Ga verder naar de inhoud

EHRM veroordeelt België wegens gebrekkige opvang verzoekers in­ter­na­ti­o­na­le bescherming

vrijdag 17 april 2026

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft op 9 april 2026 België veroordeeld wegens gebrekkige opvang van verzoekers om internationale bescherming. 

Het Hof benadrukt dat structurele problemen in het opvangnetwerk geen verantwoording kunnen vormen voor het niet uitvoeren van rechterlijke beslissingen.

Auteur

Laurence Lambert

Jurist studiedienst
Laurence Lambert

Deel dit artikel

Feiten en procedure

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) heeft België op 9 april 2026 veroordeeld omdat verzoekers om internationale bescherming maandenlang zonder opvang achterbleven. Ondanks definitieve beslissingen van de Brusselse arbeidsrechtbank kregen zij geen huisvesting of materiële bijstand, wat volgens het Hof neerkomt op schendingen van verschillende Europese grondrechten.

De zaak betrof vier verzoekers om internationale bescherming die in 2022 in België aankwamen. Ondanks beslissingen van de Franstalige arbeidsrechtbank te Brussel, waarbij de Belgische Staat werd opgedragen hen opvang en materiële bijstand te bieden, verbleven zij gedurende lange periodes (tussen 111 en 338 dagen) op straat. 

Ook na het opleggen van voorlopige maatregelen door het EHRM bleef de uitvoering door de Belgische autoriteiten uit of gebeurde die slechts na aanzienlijke vertraging.

Beoordeling door het Hof

Het EHRM oordeelt unaniem dat er sprake is van:

  • een schending van artikel 3 EVRM (verbod op foltering): het langdurige gebrek aan opvang, het ontbreken van middelen om in elementaire levensbehoeften te voorzien en het verblijf op straat – onder meer tijdens de winter – vormden een aantasting van de menselijke waardigheid;
  • een schending van artikel 6, §1 EVRM (recht op een eerlijk proces): de Belgische Staat voerde definitieve rechterlijke beslissingen niet binnen een redelijke termijn uit;
  • een schending van artikel 34 EVRM (individuele verzoekschriften): de voorlopige maatregelen opgelegd door het Hof werden niet binnen een redelijke termijn nageleefd.

België werd veroordeeld tot het betalen van schadevergoedingen aan de betrokken verzoekers om internationale bescherming.

Ook interessant

Migratierecht
dinsdag 29 september 2026

CGVS versoepelt regeling voor audio-opnames en stuurt planning gehoren bij

Dit moet u weten over het beluisteren van audio-opnames en de planning van het persoonlijk onderhoud. 

Meer lezen
Kind op weg
Migratierecht
maandag 28 september 2026

Bevestiging waarborgen bij beperking van opvang voor minderjarige asielzoekers

Op 24 september 2026 sprak het Grondwettelijk Hof zich uit over verschillende bepalingen van de wetten van 14 juli 2025 die de asielprocedure en de opvang van verzoekers om internationale bescherming hervormen.

Meer lezen