Ga verder naar de inhoud

TAG-353: Beslissing 15 juni 2016

Deel dit artikel

  • Art. 458 Ger. W.
  • Bevoegdheid stafhouder
  • Bevoegdheid onderzoeker
  • Rechten van verdediging
  • Non bis in idem
  • Disciplinaire rechtsmacht
  • Gezag stafhouder
  • Advocaat-syndicus
  • Syndicusactiviteit via vennootschap
  • Vrijspraak

Procedureel

Conform art. 458 § 1, 2e lid Ger.W. kan de stafhouder een onderzoeker aanstellen en omschrijft hij diens taken en bevoegdheden. Dit verhindert niet dat de stafhouder een onderzoeker aanstelt met volheid van bevoegdheid, voor zover de betrokken advocaat maar door de stafhouder in kennis wordt gesteld van de omvang van deze delegatie van bevoegdheid. De wet schrijft niet voor dat de aanstelling van een onderzoeker door de stafhouder, schriftelijk dient te gebeuren en er is geen (nietigheids)sanctie voorzien.

Het feit dat in het dossier geen verklaring zit die werd opgenomen in een proces-verbaal, betekent niet meteen de absolute nietigheid van het onderzoek. Het niet horen van de betrokken advocaat leidt namelijk op zichzelf niet tot de nietigheid of de niet-ontvankelijkheid van de tuchtprocedure. Wel moet nagegaan worden of de tuchtprocedure in haar geheel tekort heeft gedaan aan de rechten van de verdediging. In casu heeft de advocaat de gelegenheid gekregen om zijn standpunt (verweer) schriftelijk aan de stafhouder/onderzoeker te doen toekomen, wat hij per brief heeft gedaan. Op geen enkel moment heeft hij de wens geuit om gehoord te worden door de onderzoeker. Er werd dan ook geen afbreuk gedaan aan de rechten van de verdediging tijdens het onderzoek omwille van het niet horen van de advocaat door de onderzoeker. Ook art. 458 § 2 Ger. W. voorziet niet in een sanctie en de advocaat toont niet concreet aan in welke mate zijn rechten van verdediging op dit punt werden geschonden zodat bezwaarlijk kan besloten worden tot de nietigheid van het voorliggende onderzoek.

De feiten werden reeds per brief ter beoordeling aan de stafhouder voorgelegd doch de mededeling van de stafhouder in zijn brief is geen ‘beslissing’ in de tuchtrechtelijke zin van het woord waarbij de stafhouder zijn disciplinair gezag uitoefent. En zelfs al mocht dit het geval zijn, dan nog hecht het gewijsde zich aan het uitoefenen van de disciplinaire rechtsmacht en niet aan het uitoefenen van het disciplinair gezag van de stafhouder. Er is dus geen sprake van ‘non bis in idem’ of gewijsde.

Ten gronde

Conform art. IV.2.2. (nu 164) van de Codex heeft de advocaat aan de stafhouder gemeld dat hij als syndicus wenste op te treden en heeft hij hem een passende, bijzondere aansprakelijkheidsverzekering voorgelegd. Geen bepaling verbiedt dat een advocaat zijn activiteit als advocaat-syndicus organiseert in het kader van een vennootschap. Dit feit is dus niet bewezen.

De door de advocaat (toegelaten) uitgeoefende syndicusactiviteit betreft geen activiteit als advocaat zodat geen regel de uitoefening van deze syndicus-activiteit via een vennootschap in de weg staat, wat niet belet dat de advocaat-syndicus deze activiteit dient uit te oefenen overeenkomstig de regels van waardigheid, rechtschapenheid en kiesheid die aan zijn beroep ten grondslag ligt. Op geen enkele wijze bezondigt de advocaat zich aan voormelde regels, wat impliciet ook door zijn stafhouder werd erkend.

De advocaat wordt vrijgesproken.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen