Ga verder naar de inhoud

Rechtspraak-advocatuur Afstamming

Het Grondwettelijk Hof sprak zich op 3 mei 2012 uit over de grondwettigheid van art. 332quinquies, § 2, eerste lid BW. Deze bepaling gaat over het verzet van het minderjarige niet-ontvoogde kind ouder dan twaalf jaar en van de ouder wiens afstammingsband reeds vast staat, tegen het gerechtelijk onderzoek naar het moeder- of vaderschap.

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Rolnummer: 5296

De rechtbank kan in die gevallen de vordering afwijzen indien het kind één jaar oud is bij de indiening van de vordering en de vaststelling van de afstamming kennelijk strijdig is met de belangen van het kind. Is het kind jonger dan één jaar, dan wordt de afstamming vastgesteld zonder toets aan het belang van het kind. Art. 318, § 5 BW (vordering tot betwisting van het vaderschap door de beweerde biologische vader) verwijst naar deze bepaling.

Het Hof stelde een schending vast van de artikelen 10, 11 en 22bis, vierde lid (belang van het kind) Gw. Dit in zoverre art. 332quinquies, § 2, eerste lid BW aan de rechter bij wie een vordering op grond van artikel 318, § 5 BW aanhangig is gemaakt, gedurende het eerste levensjaar van een kind, door een man die beweert de biologische vader te zijn van dat kind, niet ertoe in staat stelt controle uit te oefenen op het belang van het kind bij de vaststelling van de afstamming.

Het Hof stelt dat de leeftijd van één jaar wel een objectief criterium is, maar dat dit niet pertinent is ten aanzien van de in het geding zijnde maatregel. “Niets kan verantwoorden dat de rechter bij wie een verzoek tot vaststelling van vaderschap aanhangig is gemaakt op het ogenblik dat het kind één jaar of ouder is, het belang van het kind in aanmerking neemt, terwijl hij daarmee geen rekening zou kunnen houden wanneer de vordering aanhangig is gemaakt op het ogenblik dat het kind jonger is dan één jaar.” Bovendien doet de maatregel op onevenredige wijze afbreuk aan de rechten van de betrokken kinderen. Er wordt immers geen rekening gehouden met het belang van het kind (art. 3.1 VRK en art. 22bis Gw.) bij de vaststelling van zijn afstamming langs vaderszijde wanneer de vordering aanhangig wordt gemaakt op het ogenblik dat het kind jonger is dan één jaar.

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen