Ga verder naar de inhoud

Ka­mer­com­mis­sie keurt wetsontwerp over woonst­be­tre­din­gen goed

donderdag 08 oktober 2026

De Kamercommissie Binnenlandse Zaken heeft een wetsontwerp over woonstbetredingen goedgekeurd. Daarmee krijgt de politie onder bepaalde voorwaarden de mogelijkheid om een woning te betreden om een uitvoerbare maatregel tot terugdrijving, verwijdering of overdracht uit te voeren. Wij blijven fundamentele bezwaren hebben bij de noodzaak en proportionaliteit van deze verregaande maatregel.

Auteur

Laurence Lambert

Jurist studiedienst
Laurence Lambert

Deel dit artikel

Het wetsontwerp 1591 tot wijziging van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen wat de woonstbetreding betreft werd op 3 juni 2026 ingediend en besproken in de Kamercommissie Binnenlandse Zaken. Tijdens de hoorzitting op 23 juni 2026 lichtte stafhouder Kati Verstrepen, voorzitter van de OVB-commissie migratierecht, onze bezwaren toe. 

Op woensdag 7 oktober 2026 nam de Kamercommissie de artikelen uiteindelijk aan in tweede lezing. Daarbij keurde zij een aantal amendementen goed. Deze wijzigingen nemen onze fundamentele bezwaren over de noodzaak, proportionaliteit en rechtsbescherming echter niet weg.

Wat maakt het wetsontwerp mogelijk?

Na de inwerkingtreding zal een politieambtenaar, met een machtiging van de onderzoeksrechter, de verblijfplaats van een vreemdeling kunnen betreden, ook wanneer het om de woning van een derde gaat. 

Dat kan onder zes cumulatieve voorwaarden, waaronder:

  • Er bestaan redelijke gronden om aan te nemen dat de betrokkene een gevaar vormt voor de openbare orde of de nationale veiligheid
  • de betrokkene werkt niet mee aan een uitvoerbare terugkeer- of overdrachtsmaatregel
  • er kan geen minder ingrijpende maatregel doeltreffend worden toegepast

De nieuwe regeling sluit een machtiging ten aanzien van een minderjarige uit. Wanneer minderjarigen op het betrokken adres aanwezig zijn, kan de onderzoeksrechter de uitvoeringsmodaliteiten bepalen en bijzondere beschermingsmaatregelen opleggen, zoals een uitvoering tijdens de schooluren.

Welke wijzigingen werden aangebracht?

  • Begeleiding door DVZ. Bij een woonstbetreding moeten één of meer ambtenaren van de Dienst Vreemdelingenzaken de politie begeleiden. Zij kunnen de reden en de procedure toelichten en vragen beantwoorden, maar mogen geen dwang uitoefenen.
  • Bijkomende informatie voor de onderzoeksrechter. De onderzoeksrechter kan de minister of diens gemachtigde om bijkomende informatie vragen wanneer dat nodig is om de aanvraag te beoordelen.
  • Langere beslissingstermijn. De termijn waarbinnen de onderzoeksrechter beslist, wordt verlengd van vijf naar zeven werkdagen.
  • Nieuwe aanvraag na een weigering. Een nieuwe aanvraag tot woonstbetreding voor dezelfde vreemdeling is alleen mogelijk wanneer een nieuw element wordt aangevoerd. Eerdere aanvragen en beslissingen moeten worden vermeld.
  • Extra bescherming van minderjarigen. Als minderjarigen aanwezig zijn, bepaalt de onderzoeksrechter de uitvoeringsmodaliteiten en kan hij bijzondere beschermingsmaatregelen opleggen.
  • Evaluatie van de wet. De minister bevoegd voor Asiel en Migratie moet uiterlijk achttien maanden na de inwerkingtreding een evaluatie aan de Kamer bezorgen, met bijzondere aandacht voor de impact op minderjarigen.
  • Afstemming met de privacywetgeving. De wet treedt in werking op 1 maart 2027, tenzij de Koning een eerdere datum bepaalt, zodat de inwerkingtreding kan worden afgestemd op de wet over de verwerking van persoonsgegevens door de Dienst Vreemdelingenzaken.

Deze amendementen doen evenwel geen afbreuk aan onze eerdere argumenten. De woonstbetreding blijft een bijzonder ingrijpende maatregel waarvan de noodzaak onvoldoende is aangetoond en waartegen geen doeltreffend rechtsmiddel openstaat.

Fun­da­men­te­le bezwaren blijven bestaan

Ook na de goedgekeurde amendementen blijven fundamentele bezwaren die door stafhouder Kati Verstrepen werden toegelicht tijdens de hoorzitting op 23 juni, overeind.

  • De noodzaak is onvoldoende aangetoond. Het bestaande wettelijke kader biedt al verschillende mogelijkheden om terugkeerbeslissingen uit te voeren, waaronder de verplichting tot medewerking, begeleidingstrajecten en gedwongen terugkeer door de politie.
  • De inmenging in grondrechten is bijzonder verregaand. Een woonstbetreding zonder toestemming raakt rechtstreeks aan de onschendbaarheid van de woning en het recht op eerbiediging van het privé- en gezinsleven, ook van derden die op het adres verblijven.
  • De verplichting om eerst minder ingrijpende maatregelen te benutten, blijft te weinig concreet. Daardoor bestaat het risico dat de woonstbetreding ook wordt ingezet wanneer andere middelen niet daadwerkelijk zijn onderzocht of geprobeerd.
  • Een doeltreffend rechtsmiddel ontbreekt. Tegen de machtiging van de onderzoeksrechter staat geen beroep open. Vooral eigenaars en andere bewoners van de woning beschikken niet over een duidelijke mogelijkheid om de inmenging te laten toetsen.
  • Ook Europeesrechtelijke en gegevensbeschermingsrechtelijke vragen blijven bestaan. De regeling moet stroken met het proportionaliteitsbeginsel, de Europese terugkeerregels en de vereisten voor de verwerking van persoonsgegevens.

Efficiënt te­rug­keer­be­leid vereist rechts­sta­te­lij­ke waarborgen

Wij erkennen het belang van een doeltreffend terugkeerbeleid, maar benadrukken dat efficiëntie nooit ten koste mag gaan van fundamentele rechten en effectieve rechtsbescherming. 

Het wetsontwerp wordt nu overgemaakt aan de plenaire vergadering, waar het definitief gestemd zal worden.

Ook interessant

Migratierecht
dinsdag 29 september 2026

CGVS versoepelt regeling voor audio-opnames en stuurt planning gehoren bij

Dit moet u weten over het beluisteren van audio-opnames en de planning van het persoonlijk onderhoud. 

Meer lezen
Kind op weg
Migratierecht
maandag 28 september 2026

Bevestiging waarborgen bij beperking van opvang voor minderjarige asielzoekers

Op 24 september 2026 sprak het Grondwettelijk Hof zich uit over verschillende bepalingen van de wetten van 14 juli 2025 die de asielprocedure en de opvang van verzoekers om internationale bescherming hervormen.

Meer lezen