Ga verder naar de inhoud

Voorstel hoorrecht voor slacht­of­fers bij voorlopige hechtenis gaat te ver

maandag 23 februari 2026

We hebben advies uitgebracht over het wetsvoorstel tot wijziging van de Voorlopige Hechteniswet om een hoorrecht voor slachtoffers in te stellen. Hoewel we begrip hebben voor de doelstelling om het slachtoffer sterker bij de procedure te betrekken en eerder al onze steun hebben uitgesproken bij de invoering van een informatierecht, gaat de uitbreiding met een hoorrecht te ver.

Auteur

Nico Moons

Jurist studiedienst
Avatar

Deel dit artikel

Van in­for­ma­tie­recht naar hoorrecht

We hebben begrip voor de doelstelling om het slachtoffer sterker bij de procedure te betrekken en spraken eerder onze steun uit voor de invoering van een informatierecht. Dat informatierecht werd ingevoerd bij artikel 38ter van de Wet op de Voorlopige Hechtenis en verleent sinds enkele jaren aan de benadeelde persoon en de burgerlijke partij het recht om op de hoogte te worden gehouden van het verloop van de voorlopige hechtenis van de verdachte.

Het voorliggende voorstel inzake de informatieplicht gaat verder dan dit en wil een participatierecht verankeren. Het slachtoffer kan dan verzoeken om te worden gehoord bij beslissingen over de verlenging, opheffing of modaliteiten van de voorlopige hechtenis.

OVB geen voorstander

We zijn geen voorstander van dit wetsvoorstel. De voornaamste redenen daarvoor zijn de volgende:

  • De lezing van de Europese minimumnormen uit Richtlijn 2012/29/EU, waarop de indieners zich baseren, is twijfelachtig. Het recht om gehoord te worden heeft geen betrekking op iedere beslissing in de strafrechtspleging en houdt wezenlijk verband met het aanvoeren van bewijselementen, wat hier niet de doelstelling is.
  • Dit voorstel versterkt de indruk dat het strafrecht in de eerste plaats een vergeldingssysteem is, terwijl voorlopige hechtenis een uitzonderingsmaatregel zou moeten zijn.
  • Het is onaanvaardbaar dat een benadeelde persoon, zonder zelfs partij te zijn, via een hoorrecht actief kan deelnemen aan de procedure en invloed kan hebben op beslissingen.
  • De voorzitter van de raadkamer wordt reeds uitgebreid geïnformeerd om een beslissing te nemen.
  • Een burgerlijke partij kan de onderzoeksrechter of het parket steeds in kennis stellen van bijzondere omstandigheden.
  • In vergelijkend perspectief wordt in België reeds erg voorzichtig omgesprongen met potentiële veiligheidsrisico’s.
  • Het materieel toepassingsgebied is zodanig omschreven dat het hoorrecht, in tegenstelling tot het informatierecht, niet beperkt zou zijn tot misdrijven waarbij de fysieke en/of psychische integriteit werd bedreigd of aangetast.

Te verwittigen persoon

In plaats van een formeel hoorrecht pleiten wij veeleer voor een praktische versterking van de positie van het slachtoffer. Advocaten die optreden voor slachtoffers ontvangen momenteel immers pas laat en vaak slechts in beperkte mate informatie over de stand van zaken van de procedure, zeker in vergelijking met de Dienst Slachtofferonthaal (DSO).

Naar analogie zou de advocaat als “te verwittigen persoon” moeten worden geregistreerd in het MaCH-beheersysteem, zodat ook hij automatisch en tijdig op de hoogte wordt gebracht van richtinggevende beslissingen in een dossier. Deze kwestie hebben wij ook aangekaart bij de bevoegde minister.

Ook interessant

Europees & internationaal recht Strafrecht
donderdag 18 juni 2026

Comité van Ministers streng over toestand Belgische gevangenissen

Het Comité van Ministers van de Raad van Europa heeft een nieuwe beslissing met aanbevelingen gepubliceerd over de gebrekkige implementatie van het Vasilescu-arrest over de overbevolking en de erbarmelijke leefomstandigheden in de Belgische gevangenissen.

Het Comité heeft duidelijk rekening gehouden met de input die we voorafgaand via een Rule 9 bijdrage hebben overgemaakt.

Meer lezen
Gerechtelijk recht Strafrecht
woensdag 17 juni 2026

Partijen moeten in staat blijven hun rechter te kennen

We hebben een kritisch advies geschreven bij het wetsvoorstel over de bescherming van magistraten en griffiers via het afschermen van hun identiteit. We vinden de voorgestelde regeling onverenigbaar met de fundamenten van een eerlijk proces en hekelen de manke argumentatie en rechtsvergelijking.

Meer lezen