitvoeringsdaad van de gerechtsdeurwaarder).

Voor het niet-beantwoorden van de brieven van de BJB-voorzitter en de stafhouder wordt geen enkele rechtvaardiging opgegeven. Het meermaals niet beantwoorden van brieven of vragen tot uitleg van de voorzitter van het bureau voor juridische bijstand en van de stafhouder impliceert uiteraard een inbreuk op de waardigheid die van een advocaat bij de uitoefening van zijn beroep verwacht wordt.

M.b.t. de verstreken termijn, erkent de advocaat dat hij de zaak van die bepaalde cliënt heeft laten aanmodderen tot de wettelijke termijn om de zaak in te leiden verstreken was en dit zonder zijn cliënt de waarheid mee te delen.

De advocaat heeft ernstige inbreuken gepleegd op de plicht tot kiesheid, waardigheid en rechtschapenheid die een advocaat dient na te komen. Een zogezegd tekort aan mankracht binnen zijn kantoor heeft niets te maken met de tenlasteleggingen die uitsluitend het gevolg zijn van gebrek aan eerlijkheid tegenover de medewerkers van het gerecht (in casu de gerechtsdeurwaarder), de cliënt en een gebrek aan respect voor het ambt van de stafhouder.

Het hoger beroep is ongegrond en de opgelegde straf van 15 dagen schorsing met uitstel is een passende sanctie. Evenwel stelt de tuchtraad van beroep vast dat de tuchtraad de tuchtsanctie van de schorsing heeft uitgesteld zonder hieraan een tijdsbepaling te koppelen. De tuchtraad van beroep trekt de zaak aan zich en oordeelt dat de tuchtsanctie dient te worden uitgesteld voor een periode van 3 jaar.

Lees ook deze beslissing

Rechter
Tuchtdatabank

TAG-264: Beslissing 14 mei 2014

Briefwisseling
Nalatigheid als gerechtelijk mandataris
Medewerking stafhouder / balie
Schorsing met uitstel

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen