Ga verder naar de inhoud

Rechtspraak-advocatuur De waarde van goederen die aan­van­ke­lijk behoorden tot het ge­meen­schap­pe­lijk vermogen bepaald op het ogenblik van de verdeling

De waarde van goederen die aanvankelijk behoorden tot het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten ingevolge de ontbinding van het stelsel, afhangen van de tussen de echtgenoten ontstane postcommunautaire onverdeeldheid, wordt bepaald op het ogenblik van de verdeling en niet op het ogenblik van de ontbinding van het huwelijk.

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Rolnummer: C.7.0394.N/1

De eiser vorderde voor het hof van beroep te Gent, naar aanleiding van de ontbinding van het huwelijksvermogenstelsel, de terugbetaling van een schenking door zijn vader van een bedrag van 74.368,06 euro (aandelen). Hij eiste de vergoeding van deze schenking lastens het gemeenschappelijk vermogen, waarvan de waarde, volgens de eiser moest worden geschat op het ogenblik van de verdeling van onverdeeldheid. Indien het Hof van Beroep aan deze schenking zou twijfelen, dan vroeg de echtgenoot te bewijzen, door alle middelen van recht, getuigen inbegrepen, dat dit effectief het geval is geweest.

Het hof van beroep in Gent oordeelde vooreerst dat eiser bewijst noch aanbiedt te bewijzen dat de schenking door zijn vader uitsluitend zijn eigen vermogen ten goede is gekomen zodat hij aanspraak zou kunnen maken op een vergoeding lastens het gemeenschappelijk vermogen en dat zijn bewijsaanbod beperkt tot de loutere overhandiging van die fondsen door zijn vader niet dienstig is voor de oplossing van dat onderdeel van het geschil.

Vervolgens oordeelde het hof van beroep dat de aandelen deel uitmaakten van het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten en dat de boedelnotaris de waarde van die aandelen dient te bepalen op datum van de ontbinding van het huwelijk van de partijen.

Het Hof van Cassatie vernietigde het arrest van het hof van beroep te Gent. Het Hof verwees vooreerst naar artikel 1427 Burgerlijk Wetboek waarin wordt bepaald dat het wettelijk stelsel wordt ontbonden door het overlijden van een der echtgenoten, de echtscheiding of de scheiding van tafel en bed, de gerechtelijke scheiding van goederen of nog de overgang naar een ander huwelijksvermogenstelsel. Na de ontbinding van het huwelijksvermogenstelsel met een gemeenschap van goederen ontstaat tussen de gewezen echtgenoten een onverdeeldheid, die in de regel beheerst wordt door het gemeen recht.

Vervolgens greep het Hof van Cassatie terug naar artikel 577, §2 en § 8 van het Burgerlijk Wetboek. In dat artikel wordt bepaald dat de onverdeelde aandelen worden vermoed gelijk te zijn en is de verdeling van de gemeenschappelijke zaak onderworpen aan de regels die bepaald zijn in de titel Erfenissen van het Burgerlijk Wetboek. Krachtens artikel 890 Burgerlijk Wetboek worden, om te beoordelen of er een benadeling is geweest, de onverdeelde goederen geschat op hun waarde ten tijde van de verdeling.

Op basis van die overwegingen besliste het Hof dat bij de verdeling de waarde van de goederen, die aanvankelijk behoorden tot het gemeenschappelijk vermogen van de echtgenoten en op het ogenblik van de verdeling, ingevolge de ontbinding van het stelsel, afhangen van de tussen hen ontstane postcommunautaire onverdeeldheid, moet worden bepaald op het ogenblik van de verdeling en niet op datum van de ontbinding van het huwelijk van de partijen.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen