Ga verder naar de inhoud

TAA/SA/0084/2012: Beslissing 10 mei 2012

Deel dit artikel

  • Gerechtelijk mandaat
  • Artikel 456 Ger. W.
  • Aanwenden derdengelden voor privégebruik
  • Opvolging
  • Strafonderzoek
  • Artikel 6 EVRM
  • Rechten van verdediging
  • Veelvuldige en herhaaldelijke inbreuken
  • Onbehoorlijke beroepsuitoefening
  • Laakbare houding
  • Tuchtrechtelijk verleden
  • Schrapping

De advocaat benaderde na de aanstelling van zijn opvolger-schuldbemiddelaar, stelselmatig de personen, waarover hij het beheer had gevoerd in het kader van de schuldbemiddeling, om van hen kwijtingen te bekomen, hierbij stellende dat wanneer ze de kwijtingen niet tekenden, hij de beschikbare gelden en het dossier niet kon overmaken aan zijn opvolger waardoor ze bv. geen leefloon zouden kunnen ontvangen. Ook zette hij mensen onder druk om een schulderkentenis te tekenen dat zij cash zou hebben ontvangen onder de bedreiging dat ze, indien ze niet tekenden, hij geen gelden ging doorstorten en dat zij zonder inkomsten zou vallen. Tevens kwam aan het licht dat verschillende personen die in het verleden onder de schuldbemiddeling stonden bij de advocaat in de problemen kwamen omdat hij naliet noodzakelijke betalingen uit te voeren.

De rechten van verdediging overeenkomstig art. 6 EVRM gelden ook in tuchtzaken doch de disciplinaire actie is onafhankelijk van de publieke vordering en van een eventuele burgerlijke vordering en gezien de onafhankelijkheid van de disciplinaire actie is er geen regel “le criminel tient le disciplinaire en état” bestaat. Hierdoor dient het tuchtcollege de behandeling van de zaak niet op te schorten totdat de strafrechter zou geoordeeld hebben over de penale kant van de zaak.

De advocaat heeft in het kader van het tuchtonderzoek de kans gehad gehoord te worden en zich te verweren, doch is hier niet op ingegaan. De rechten van verdediging zijn dan ook niet geschonden.

Een schuldbemiddelaar werkt met een rubriekrekening per dossier van schuldbemiddeling waarin hij wordt aangesteld, zodat hij ten allen tijde verantwoording kan afleggen voor binnen- en buitengaande gelden. Het is geenszins gebruikelijk dat cash geld aan personen die onder de schuldbemiddelaar vallen door de schuldenaar bovenop het maandelijks leefloon zouden worden betaald en zeker niet voor zulke grote bedragen zoals in casu.

De handelwijze van de advocaat is manifest in strijd met de beginselen van waardigheid, rechtschapenheid en kiesheid die volgens artikel 455 van het Gerechtelijk Wetboek aan het beroep van advocaat ten grondslag liggen en die een behoorlijke beroepsuitoefening moeten waarborgen. Door zijn laakbaar handelen wordt de goede naam van de advocatuur op ergerlijke wijze geschonden ten overstaan van de rechterlijke overheid die de advocaat in kwestie met een gerechtelijk mandaat belastte en ten overstaan van de slachtoffers van zijn malafide praktijken die financieel reeds in een zeer moeilijke positie verkeren en die in de marge van hun bestaan vaak overgeleverd zijn aan de persoon die hen door de rechtbank werd toevertrouwd om over hun belangen te waken.

Een advocaat die zich ten aanzien van vele personen en op herhaaldelijke wijze gelden van derden op substantiële wijze naar zijn eigen rekening overdraagt kan onmogelijk nog langer het beroep van advocaat uitoefenen, nu hij iedere geloofwaardigheid en vertrouwen bij de rechterlijke overheid en bij de balie heeft verloren. De zwaarste sanctie van schrapping dringt zich op, des te meer gelet op een voorgaande sententie waarbij een schorsing van één maand werd opgelegd.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen