Ga verder naar de inhoud

TB-0121-2014: Beslissing 8 mei 2018

Deel dit artikel

  • Gebrek aan rechtsmacht

De advocaat was op het ogenblik van de feiten die hem ten laste worden gelegd advocaat bij de Orde van Advocaten te Kortrijk. Hij was er tevens lid van de raad van de Orde.

Artikel 456, vierde lid Ger. W. bepaalt :

“Ten aanzien van de voorzitter, de kamervoorzitters, de assessoren en de plaatsvervangende assessoren, de secretarissen en de plaatsvervangende secretarissen van de tuchtraad en de advocaten die lid zijn van de tuchtraad van beroep, en ten aanzien van de stafhouders en de leden van de raden van de Orde, behoort de tuchtrechtelijke procedure in eerste aanleg tot de bevoegdheid van de tuchtraad van een ander rechtsgebied, dat wordt aangewezen door de voorzitter van de tuchtraad van beroep. In dat geval wordt het tuchtrechtelijk onderzoek gevoerd door de stafhouder, of in voorkomend geval door de voorzitter van de tuchtraad van bedoeld rechtsgebied.”

Sinds het ontstaan van de wet bestaat er betwisting over de vraag wie de stafhouder is die het tuchtrechtelijk onderzoek in dat geval voert.

In een bepaalde interpretatie van de wet blijft dit de stafhouder van de eigen balie of een door hem aangesteld onderzoeker. In een andere interpretatie moet het onderzoek worden gevoerd door een stafhouder van een van de Ordes van Advocaten die vallen onder de tuchtraad van een ander rechtsgebied dat werd aangewezen door de voorzitter van de tuchtraad van beroep.

In beide interpretaties is enkel de tuchtraad van een ander rechtsgebied bevoegd en dient deze tuchtraad te worden aangewezen door de voorzitter van de tuchtraad van beroep.

Uit de briefwisseling kan enkel worden afgeleid dat de tuchtraad voor advocaten van de Ordes van het rechtsgebied Antwerpen niet rechtsgeldig werd aangewezen door de voorzitter van de tuchtraad van beroep om te zetelen in beide zaken.

Nog afgezien van de vraag of de voorzitter van de tuchtraad van beroep de kennisgeving van zijn beslissing in uitvoering van artikel 456, vierde lid Ger. W. kan delegeren aan een stafmedewerker van de Orde van Vlaamse Balies, kan uit de lezing van de twee brieven uitgaande van de stafmedewerker, handelende in opdracht van de voorzitter van de tuchtraad van beroep, enkel worden afgeleid dat de voorzitter van de tuchtraad van beroep de stafhouder van de Orde van Advocaten te Antwerpen aanwees in het kader van het tuchtrechtelijk onderzoek, maar niet dat hij, zoals artikel 456, vierde lid Ger. W. voorschrijft, de tuchtraad voor advocaten van de Ordes van het rechtsgebied Antwerpen aanwees als bevoegde tuchtraad.

Artikel 456, vierde lid Ger. W. bepaalt niet dat de voorzitter van de tuchtraad van beroep een stafhouder aanwijst om het onderzoek te voeren, maar wel dat hij de tuchtraad van een ander rechtsgebied aanwijst als bevoegde tuchtraad voor de tuchtrechtelijke procedure.

De tuchtraad voor advocaten van de Ordes van het rechtsgebied Antwerpen heeft dienvolgens terecht geoordeeld dat hij in beide zaken zonder rechtsmacht was.

Lees ook deze beslissing

Rechter
Tuchtdatabank

TAA/SA/0183/2014: Beslissing 29 augustus 2014

Nalatigheid als gerechtelijk mandataris
Derdengelden / derdenrekening
rechtsmacht

Meer lezen
Rechter
Tuchtdatabank

TB-0121-2014: Beslissing 10 maart 2015

Bevoegdheid / onbevoegdheid
Ontvankelijkheid / onontvankelijkheid

Meer lezen
Rechter
Tuchtdatabank

TB-0121-2014: Beslissing 9 februari 2016

Ontvankelijkheid / onontvankelijkheid

Meer lezen
Rechter
Tuchtdatabank

D.16.0005.N: Arrest 7 april 2017

Cassatieberoep gegrond

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen