- Ereloon
- Derdengelden/derdenrekening
- Onwaardig gedrag
- Gedeeltelijke vrijspraak
- Berisping
De advocaat wordt vervolgd voor het afsluiten van een onduidelijke overeenkomst met betrekking tot het ereloon, het onjuist begroot te hebben van een ereloon, het mondeling voorgesteld hebben van een niet officiële betaling van het ereloon, een voorschot op het ereloon te hebben genomen op derdengelden, zonder verwittiging van de cliënt, een te hoog ereloon te hebben aangerekend en zich onwaardig gedragen te hebben door een ongepaste uitnodiging te versturen voor een privéfeest.
Na onderzoek is de tuchtraad van oordeel dat de beweerde feiten niet bewezen zijn en spreek de advocaat hiervan vrij.
Enkel het onwaardig gedrag wordt bewezen geacht.
De tuchtraad is van oordeel dat het verzenden van de ongepaste uitnodiging zich niet louter in de privésfeer bevindt, gelet op de professionele relatie van advocaat en cliënt op dat ogenblik.
Hiervoor gaat de tuchtraad over tot berisping van de advocaat.