Ga verder naar de inhoud

TAA/SA/0319/2018: Beslissing 27 november 2018

Deel dit artikel

  • Proces voeren in de media
  • Eén maand schorsing met uitstel gedurende drie jaar

De advocaat dient zich te verantwoorden voor het voeren van een proces in de media terwijl nog een gerechtelijk onderzoek lopende was, meer bepaald:

  • door het proces in de media te voeren;
  • door zich niet te onthouden van alle commentaar in de media, terwijl een reactie in het kader van de wapengelijkheid niet noodzakelijk was;
  • zich bij deze uitlatingen in de media alleszins niet op voorhand te verzekeren van de toestemming en het mandaat van de cliënt;
  • niet steeds de belangen van de cliënt voor ogen te hebben gehad;
  • bij deze tussenkomst niet de nodige zorgvuldigheid aan de dag te hebben gelegd, ook met betrekking tot de gerechtvaardigde belangen van derden;
  • niet vooraf de stafhouder te hebben ingelicht, opdat deze hem zijn richtlijnen kon meedelen;
  • in een zaak waarin hij optreedt als raadsman, niet te hebben gelet op de naleving van zijn beroepsgeheim en de confidentialiteit van mededelingen door zijn cliënt gedaan of de verklaring afgelegd tijdens het geheime verhoor door de politie en de onderzoeksrechter;
  • door diverse verklaringen te hebben afgelegd, zowel ten aanzien van de geschreven pers als ten aanzien van de audiovisuele pers.

De advocaat betwist niet dat hij tijdens een lopend gerechtelijk onderzoek – en m.n. voor de eerste verschijning van zijn cliënt voor de raadkamer in het kader van de voorlopige hechtenis – verklaringen heeft afgelegd aan de audiovisuele en geschreven pers waarin hij meedeelde dat zijn cliënt bekentenissen zou hebben afgelegd, en dit zonder dat hij hiertoe een mandaat had van zijn cliënt en zonder dat voorafgaand de stafhouder werd geraadpleegd.

Wel betwist de advocaat dat hij zelf het initiatief heeft genomen om de pers te woord te staan. Dit blijkt inderdaad niet, maar is verder irrelevant ter beoordeling van de feiten.

Ook indien het initiatief van de pers uitging, diende de advocaat een mandaat te hebben van zijn cliënt om mededelingen te doen, diende hij voorafgaand te stafhouder te raadplegen en kon hij enkel mededelingen doen in het belang van zijn cliënt.

De advocaat heeft geen voorgaande op tuchtgebied. Tevens kan worden aangenomen dat hij niet gehandeld heeft vanuit publicitaire of financiële beweegredenen. Nadien heeft hij zich onthouden van alle commentaar en heeft hij naar eigen zeggen ook in andere dossiers de media niet meer te woord gestaan.

Echter kan niet naast het belang van de deontologische bepalingen m.b.t. het optreden van de advocaat in de media, te meer indien deze mededelingen, zoals in dit geval, het belang van de cliënt niet ten goede komen.

Rekening houdende met het voorgaande komt de tuchtsanctie van één maand schorsing, met uitstel van tenuitvoerlegging gedurende een termijn van drie jaar, gepast voor.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen