Ga verder naar de inhoud

Rechtspraak-advocatuur Europees Aan­hou­dings­be­vel kan worden uitgesteld wegens on­men­se­lij­ke de­ten­tie­om­stan­dig­he­den

Op 5 april 2016 antwoordde het Hof van Justitie van de EU op een Duitse prejudiciële vraag dat de tenuitvoerlegging van een Europees Aanhoudingsbevel kan worden uitgesteld wanneer er een concreet en reëel risico bestaat dat de betrokken persoon in onmenselijke detentieomstandigheden zal belanden.

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Rolnummer: C-2016-198

Een Duitse rechter moest zich uitspreken over de tenuitvoerlegging van twee Europese Aanhoudingsbevelen (EAB). Het eerste EAB werd uitgevaardigd door Hongarije met het oog op de strafvervolging van een aantal inbraken. Het tweede EAB werd uitgevaardigd door Roemenië met het oog op de uitvoering van een Roemeense veroordeling tot een vrijheidsstraf.

Slechte detentieomstandigheden in uitvaardigende staat

De Duitse rechter stelt vast dat zowel Hongarije als Roemenië recent door het EHRM werden veroordeeld wegens een schending van artikel 3 EVRM omdat de detentieomstandigheden in de overbevolkte gevangenissen beneden de mensenrechtelijke standaard waren. Ook het Europees Comité ter Preventie van foltering en onmenselijke of vernederende behandelingen of straffen stelde die barre detentieomstandigheden in beide landen vast.

De Duitse rechter vroeg zich daarom af of die omstandigheden een overlevering in de weg kunnen staan wanneer de uitvaardigende staat geen waarborgen kan geven die dat beletsel wegnemen. De rechter stelde daarom in beide zaken een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

Hof van Justitie: tenuitvoerlegging EAB mag grondrechten niet schenden

Het Hof herhaalt dat het EAB berust op het beginsel van wederzijdse erkenning van rechterlijke beslissingen en dat EAB's in principe moeten worden uitgevoerd door de andere EU-lidstaten, tenzij er sprake is van de in het kaderbesluit bepaalde weigeringsgronden. Toch stelt het Hof vast dat lidstaten altijd en overal de fundamentele grondrechten moeten respecteren. Het verbod op foltering of onmenselijke of vernederende behandeling is een van die fundamentele rechten (artikel 3 EVRM en artikel 4 EU-Handvest).

De tenuitvoerlegging van een EAB mag dan ook niet leiden tot een schending van die bepalingen, bijvoorbeeld door de slechte detentieomstandigheden. Wanneer de uitvoerende lidstaat vaststelt dat er een reëel risico bestaat dat de betrokkene zal worden onderworpen aan zulke detentieomstandigheden, kan ze de tenuitvoerlegging van het EAB uitstellen.

Reëel en concreet risico

Vermoedens van slechte detentieomstandigheden volstaan echter niet. Objectieve en nauwkeurige gegevens (zoals arresten van het EHRM of rapporten van de CPT) moeten ze vaststellen.

Het is ook niet voldoende dat de algemene detentieomstandigheden in de uitvaardigende lidstaat ondermaats zijn. De uitvoerende lidstaat moet op basis van precieze en concrete gegevens redelijkerwijze kunnen verwachten dat er een reëel risico bestaat dat de betrokkene in concreto in zulke omstandigheden zal verzeilen. Eventueel moet aan de uitvaardigende lidstaat bijkomende inlichtingen ter zake worden gevraagd.

Pas wanneer die bijkomende inlichtingen dergelijk risico kunnen uitsluiten, kan de uitvoerende staat overgaan tot de tenuitvoerlegging van de EAB. Indien dat gevaar niet binnen een redelijke termijn kan worden uitgesloten, kan de rechter in de uitvoerende staat beslissen om de overleveringsprocedure definitief te beëindigen.

Lees het volledige arrest

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen