Grondwettelijk Hof schorst strengere regels rond gezinshereniging en opvang van asielzoekers
Op 26 februari 2026 heeft het Grondwettelijk Hof twee belangrijke schorsingsarresten uitgesproken in het asiel- en migratierecht. In beide zaken acht het Hof de bestreden wetswijzigingen potentieel strijdig met het EU-recht en fundamentele rechten, en stelt het prejudiciële vragen aan het Europees Hof van Justitie.
Arrest 1 Opvang van asielzoekers
In het eerste arrest (23/2026) schorst het Hof bepalingen uit de wetten van 14 juli 2025 die materiële hulp weigeren aan asielzoekers die reeds internationale bescherming genieten in een andere EU-lidstaat en die de mogelijkheid van financiële hulp in bijzondere omstandigheden afschaffen.
Het Hof oordeelt immers dat beide maatregelen een ernstig en moeilijk te herstellen nadeel kunnen veroorzaken. Omdat het onzeker is of het weigeren van materiële hulp verenigbaar is met het EU-recht, stelt het Hof daarover een prejudiciële vraag aan het Europees Hof van Justitie en schorst het de betrokken bepalingen voorlopig.
Ook de afschaffing van financiële hulp wordt geschorst, omdat dit potentieel strijdig is met het EU-recht, het recht op menselijke waardigheid en andere grondrechten, vooral voor asielzoekers die door overbezetting geen opvang krijgen.
Het Hof zal binnen drie maanden uitspraak doen over de beroepen tot vernietiging van deze bepalingen.
Arrest 2 Gezinshereniging van subsidiair beschermden
In het tweede arrest (24/2026) schorst het hof de bepalingen van de wet van 18 juli 2025 die nareizende familieleden van subsidiair beschermden onderwerpen aan strengere voorwaarden dan die welke gelden voor vluchtelingen of voor meereizende gezinsleden. Het gaat onder meer om een verplichte retributie, een wachttijd van twee jaar, voorwaarden inzake inkomen, huisvesting en ziekteverzekering, en strengere bewijsregels voor familiebanden.
Twee gezinnen hebben die maatregelen aangevochten. Volgens het Hof is niet uitgesloten dat dit onderscheid onverenigbaar is met het Handvest van de grondrechten van de EU, in het bijzonder het recht op gezinsleven en het hoger belang van het kind. Daarom stelt het Hof vijf prejudiciële vragen aan het Europees Hof van Justitie.
De bepalingen blijven geschorst tot na het antwoord van het Europees Hof van Justitie en de uitspraak over de vernietigingsberoepen.
Lees ook
Nieuwe regels voor gezinshereniging van kracht
Sinds 18 augustus 2025 geldt in België een nieuwe wet die ingrijpende en belangrijke veranderingen doorvoert rond gezinshereniging. Wij zetten de voornaamste nieuwigheden voor u op een rij en lichten enkele aandachtspunten toe.
Ook interessant
Grondwettelijk Hof: Bestaansmiddelen partner tellen mee bij gezinshereniging met Belg
Een recent arrest van het Grondwettelijk Hof bevestigt dat bij gezinshereniging met een Belg niet alleen naar het inkomen van de referentiepersoon mag worden gekeken, maar ook naar dat van de aanvrager zelf.
Raad van State schorst ministeriële instructie aan Fedasil inzake opvangbeleid
In zijn arrest van 27 maart 2026 heeft de Raad van State de instructie van minister Anneleen Van Bossuyt geschorst. Die instructie verplichtte Fedasil om alle aanvragen voor internationale bescherming van personen die al bescherming genieten in een andere EU-lidstaat systematisch als “volgende verzoek” te behandelen.