Ga verder naar de inhoud

TAA/SA/0223/2015: Beslissing 29 juni 2017

Deel dit artikel

  • Derdenrekening
  • Redelijke termijn
  • Geldig tuchtonderzoek
  • Art. 8.2 EVRM
  • Schorsing zes maanden

Aan de advocaat worden volgende bewezen inbreuken ten laste gelegd:

  • het nalaten volledige en nauwkeurige overzichten bij te houden van de verrichtingen die met de gelden van derden verricht worden;
  • de derdengelden niet zo spoedig als mogelijk over te maken aan hun bestemmeling, aangezien is aangetoond dat er totaal geen overeenstemming blijkt te bestaan tussen inkomende en uitgaande bedragen, en tevens blijkt dat belangrijke bedragen vanuit de derdenrekening naar de eigen rekening van de advocaat worden overgemaakt onder refertes die niet kunnen teruggevonden worden bij de inkomende bedragen.

Een aantal andere ten laste gelegde inbreuken worden niet bewezen geacht.

Artikel 458 § 3 Ger.W. bepaalt enkel welke mogelijke handelwijzen door de voorzitter van de tuchtraad kunnen worden gevolgd indien een zaak bij hem aanhangig wordt gemaakt, en heeft geen betrekking op enig recht van een advocaat om vooraf te worden gehoord in een tuchtonderzoek.

De stafhouder is van wetswege de dominus litis en kan zelf onderzoeken voeren, onafhankelijk van deze waarmee de onderzoeker gelast is.

Zo kan overigens ook de stafhouder samen met de onderzoeker ter zitting van de tuchtraad van beroep worden gehoord. [Cass. 16/12/2016, D.16.0006.N/1]

Bovendien schrijft de wet niet voor dat de aanstelling van een onderzoeker schriftelijk moet gebeuren, noch dat taak en bevoegdheden van de onderzoeker in schriftvorm moeten vastgelegd worden en nog minder schrijft de wet daarvoor de nietigheidssanctie voor. [STEVENS, J. o.c. pag. 1249, nr 1522, alsmede de aldaar geciteerde tuchtrechtspraak]

Het ‘ontbreken ‘ van een schriftelijke machtiging in het tuchtdossier betekent derhalve niet dat de onderzoeksdaden zonder machtiging zijn geschied.

De stafhouder kan, ingevolge de verleende onherroepelijke volmacht, vanwege de banken rechtstreeks volledige inzage en afschrift verkrijgen van alle verrichtingen op de derdenrekening.

Deze bevoegdheid van de stafhouder bestond reeds geruime tijd, en alleszins reeds 20 jaar geleden, nu in de tweede uitgave (1997) van Stevens: ‘ Regels en Gebruiken van de advocatuur te Antwerpen ‘ reeds op pagina 729 te lezen is :

“ …dat de banken…zich er toe verbinden…de stafhouder te allen tijde recht van inzage en kopiename te geven in deze rekening( en ) wat technisch gerealiseerd wordt door een volmacht aan de stafhouder.”

Meteen blijkt dat er van de eveneens ingeroepen schending van art. 8.2 EVRM geen sprake is.

Dat een onderzoeker zich in de loop van een onderzoek een mening vormt over feiten die hij vaststelt is perfect normaal.

Dat betekent evenwel niet dat hij zijn verder onderzoek niet in volle onpartijdigheid kan voeren.

Van de beweerde ‘vooringenomenheid ‘ ( partijdigheid ) wordt geen bewijs voorgebracht.

De stafhouder kan alle onderzoeksdaden stellen die hij/zij aangewezen acht, zoals inzage doen verlenen in strafdossiers, afschrift vragen van strafdossiers, getuigen en magistraten horen.

Dit alles vormt geen schending van art. 477 Ger.W.

De tuchtraad houdt bij zijn beoordeling rekening met de reeds uitgesproken tuchtsanctie van één maand schorsing en beslist aan de advocaat een schorsing op te leggen voor een periode van zes maanden.

Lees ook deze beslissing

Rechter
Tuchtdatabank

template

Heropening van de debatten

Meer lezen
Rechter
Tuchtdatabank

TB-0189-2017: Beslissing 10 december 2019

Strafrechtelijk onderzoek
Heropening van de debatten
Onbepaald uitstel

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen