vrijdag 09 oktober 2026
Aanpassing wetgeving videoconferentie remedieert tekortkomingen niet
- Diverse inbreuken
- Herhaling
- Geen medewerking aan onderzoek
- Schrapping
Na eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen voor gelijkaardige feiten spreekt de tuchtraad lastens de advocaat de tuchtstraf uit van schrapping, wegens:
- Ontwrichting van het kantoor, minstens onbehoorlijke uitoefening van het beroep van advocaat, diverse inbreuken op de eer van de Orde;
- Oneigenlijk gebruik van de rekening derden, hetgeen een inbreuk impliceert op de art. 131 e.v. Codex Deontologie voor Advocaten. De derdengelden werden niet “zo spoedig mogelijk” overgemaakt en de verrichtingen laten niet toe om de oorsprong en bestemming te identificeren, hetgeen een inbreuk impliceert op art. 134 van de Codex Deontologie voor Advocaten;
- De verplichting om bijdrage te betalen aan de Orde, hetgeen een inbreuk impliceert op artikel 144 e.v. van de codex Deontologie voor Advocaten;
- Zich niet houden aan de deontologische plicht permanente vorming te volgen, hetgeen een inbreuk impliceert op art. 52 e.v. Codex Deontologie voor Advocaten;
De tuchtraad motiveert daarbij uitdrukkelijk dat:
- Bij de beoordeling van de zwaarwichtigheid van de feiten rekening werd gehouden met het gebrek aan medewerking aan het onderzoek, in het bijzonder het nalaten van (tijdig) te antwoorden op de vragen van de stafhouder.
- Dat de advocaat op deze wijze het beroep meent te kunnen blijven uitoefenen is onaanvaardbaar voor de eer van de Orde en miskent de beginselen van rechtschapenheid kiesheid en discretie die aan de uitoefening van het beroep van advocaat ten gronde moeten liggen. De Tuchtraad spreekt dan ook de sanctie uit van schrapping, in het belang van de rechtzoekende en de Orde.
Beslissing
Lees ook deze beslissing
Tuchtdatabank
SLT-163: Beslissing 26 september 2017
Meer lezen