Voorzitter op vrijdag: "Welke rechterlijke macht wil je voor dit land?"
In deze rubriek reflecteert onze voorzitter over de actualiteit. U leest hem elke twee weken. Ontdek waarover hij het vandaag met u wil hebben.
Auteur
Peter Callens
James Harvie Wilkinson III (°1944) is bij ons niet bekend, maar het is een van die zwaargewichten onder de Amerikaanse rechters. De doortastendheid van zijn uitspraken, zijn onafhankelijkheid van geest en zijn loyaliteit aan het rechtsstelsel dwingen respect af bij vriend en minder vriend. Deze voormalige hoogleraar aan de door Thomas Jefferson gestichte University of Virginia in Charlottesville werd in 1984 op voordracht van toenmalig president Ronald Reagan benoemd tot rechter in het 4de Circuit van het US Court of Appeals. Er was sprake van dat hij zou benoemd worden in het Supreme Court, maar dat is er niet van gekomen.
De magistraat is de tachtig voorbij, maar de Verenigde Staten nemen de benoeming van rechters voor het leven letterlijk op. Voor federale rechters is er in dat land geen verplichte pensioenleeftijd. Je kunt er in beginsel blijven rechtspreken tot je sterft. Over de leeftijd waarop je geacht wordt je geestelijke vermogens te zien uitdoven, waren de Founding Fathers hoopvol gestemd. De latere minister van financiën Alexander Hamilton drukte het gevat uit in Federalist no. 79 (1788): hij zag weinig gevaar dat je zou ‘outlive the season of intellectual vigour’. Mocht je als rechter je professionele houdbaarheidsdatum wel overschrijden, dan zouden je collega’s dat wel merken. En opvangen.
Wilkinson mag dan bekend staan voor zijn conservatieve gezindheid, er is weinig gevaar voor dat hij zal meeheulen met het heersende regime, als dat zijn rechtsgevoel zou storen, republikeins of niet. Misschien is zijn leeftijd precies een versterkende factor in zijn onafhankelijkheid.
Samen met twee collega’s sprak hij op 17 april 2025 een arrest uit in de roemruchte zaak van de Salvadoraan Kilmar Abrego Garcia, die op een ongelukkig moment van de straat geplukt werd en naar El Salvador overgevlogen om er ondergebracht te worden in een gevangenis waar je, afgaand op de filmbeelden, liever niet terechtkomt. Dat alles zonder enige vorm van proces, laat staan dat de man due process zou gekregen hebben. Abrego had, naar verluidt, de foute tattoos en droeg kledij die deed denken aan drugskartels. De blonde man aan de macht in Washington loopt niet hoog op met dat soort types.
In de procedures die gevoerd werden om de man terug bij zijn gezin te krijgen, tot in het Supreme Court toe, moest de Amerikaanse overheid toegeven dat er sprake was van een vergissing. Abrego had geen strafblad, genoot van een beslissing van een immigratierechtbank dat hij op het grondgebied kon blijven, en had dus gewoon thuis moeten kunnen blijven. Logischerwijs kreeg diezelfde overheid een rechterlijk bevel om Abrego’s terugkeer te ‘faciliteren’. Maar, helaas pindakaas, de sukkel verkommert nog steeds in de Salvadoraanse kerker.
Omdat het arrest van Wilkinson & co indrukwekkend beknopt en eloquent is, neem ik de vrijheid enkele passages te citeren in vrije vertaling: ‘In sommige gevallen is het moeilijk om tot de kern van een zaak door te dringen. Maar in dit geval is dat helemaal niet moeilijk. De regering beweert het recht te hebben om inwoners van dit land op te sluiten in buitenlandse gevangenissen zonder de schijn van een eerlijk proces, dat de basis vormt van onze grondwettelijke orde. Voorts beweert zij in wezen dat, nu zij door haar eigen handelen de betrokkene niet meer in bewaring heeft, er niets meer kan gedaan worden. Die stelling zou choquerend moeten zijn, niet alleen voor rechters, maar ook voor het ingeboren vrijheidsgevoel dat Amerikanen, ver weg van gerechtsgebouwen, nog altijd koesteren.’
‘De uitvoerende macht heeft enorme bevoegdheden om te vervolgen en uit te wijzen, maar bevoegdheden brengen beperkingen met zich mee. Als de uitvoerende macht vandaag het recht eist om uit te wijzen zonder behoorlijke rechtsgang en met miskenning van bestaande vonnissen, welke waarborg is er dan dat ze morgen geen Amerikaanse burgers zal uitwijzen om vervolgens de verantwoordelijkheid om hen terug te brengen te ontkennen? En welke waarborg zal er zijn dat de uitvoerende macht haar ruime discretionaire bevoegdheden niet zal aanwenden tegen haar politieke vijanden? De dreiging daarvoor zou altijd aanwezig zijn, als het al niet de realiteit zou geworden zijn, en de grondwettelijke verplichting van de uitvoerende macht om “erop toe te zien dat de wetten getrouw worden uitgevoerd” zou betekenisloos worden.’
‘In deze context worden we herinnerd aan het wijze voorbeeld van president Eisenhower. Afstand nemend van zijn “persoonlijke meningen”, hield Eisenhower zich aan zijn “onontkoombare” plicht om de beslissing van het Supreme Court in Brown v. Board of Education II uit te voeren en de rassensegregatie in scholen “met bekwame spoed” op te heffen. Deze grote man sprak zijn onwrikbare overtuiging uit dat “de belangrijkste grondslag van onze individuele rechten en vrijheden de zekerheid is dat de president en de uitvoerende macht de uitvoering van de vonnissen van de federale rechtbanken zullen steunen en garanderen”. Inderdaad, in de eigen woorden van onze president zaliger, “als de president dat niet zou doen, zou anarchie volgen.”’
Voilà.
Ondertussen gaan bij ons, in tegenstelling tot wat in de VS gebeurt, rechters wel met verplicht pensioen, zoals dat het geval is in bijna alle westerse landen. Geen kritiek daarop. Minder goed wordt het wanneer men dreigt die pensioenen te ondergraven. Niet alleen omdat je een bindend verwachtingspatroon niet zomaar eenzijdig kunt wijzigen. Ook omdat je je moet afvragen welke de impact is op de instellingen op korte en op langere termijn: welke rechterlijke macht wil je voor dit land? De discussie is veel fundamenteler dan het directe gevolg voor de geldbeugel van individuele magistraten. En die discussie gaat ten andere ook over het onbetamelijke uitstel van de uitbetaling van de pro-Deogelden aan advocaten, die hoe dan ook al véél te lang moeten wachten op regeling.
In het 9de hoofdstuk van Het proces van Franz Kafka ontmoet de onfortuinlijke hoofdfiguur Josef K. een geestelijke, die K. de onheilspellende woorden toeroept: “Zie jij dan geen twee stappen ver?” Zolang er rechters van de signatuur van Wilkinson zijn, ook bij ons, is er hoop. Maar wij moeten wel minstens twee stappen vooruit denken.
Met genegen groeten,
Peter Callens
Voorzitter Orde van Vlaamse Balies
Ook interessant
Voorzitter op vrijdag: "Investeren in een goed werkende justitie is een investering in welvaart"
In deze rubriek reflecteert onze voorzitter over de actualiteit. U leest hem elke twee weken. Ontdek waarover hij het vandaag met u wil hebben.
Voorzitter op vrijdag: "Luisteren naar advocaten loont"
In deze rubriek reflecteert onze voorzitter over de actualiteit. U leest hem elke twee weken. Ontdek waarover hij het vandaag met u wil hebben.