Ga verder naar de inhoud

Klinkende overwinning voor het be­roeps­ge­heim Hof van Justitie geeft OVB gelijk in DAC6-zaak

donderdag 08 december 2022

In een belangrijk arrest heeft het Hof van Justitie vandaag geoordeeld dat de kennisgevingsplicht voor intermediairs bij fiscale constructies op maat, zoals bepaald in de DAC6-richtlijn, strijdig is met het recht op eerbiediging van de communicatie tussen advocaat en cliënt.

Nico Moons

Jurist studiedienst
Avatar

Deel dit artikel

Pre­ju­di­ci­ë­le vraag

In 2020 hebben we een reeks schorsings- en vernietigingsverzoeken ingediend bij het Grondwettelijk Hof tegen de federale en regionale normen die de DAC6-richtlijn omzetten, meer bepaald ter bescherming van het beroepsgeheim van de advocaat. Eerder kon u hier en hier al lezen hoe die verzoeken hun vruchten hebben afgeworpen.

In het arrest van 17 december 2020 stelde het Hof echter ook een prejudiciële vraag. De ontheffingsregeling voor intermediairs in geval van constructies op maat vloeit immers rechtstreeks voort uit de Europese DAC6-richtlijn en benodigde daarom een antwoord van het Hof van Justitie. Dat antwoord is vandaag uitgesproken in Luxemburg.

Ken­nis­ge­vings­plicht bij con­struc­ties op maat

Een advocaat die optreedt als intermediair zou namelijk de andere betrokken intermediairs op de hoogte moeten brengen dat hij niet aan de meldingsplicht kan voldoen omwille van het beroepsgeheim. We hebben steeds geargumenteerd dat een dergelijke kennisgevingsplicht problematisch is. Het loutere feit een beroep te hebben gedaan op een advocaat valt immers ook onder de bescherming van het beroepsgeheim. Hetzelfde geldt a fortiori voor de identiteit van de cliënten van een advocaat.

Belang van het be­roeps­ge­heim bevestigd

Het Hof van Justitie geeft de OVB daarin nu gelijk. Artikel 7 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie kent een versterkte bescherming toe aan informatie-uitwisseling tussen advocaten en hun cliënten omdat advocaten “een fundamentele taak hebben in een democratische samenleving”.

Het Hof is van oordeel dat de kennisgevingsplicht een ongerechtvaardigde inmenging in dit artikel uitmaakt. De verplichting is namelijk niet noodzakelijk om de doelstelling van de Europese wetgever, met name de strijd tegen belastingontwijking en -ontduiking, te verwezenlijken.

Het betreffende artikel is derhalve ongeldig voor zover het toegepast wordt op de manier zoals de Vlaamse decreetgever het beoogt.

En nu?

De zaak komt uiteraard terug bij het Grondwettelijk Hof terecht dat over het geding zal besluiten overeenkomstig de beslissing van het Hof van Justitie. We hopen dat de tekst van het decreet daarop zal worden aangepast.

Wat is DAC6?

Richtlijn (EU) 2018/822 van de Raad van 25 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU wat betreft verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen op belastinggebied met betrekking tot meldingsplichtige grensoverschrijdende constructies, beter bekend als de DAC6-richtlijn, kadert binnen een ruimere evolutie die belastingontwijking aan banden wil leggen.

De wetgever legt daartoe een meldingsplicht op aan personen die betrokken zijn bij het opzetten of beheren van grensoverschrijdende fiscale constructies waarmee mogelijks belastingontwijking wordt nagestreefd. Die personen, ook wel intermediairs genoemd, moeten dan meerdere gegevens over die constructies aan de fiscus melden.

Ook advocaten kunnen als intermediairs kwalificeren en dus gebonden zijn door de meldingsplicht. Dat staat echter op gespannen voet met het beroepsgeheim. Hoewel de DAC6-richtlijn de lidstaten de ruimte biedt om intermediairs te ontheffen van de meldingsplicht wanneer ze gebonden zijn door een beroepsgeheim, is de invulling die het federale en gewestelijke niveau daaraan gegeven hebben ronduit problematisch.

Ook interessant

Deontologie Rechten van de mens
donderdag 25 januari 2024

Het Federaal Instituut voor de Rechten van de Mens: een steun voor klokkenluiders

Recente wetten versterken de bescherming van klokkenluiders in Belgische privébedrijven en de federale publieke sector. Deze wetten, voortkomend uit een Europese richtlijn, bieden niet alleen bescherming maar ook diverse vormen van ondersteuning via het onafhankelijke Federaal Instituut voor de Rechten van de Mens (FIRM). Advocaten en advocatenkantoren die geïnteresseerd zijn in de verdediging van klokkenluiders worden opgeroepen om zich bij het FIRM te melden.

Meer lezen
Deontologie Fiscaal recht
donderdag 11 januari 2024

Nieuwjaarsgeschenk van het Grondwettelijk Hof

Het Grondwettelijk Hof heeft op 11 januari 2024 opnieuw het beroepsgeheim van de advocaat beschermd in een bevestiging van zijn eerdere DAC6-rechtspraak. Ditmaal handelen de arresten over de omzettingsregelgeving op federaal niveau en op het niveau van de Franstalige Gemeenschap, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Meer lezen