Ga verder naar de inhoud

SBT 188: Beslissing 19 november 2019

Deel dit artikel

  • Niet beantwoorden briefwisseling
  • Gebrekkig informeren van cliënten
  • Gebrekkig opvolgen van dossiers
  • Valse informatie aan cliënten
  • Opvolging
  • Vervangingsvergoeding
  • Instructies stafhouder
  • Non bis in idem
  • Deels vrijspraak
  • Zes maanden schorsing, waarvan drie maanden effectief en drie met uitstel voor een periode van drie jaar

De advocaat dient zich te verantwoorden voor volgende inbreuken:

  • Het niet (tijdig) beantwoorden van de brieven van de confraters, de cliënten en de stafhouder.
  • Het gebrekkig informeren van cliënten.
  • Het gebrekkig opvolgen van de dossiers van cliënten.
  • Het mogelijke verstrekken van valse informatie aan de cliënten.
  • Het niet (tijdig) overmaken van dossiers aan opvolgers.
  • Het niet (tijdig) betalen van vervangingsvergoedingen aan een confrater.
  • Het niet (tijdig) opvolgen van instructies van de stafhouder (o.a. in verband met het overmaken van dossiers aan opvolgers).

De advocaat vestigt de aandacht van de tuchtraad op onder meer zijn persoonlijke lichamelijke en mentale gezondheidstoestand waarvoor hij zich zou laten behandelen. Hij verwijst ook naar zijn echtscheiding. Dit alles zou hebben geleid tot een moeizame opvolging van de briefwisseling.

Bij het doornemen van de tuchtvoorgaanden die worden voorgelegd stelt de tuchtraad vast dat de advocaat in het verleden blijkbaar meerdere keren zijn gezondheidstoestand heeft ingeroepen als verzachtende verklaring voor de inbreuken waarvoor hij werd vervolgd.

De tuchtraad stelt een tegenstrijdigheid vast in enerzijds de verwijzing naar een beweerde problematische gezondheidstoestand en anderzijds een werkritme dat enkel kerngezonde advocaten kunnen volhouden.

In die zin komt het verweer van de advocaat ongeloofwaardig over.

De tuchtraad kan evenmin de niet gestaafde redenering volgen van de advocaat dat het als het ware eigen is aan de praktijk van een éénmanskantoor zoals het zijne dat de kantoororganisatie, waaronder het opvolgen van briefwisseling enz., te wensen over laat.

Er zijn immers talrijke voorbeelden van advocaten die alleen kantoor houden, die voortreffelijk hun beroep uitoefenen en die nooit met de tuchtorganen van de balie in aanraking komen.

De materiële randvoorwaarden zijn aanwezig om zich te laten omringen door medewerkers, door ondersteunend personeel, enz. wat zijn kantoororganisatie moet ten goede komen.

De tuchtraad stelt evenwel vast dat de advocaat hiervan geen ernstig werk heeft gemaakt, en dit ondanks meerdere tuchtbeslissingen.

De balie heeft in het kader van dit algemeen belang van de wetgever het voorrecht gekregen om het beroep zelf te organiseren en te reguleren, en om overtredingen te sanctioneren.

In deze constellatie speelt de stafhouder een essentiële rol. Hij komt tussen, bemiddelt en legt injuncties op. Dit alles in het belang, niet alleen van de advocaten die lid zijn van zijn orde, maar vooral in het belang van de rechtzoekende.

Het niet beantwoorden van briefwisseling van de stafhouder frustreert dan ook de goede werking van de balie. Het belemmert of vertraagt ook oplossingen waar de cliënt van de advocaat naar vraagt en die noodzakelijk zijn om een correcte bijstand door een advocaat in de rechtsbedeling te garanderen.

Wanneer cliënten zich beklagen over een gebrekkige informatie of een gebrek aan behoorlijke beroepsuitoefening dient de advocaat onmiddellijk uitleg te verstrekken en moet hij de nodige maatregelen treffen. Wanneer cliënten – om een reden die hun eigen is – een andere raadsman wensen te raadplegen, dat moet het dossier onverwijld aan de opvolger worden bezorgd.

Dit alles kadert in de verplichting van een behoorlijke beroepsuitoefening en de kernwaarden van waardigheid, rechtschapenheid en kiesheid die de plichtenleer van de advocatuur schragen.

Wanneer cliënten – eventueel via een nieuwe raadsman – zich beklagen bij de stafhouder, dan dient deze in het algemeen belang tussen te komen en moeten zijn vragen onmiddellijk beantwoord worden.

De deontologische regels zijn geen administratieve regeltjes van tweede orde. Zij beogen een correcte beroepsuitoefening in het uiteindelijke belang van de cliënt en de rechtszoekende.

De tuchtraad spreekt lastens de advocaat de tuchtstraf uit van schorsing om het beroep van advocaat uit te oefenen voor een termijn van zes maanden, waarvan drie maanden effectief en drie maanden met uitstel gedurende drie jaar.

Lees ook deze beslissing

Rechter
Tuchtdatabank

TB-0229-2019: Beslissing 10 maart 2020

Briefwisseling
Gebrekkige communicatie cliënt
Medewerking stafhouder / balie
Opvolging
Schorsing met uitstel

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen