Ga verder naar de inhoud

Rechtspraak-advocatuur Be­roeps­ge­heim van advocaten - open­baar­heid van bestuur

De Beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, heeft geoordeeld dat het beroepsgeheim van advocaten primeert op de regels inzake openbaarheid van bestuur.

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Rolnummer: onbekend

Conform het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in bestuursdocumenten, er uitleg over te verschaffen of er een afschrift van te bezorgen. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden op grond van de in de artikelen 11 t.e.m. 15 van het decreet bepaalde uitzonderingen.

In de voorliggende casus werd een digitaal afschrift van adviezen van een advocatenkantoor opgevraagd. De betrokken overheidsinstantie weigerde dit op grond van artikel 6, § 2, 2° van de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur. Volgens deze bepaling kan de vraag om inzage, uitleg of mededeling van een afschrift van een bestuursdocument afgewezen worden wanneer de openbaarmaking van het bestuursdocument afbreuk doet aan een bij wet ingestelde geheimhoudingsverplichting.

De Beroepsinstantie wijst er op dat artikel 458 Sw. de wettelijke verankering betreft van het beroepsgeheim voor advocaten.

Om haar besluit dat het beroepsgeheim van advocaten primeert op het principe van de openbaarheid van bestuur kracht bij te zetten, verwijst de Beroepsinstantie naar rechtspraak van de Raad van State, het Hof van Justitie en het Grondwettelijk Hof.

Zo oordeelde de Raad van State op 15 april 2010 dat de geheimhoudingsverplichting er op gericht is om het iedereen mogelijk te maken op de best mogelijke manier bijstand te krijgen van een advocaat, door de waarborg dat alles wat werd besproken vertrouwelijk blijft en niet ter kennis komt van derden. De Raad van State heeft in dat arrest de toepassing van artikel 6, § 2, 2° van de wet van 11 april 1994 bijgetreden.

Het Hof van Justitie gaf in haar arrest AM&S ook de voorrang aan de vertrouwelijkheid van briefwisseling tussen de advocaat en zijn cliënt op het recht van de Commissie om de overlegging te eisen van alle documenten die zij noodzakelijk acht om overtredingen op de verdragsbepalingen inzake mededinging op te sporen.

Tot slot oordeelde ook het Grondwettelijk Hof dat het beroepsgeheim van een advocaat niet moet wijken voor de noodzaak van toezicht op misbruiken van het stelsel van collectieve schuldenregeling, voor de handhaving van de absolute onpartijdigheid van de curator of voor de bestrijding van de witwasproblematiek.

Als besluit kan gesteld worden dat de vertrouwelijkheid waarvan een bestuursinstantie kan genieten in haar overleg met een advocaat, voorgaat op het beginsel van de openbaarheid van bestuur.

Lees het volledige arrest

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen