Nieuwjaarsbrief van de voorzitter
Met het begin van het nieuwe jaar richt onze voorzitter zich tot u met een nieuwjaarsbrief waarin hij stilstaat bij de betekenis van nieuwjaarswensen in een onzekere wereld. Hij reflecteert over de staat van de rechtstaat, de uitdagingen voor Justitie en de rol van advocaten.
Bij het begin van een nieuw jaar wensen wij elkaar geluk, een goede gezondheid en voorspoed toe. Dat durft wel eens de allures van een automatisme aannemen. “Beste wensen”. Een stijlclausule die zich mechanisch ent op de begroeting. Nochtans zijn die wensen niet banaal. Elkaar het allerbeste toewensen, één keer per jaar, mag. Erbij stilstaan dat wij dat doen, mag ook. In deze wereld, waarin vertrouwde zekerheden niet langer gangbaar zijn, is er des te meer reden om nieuwjaarswensen ernstig te nemen. Het is een uitdrukking van hoop voor de toekomst. En daaraan bestaat nood, bij de verontrustende aanvang van dit tweede kwart van de 21ste eeuw.
Na de Tweede Wereldoorlog is alles op alles gezet om in West-Europa het recht van de sterkste in te tomen, de almacht van de Staat in te perken, de vrede na te streven en de vorming van een totalitaire staatsvorm uit te sluiten. Dat nooit meer, luidde het motto. Er ontstond een ongeziene geest van samenwerking en opbouw van eenheid, met de vaste wil om steeds ook de zwaksten te beschermen. Individueel, of als groep, als minderheid. Dit alles werd vormgegeven in verdragen en wetten die zich ontpopten in de decennia die volgden.
In dezelfde periode verbrokkelden ook de koloniale rijken: dat onverdedigbare stelsel van onderdrukking en slavernij moest weg. De mens, elke mens, mag aanspraak maken op een hoger doel gebaseerd op mensenrechten, recht op een eerlijk proces, toegang tot onderwijs, armoedebestrijding, preventie en ziekenzorg, sociale rechten, persoonlijke vrijheid, gelijke kansen, zelfontplooiing en bescherming van de natuur.
Volmaakt is het allemaal zeker niet. Een dergelijk streven is nooit af, de wereld evolueert en de menselijke aspiraties ook, zodat voortdurende bijsturing nodig is. De meningen zijn verdeeld, en dat maakt het nog ingewikkelder. En, niet te vergeten: niet alleen het resultaat telt, ook de weg daarnaartoe. Er zijn regels en procedures om in onze complexe samenleving de gewenste uitkomst te bereiken, hoe machtig of rijk je ook bent. De democratische besluitvorming, met haar checks and balances, is per definitie relatief inefficiënt en traag, maar zij slaagt er als geen ander in om in een geseculariseerde samenleving legitimiteit te creëren voor de normen waaraan wij ons onderwerpen.
Is die wereld, die de onze is, zijn levensadem kwijt? Is rauwe machtsontplooiing weer aan zet? Is de wereld die wij in Europa na 1945 nagestreefd hebben, een nieuwe ‘Wereld van gisteren’, zoals die waarover Stefan Zweig het had op de drempel van de Eerste Wereldoorlog?
De geopolitieke ontwikkelingen zetten aan tot ontreddering. Ook in eigen land zijn er onheilspellende ontwikkelingen en onaanvaardbare toestanden: de niet-uitvoering van vonnissen door de Staat, de uitbreiding van de bevoegdheden van de uitvoerende macht inzake handhaving ten nadele van de rechterlijke macht, de afkalving van procedurele waarborgen inzake bewijsgaring, de gerechtelijke achterstanden die niet opgelost raken, de kaders die niet ingevuld geraken binnen Justitie, de dramatische wantoestand in de gevangenissen. U kunt de lijst ongetwijfeld aanvullen. En de uiterst problematische macht van de misdaadwereld, voor de bestrijding waarvan er onvoldoende middelen zijn.
Ik zal het hier niet hebben over een correctionele zitting waarop advocaten manu militari uit de zittingszaal verwijderd zijn en evenmin over het in beraad nemen van een strafzaak zonder dat de advocaten de verdediging van hun cliënten mondeling konden voordragen – tegen alle principes van het eerlijk proces in. Ik wil geloven dat er hier sprake is van alleenstaande, niet voor herhaling vatbare incidenten.
En toch. Bij de aanvang van dit nieuwe jaar en de wensen die ermee gepaard gaan, hoeven wij ons niet te laten verleiden tot doemdenken, ondanks alle problemen die er zijn. Het is niet omdat bepaalde zaken voor (grote) verbetering vatbaar zijn, dat zij niet verbeterd kunnen worden.
De wereld die wij gewild hebben na 1945 heeft zijn eindpunt niet bereikt. Zones van turbulentie zijn er sinds die tijd genoeg geweest, voor wie er de recente geschiedenis op wil gadeslaan. In Latijns-Amerika, maar ook bij ons en elders in de wereld.
Door de donderpreken die op ons inbeuken zouden wij het niet meer geloven, maar wij leven in één van de meest geavanceerde landen op het stuk van democratie, veiligheid, welvaart, (jawel) werking van Justitie, en ga zo maar door. Wij hebben de plicht, en advocaten hebben samen met zovele anderen ook de resolute wil om ons Europese democratische project, onze rechtstaat, tot verdere bloei te brengen, daarover met elkaar in debat te treden en misstanden te corrigeren. Dat is geen sullige naïviteit, maar lucide vastberadenheid. Moeilijkheden zijn van alle tijden, conflicten zijn dat ook. Wij kunnen die overwinnen. Tegenwoordig allicht, zoals Antonio Gramsci het op 19 december 1929 vanuit de gevangenis uitdrukte in een brief aan zijn broer Carlo. Hij had het erover dat hij nooit meer zou wanhopen en dat hij niet zou vervallen in ‘die vulgaire en banale geestesgesteldheden die de naam dragen van pessimisme en optimisme’. Hij schreef: ‘Mijn gemoedstoestand vat die twee sentimenten samen en overstijgt ze: ik ben pessimistisch met het verstand, maar optimistisch door de wil.’ De Franse filosoof Alain zei, in dezelfde trant: pessimisme behoort tot het domein van het humeur, optimisme tot dat van de wil.
Moge 2026 ons allen dat optimisme van de wil brengen.
Gelukkig Nieuwjaar aan elk van u.
Peter Callens
Voorzitter Orde van Vlaamse Balies