Ga verder naar de inhoud

Rechtspraak-advocatuur België op het matje: EHRM eist verhoor kroon­ge­tui­ge ter zitting

In het arrest-Riahi van 14 juni 2016 werd België veroordeeld door het EHRM omdat de rechtbank weigerde het slachtoffer, wiens verklaring het enige bewijsmiddel was, op te roepen ter terechtzitting. De OVB grijpt dat arrest aan om het belang van een zorgvuldig onderzoek ter terechtzitting te beklemtonen.

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Rolnummer: 65400/10

Riahi werd veroordeeld voor een gewelddadige overval. De verklaringen van het slachtoffer vormden het enige bewijs in de zaak. In hoger beroep vroeg een van de veroordeelden om het slachtoffer op te roepen als getuige. Het hof van beroep weigerde dat omdat het de eerdere verklaringen van het slachtoffer voor de politie en de onderzoeksrechter voldoende nauwkeurig en overtuigend vond. Nadat het Hof van Cassatie hier geen schending van het recht op een eerlijk proces in zag, trok een van de veroordeelden naar het EHRM in Straatsburg.  

Het arrest van het Hof

Het EHRM beklemtoont het belang van een tegensprekelijk onderzoek ter zitting. Getuigen à charge moeten idealiter ter zitting worden ondervraagd, zodat de verdediging en de rechter de betrouwbaarheid van die verklaring kunnen controleren en desgevallend betwisten. 

Het gebrek aan zo'n ondervragingsmogelijkheid leidt evenwel niet automatisch tot een schending van het recht op een eerlijk proces. Er kunnen immers gegronde redenen zijn om getuigen niet ter zitting op te roepen. 

Hoewel het gebrek aan een ernstige reden voor die afwezigheid van de getuige op zich niet volstaat om van een schending van artikel 6 EVRM te spreken, is het recht op een eerlijk proces wél geschonden wanneer die getuigenverklaring het enige of voornaamste bewijsmiddel was en het recht van verdediging om de betrouwbaarheid van die getuige à charge te betwisten niet op een andere wijze wordt gewaarborgd. Hoe belangrijker die getuige is voor de bewijsbeslissing, hoe meer compenserende waarborgen er moeten zijn.

De motivering van het hof van beroep dat de eerdere verklaringen voldoende overtuigend waren, volstaat voor het EHRM in deze zaak niet als goede reden voor de weigering de getuige op te roepen. De verklaringen van het slachtoffer zijn volgens het EHRM bovendien het sleutelbewijs. De verdediging moet dus in de gelegenheid worden gesteld om de betrouwbaarheid van de verklaringen van zulke kroongetuigen te controleren en te betwisten. Het recht op een eerlijk proces is volgens het EHRM dan ook geschonden.

Gevolgen voor de Belgische strafprocedure? OVB pleit voor zorgvuldig onderzoek ter zitting

Het EHRM geeft hier een duidelijk signaal aan de Belgische strafrechtspraktijk: het verhoor van getuigen à charge ter terechtzitting kan niet zonder meer worden geweigerd. In dossiers waarin die getuigenverklaringen het enige of doorslaggevende bewijs zijn, kan een verhoor ter terechtzitting een uitgelezen kans zijn voor de verdediging én de strafrechter om dat bewijsmiddel zorgvuldig te beoordelen. Dat geldt met stip voor zware strafzaken die nu meer en meer worden weggehouden van assisen (cf. Potpourri II), maar ook in andere dossiers (bijvoorbeeld zedenzaken) kan het belangrijk zijn.

Daarnaast ziet de OVB ook tijdens het vooronderzoek al kansen om een zorgvuldige controle en betwisting van kroongetuigen à charge mogelijk te maken. In de evolutie naar een meer participatief vooronderzoek kan de verdediging al tijdens het vooronderzoek gelegenheden worden geboden de getuigen te controleren en desgevallend te betwisten. Een confrontatieverhoor kan hier al een eerste kans bieden, net als de mogelijkheid die de Europese Salduzrichtlijn de advocaat biedt om tijdens spiegelconfrontaties aanwezig te zijn en opmerkingen te formuleren. Ten slotte kan worden gedacht aan de organisatie van een verhoor van kroongetuigen bij de onderzoeksrechter, waarbij de advocaat van de verdachte – naar Nederlands model - dan aanwezig kan zijn en vragen kan (laten) stellen. 

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen